Nederland blijft achter bij snelle honkbalveranderingen

HAARLEM, 24 juli De Nederlandse honkbalploeg gebruikt de 15de Haarlemse Honkbalweek als voorbereiding op het wereldkampioenschap, dat van 4 tot en met 19 augustus in Edmonton in Canada wordt gehouden. Dat zegt wel niemand van de begeleiding van Oranje hardop uiteindelijk kun je het talrijke publiek in Haarlem niet voorschotelen dat het naar oefenwedstrijden zit te kijken maar drie trainingen vooraf aan de honkbalweek zijn natuurlijk onvoldoende geweest om het team op scherp te zetten. Dat blijkt ook wel, want zaterdag verloor Nederland met 43 van de B-ploeg van Taiwan, zondag met 31 van de tweede keus van Cuba, terwijl het gisteren op het nippertje met 76 won van de jonge en daardoor nog onervaren ploeg van spelers onder de naam Pac Ten. Het gaat hier om een selectie van spelers die uitkomen in een gedeelte van de Amerikaanse college competitie.

Een mager resultaat. Te meer omdat straks in Canada de A-ploegen van Taiwan en Cuba zullen aantreden en Amerika ongetwijfeld een ploeg zal formeren uit de top-universiteitsteams van dat land. Maar toch blijft Jim Stoeckel, de Amerikaanse coach van Nederland, beweren dat Oranje de Haarlemse Honkbalweek wil winnen en dat het op het wereldkampioenschap bij de vijf beste ploegen wil behoren. Stoeckel kan natuurlijk ook moeilijk anders beweren, daarvoor is hij als een soort vakantiehulp ingehuurd. Maar de werkelijkheid ligt toch even anders.

Blamerend

De stemming in Haarlem wordt er niet beter op. Eerst kwam het bericht door dat de Nederlandse softbalploeg in Normal in Amerika tijdens het wereldkampioenschap terug naar af was door zich niet eens te kunnen plaatsen voor de play-offs. Het werd uiteindelijk vijfde in de eigen poule, nota bene nog achter aartsrivaal Italie, ook al werd hiervan in een onderling prestigeduel met 93 gewonnen. Amerika werd uiteindelijk wereldkampioen. Een nog grotere dreun werd uitgedeeld toen bekend werd dat de Nederlandse junioren honkbalploeg als titelhouder vierde was geworden op het Europees kampioenschap in Antwerpen, waar Italie uiteindelijk met de eer ging strijken. Blamerende nederlagen tegen Spanje en Frankrijk (nooit eerder voorgekomen) hielden Nederland buiten de prijzen. 'Omdat we een kadettenploeg met jongens van zo rond de vijftien jaar hebben afgevaardigd', wist een bondsofficial nog te vertellen. 'Om te leren', voegde hij eraan toe. Dat 'leren' is in de 78 jaar dat er nu in Nederland wordt gehonkbald een sleutelwoord geworden. Er is ook veel geleerd. Het honkbal is met sprongen vooruit gegaan, daar is geen twijfel over mogelijk. Maar overal elders buiten Europa gaat het echter twee keer zo hard. Oranje won vorig jaar zeer verrassend het World Port Tournament in Rotterdam, maar op het Europees kampioenschap daar vlak na in Parijs verloor het weer op een knullige manier de titel aan Italie na een riante voorsprong. Opel Nicols won in juni na vijftien jaar weer eens de Europa Cup. Terug in eigen land krijgen de Haarlemmers klap op klap en is het maar helemaal de vraag of de ploeg de play-offs wel zal halen. Het kan vriezen en het kan dooien.

Cruciaal

Ook in Haarlem. Linksvelder Rene Rijst liet in de eerste en de derde wedstrijd van Oranje op cruciale momenten de bal uit zijn hand vallen. Wiesmar Ansjeliena, die in het begin van dit jaar nog een test mocht afleggen bij de profclub van de Toronto Blue Jays, realiseerde zich tijdens de eerste wedstrijd niet dat er al twee mensen uit waren en probeerde nog een nul te maken op het derde honk, terwijl iedere jeugdspeler toch weet dat de uit op het eerste honk moet worden gemaakt in zo'n situatie. Genant werd het in de tweede wedstrijd van Nederland tegen Cuba. In de achtste inning kreeg Eric de Bruin, een van de beste slagmensen van Nederland, opzettelijk 4-wijd om de honken vol te laten lopen om zo eenvoudiger een nul te kunnen maken. De volgende slagman Marcel Kruyt, die gisteravond pas als nummer vier op de slaglijst zijn eerste honkslag gaf, kon niet anders dan een eenvoudig klapje in het binnenveld produceren, waardoor een uit kon worden gemaakt. Toen zich in de gelijkmakende slagbeurt een identieke situatie voordeed met Cuba, ranselde de collega-buitenvelder van Kruyt, Romelio Martinez, de bal wel voor een tweehonkslag tegen het buitenveldhek en kon zo opnieuw een punt worden gescoord. Een nuanceverschil.

Ben Wade, de top-scout van de Los Angeles Dodgers die in Haarlem aanwezig is, legt de positie van Nederland meedogenloos bloot. 'Het amateurhonkbal ontwikkelt zich razendsnel. Neem nu in mijn land. Toen ik zelf nog honkbalde was een eigen kweekvijver voor de topclubs in Amerika van essentieel belang. Er was toen een zeer uitgebreid netwerk van minor league-clubs om daarvoor te zorgen. Nu is dat aantal tot een minimum beperkt. Wij kunnen nu vaak universiteitsspelers zo in het lager profhonkbal plaatsen en ook wel honkballers uit andere landen. Laat ik het zo zeggen. In Nederland is talent, net als overal elders in de wereld. Een enkele speler zoals Robert Eenhoorn, die nu voor de Yankees speelt, kan de absolute top halen. Een enkele andere, zoals Rikkert Faneyte bijvoorbeeld, kan nu aardig meedraaien op het lagere profniveau. Maar een of twee spelers met goede capaciteiten maakt nog geen team dat in zijn geheel op hoog niveau draait. Dat is nog heel verre toekomstmuziek. Daarom zijn de resultaten van Nederland zo wisselvallig.'

    • Joop Köhler