Nederlandse zakenman laat zich graag in sobere bolide naar Schiphol brengen

UTRECHT, 21 juli Achter een bescheiden garagedeur langs de al even bescheiden Amsterdamsestraatweg in Utrecht gaat een groot aantal sjieke bolides schuil, dure auto's die aan veelal even dure mensen worden verhuurd, inclusief chauffeur in donkerblauw pak, met peten zwarte handschoenen.

Het is het wagenpark van het autoverhuurbedrijf Royal Dutch, vol vermaarde old timers zoals de ex-staatsieauto van de aartsbischop van Canterbury, de ex-hofauto van de vroegere koningin Juliana en een Cadillac Fleedwood uit de collectie van Elvis Presly. De kleine onderneming uit Utrecht (vijf vaste medewerkers) noemt zich de enige in haar soort en adverteert zelfs in de gezaghebbende zakenkrant The Wall Street Journal met de wervende tekst: Royal Dutch Limousine en Airport service, most exclusive collection of Limousines en Classic Cars.

De muren van het kantoortje boven de garage hangen vol met kleurrijke foto's van de show-paardjes uit de collectie en met kiekjes van Juliana, Bernhard, Beatrix en Claus telkens in of naast statige auto's. Tussen twee staatsieportretten van het Nederlands vorstenpaar prijkt het embleem van hofleverancier. De zilverkleurige neus van een Rolls Royce steekt recht de kamer in, een uitvergroot plastic beeld van de flying lady staat op tafel.

Boven de deuropening hangt de spreuk: 'In god we trust all others pay cash'. 'In elke branche heb je wanbetalers.'

Marc W. Ringens, dejonge firmant van Royal Dutch zit achter een groot bureau. Zijn expose over het wel en wee van het autoverhuurbedrijf wordt zo nu en dan onderbroken door het gerinkel van telefoons twee telefoons, een witte voor de trouwauto's van Meijers, een rode voor het zakelijk verhuur van Royal Dutch.

Royal Dutch is een afsplitsing van autoverhuurbedrijf Meijers dat in 1928 door 'Pa Meijers' is begonnen. Royal Dutch werd eind 1989 opgericht om het zakelijk verhuur te scheiden van 'het trouwgebeuren', legt Ringens uit. Grote bedrijven huren volgens hem liever bij een bedrijf dat Royal Dutch heet, dan bij Meijers Autobedrijf dat vooral bekend staat om zijn collectie huwelijksauto's. 'Dat is een psychologische factor.'

Met een taxibedrijf mag je Royal Dutch niet vergelijken, meent Rinkens. Natuurlijk, een taxi heeft ook wel eens een Rolls in de verhuur, maar beschikt zeker niet over zo'n uitgebreid wagenpark als Royal Dutch (tien Rolls Royce's veelal met ingebouwde bar, acht Chevrolets, drie Bentley's, vijf Mercedessen, een BMW, een Jaguar, een Daimler, een Cadillac en een Porche). Een taxibedrijf stelt bovendien niet zulke hoge eisen aan zijn chauffeurs. 'De gemiddelde taxichauffeur heeft geen driedelig donkerblauw, pet, wit overhemd, grijze stropdas en, als het weer het toelaat, zwarte handschoenen. Onze chauffeurs praten ook minder, alleen als het hen gevraagd wordt. Ze spreken ABN (algemeen beschaafd Nederlands - red)en op zijn minst twee buitenlandse talen.' De 25-jarige Rinkens die volgens eigen zeggen al op zijn eenentwintigste een eigen Rolls Royce reed, rolde vorig jaar het Utrechtse bedrijf binnen. 'Met en kruiwagen kom je overal, als je maar niet te hard doorduwt.'

Rinkens kruipt zelf ook achter het stuur als belangrijke clienten moeten worden gereden.

Namen van klanten geeft Rinkens niet. Daar stellen bedrijven geen prijs op. Sterker nog, sommige willen helemaal niet weten dat ze auto's huren: ze plakken de chauffeur hun bedrijfnaam op de pet en hangen de auto vol met hun naamplaatjes en logo's.

Nederlanders zijn van nature bescheiden, constateert Rinkens, zeker de zakenmensen. 'Ze laten zich liever in een verlengde Mercedes rijdendan in een verlengde Cadillac. De doorsnee manager wil per definitie niet opvallen.'

Wel constateert Rinkens een smaakverschil tussen noorderlingen en zuiderlingen. 'Een Limburger is sneller geneigd om iets meer luxe om zich te hangen dan bijvoorbeeld een Groninger.' Het meeste zakelijke verkeer waarin Royal Dutch voorziet, loopt van en naar de luchthavens Zaventem en Schiphol. Dat gebeurt veelal in de minder opvallende bolides. 'Je gebruikt geen Rolls Royce om een overname te regelen of om iets te verkopen, dat lijkt me niet logisch.' Maar bij jubilea en speciale festiviteiten willen ook Nederlandse ondernemers nog wel eens uitpakken. Zo vroeg een Nederlands bedrijf Royal Dutch vorig jaar om zeven Rolls Royce's, daar de directeur zich bij die gelegenheid uitsluitend in een Rolls wilde laten zien. En zohuurde een ander Nederlands bedrijf niet minder dan 23 Rolls Royce'ster gelegenheid van het vijftig jarig bestaan.

Meer extravagante wagens worden volgens Rinkens wel eens ingezetvoor buitenlandse ondernemers die hier een dochterbedrijf aandoen. 'Een directeur van een Amerikaans bedrijf bijvoorbeeld wordt door een van onze wagens van het vliegveld gehaald. Zijn vrouw tourt dan vervolgens drie dagen met de auto en chauffeur door het land.' De chauffeurs zelf genieten meer van show en glamour, van TV-optredens bijvoorbeeld, legt Rinkens uit. Zo moesten zeven Rollsen met Robert Longop het toneel, heeft ook Andre van Duyn weleens bolides nodig, en huurt filmproducent Mathijs van Heijningen met enige regelmaat chique auto's bij Royal Dutch.

Het bedrijf vervoert niet alleen ondernemers en bekende Nederlandersuit de showbiss, maar rijdt ook politici. Zo maakt het provinciaal bestuur van Utrecht wekelijks gebruik van de bolides en de geuniformeerde chauffeurs van Royal Dutch.

Voor een klassieke Rolls is iemand per dag al gauw 2000 gulden kwijt, exclusief de overnachtingskosten voor de chauffeur. De huur van een Mercedes is uiteraard enkele honderdjes goedkoper.

Volgens Rinkens heeft het verhuurbedrijf geen last gehad van Oort, de belastingoperatie die een streep haalde door menig aantrekkelijkeaftrekpost. Ook van een eventuele economische recessie zou Royal Dutch geen hinder ondervinden. 'Nee, elk jaar krijgen we er alleen maar auto's bij. De vraag naar dure auto's neemt slechts toe.' Royal Dutch overweegt nu een Ferrari aan te schaffen.