Journalist na schietpartij in Leiden gearresteerd

ROTTERDAM, 21 juli Bij de schietpartij donderdagavond in Leiden, waarbij een lid van een Haags arrestatieteam een tot nu toe nog onbekende man heeft doodgeschoten, heeft de Leidse politie de journalist Thijs Jansen aangehouden. Hij zou door zijn aanwezigheid binnen een afzetting het onderzoek door de politie hebben bemoeilijkt.

Jansen, die gisteren na verhoor weer werd vrijgelaten, zegt dat de politie hem tijdens zijn verblijf op het hoofdbureau heeft getreiterd en dat zijn fotocamera kapot is gemaakt. Het filmpje uit de camera heeft de politie in beslag genomen.

De Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ) heeft bij de Leidse hoofdcommissaris om opheldering gevraagd over de arrestatie. De NVJ protesteert met klem tegen de inbeslagneming van journalistiek materiaal. De organisatie constateert met bezorgdheid dat de spanningen tussen journalisten en politie toenemen.

Toen de journalist op de Barnsteenlaan in Leiden aankwam zag hij dat de politie daar een afzetting had gemaakt. Hij liet zijn perskaart zien en waarna een man binnen de afzetting het lint voor hem omhoog hield. De man wees hem waar hij foto's kon maken van een auto waarin geweren lagen.

Meteen daarna werd hij door een politieman in uniform gesommeerd het afgezette gebied te verlaten. Ook buiten de afzetting maakte hij nog wat opnamen. Daarna werd hij door twee mensen beetgepakt, in een auto gezet en naar het politiebureau gebracht.

Een woordvoerder van de Leidse politie zegt dat de journalist bij zijn aanhouding binnen de afzetting stond. Hij is andermaal gesommeerd weg te gaan, maar daarop het antwoord van luidde volgens daar op: 'Dan moet je me maar meenemen.' De woordvoerder ontkent dat de politie de journalist heeft getreiterd of hem heeft gedreigd dat hij in Leiden zijn werk niet meer zou kunnen doen. Maar het staat de journalist vrij een klacht in te dienen, aldus de zegsman.