Jaruzelski zinspeelt op zijn aftreden

WARSCHAU, 20 juli De Poolse president Jaruzelski heeft gisteren voor het eerst in het openbaar gezinspeeld op de mogelijkheid van vervroegd aftreden.

Jaruzelski, die een jaar geleden tot president werd gekozen, zei zich niet te willen mengen in het debat dat al maanden wordt gevoerd over zijn aftreden en over vervroegde presidentsverkiezingen: 'Ik denk dat het beter is dat anderen verklaringen afleggen', aldus Jaruzelski. Hij voegde daaraan toe zich 'niet als een gezalfde te beschouwen' maar zich 'in dienst te stellen van de natie en het land'.

'Ik zal alle begrip opbrengen als het moment aanbreekt waarop een verandering van president nodig wordt geacht.' Jaruzelski voltooide gisteren het eerste jaar van een ambtstermijn van zes jaar. Sinds begin dit jaar wordt in Polen druk gesproken over vervroegde presidentsverkiezingen. Lech Walesa, de voorzitter van Solidariteit, heeft laten weten zelf president te willen worden om in die capaciteit het hervormingsproces in Polen te versnellen. Volgens Walesa is het presidentschap van Jaruzelski onderdeel van het akkoord aan de ronde tafel, dat inmiddels zijn geldigheid zou hebben verloren, en doet Jaruzelski 'niets' om de hervormingen te stimuleren. Deze opvattingen van Walesa zijn in Polen niet onomstreden. Volgens Walesa's critici heeft Jaruzelski, ook al houdt hij zich sterk op de achtergrond, alle mogelijke medewerking verleend aan het hervormingsproces en is zijn relatie met de regering van premier Mazowiecki zeer goed. Ook wordt sterk getwijfeld aan de mogelijkheid het hervormingsproces te versnellen zonder het systeem van de parlementaire democratie geweld aan te doen.

Sprekend over het afgelopen jaar wilde Jaruzelski in het vraaggesprek gisteren slechts kwijt dat hij niet gelooft in 'zelfpromotie', dat hij zich concentreert op 'concreet werk' en dat hij 'een werkelijk constructieve relatie' onderhoudt met de regering. In wat kan worden gezien als een terechtwijzing aan het adres van Walesa noemde Jaruzelski dat 'lessen waar toekomstige presidenten voor het welzijn van het land hun voordeel mee kunnen doen'.

(AP)