EG: verzekeringsmarkt na 1992 volledig open

BRUSSEL, 19 juli De Europese Commissie heeft gisteren een richtlijn aangenomen die de markt van niet-levensverzekeringen na 1992 geheel moet opengooien.

De richtlijn houdt in dat elke verzekeringsmaatschappij in de twaalf landen van de Europese Gemeenschap het recht zal krijgen om in elke lidstaat alle soorten verzekeringen, behalve levensverzekeringen, aan te bieden.

Verzekeringsmaatschappijen kunnen dan ook filialen stichten in andere lidstaten, waarbij alleen nog de regels gelden van het land van herkomst. 'Tot dusver moesten verzekeringsmaatschappijen de toestemming van een lidstaat hebben voor ze daar konden opereren', zo zei gisteren Sir Leon Brittan, de Europese Commissaris voor de mededinging. In feite bestonden daardoor twaalf afzonderlijke markten voor niet-levensverzekeringen. Als deze richtlijn is aangenomen (door de Europese ministerraad, red.) zal er een veel bredere keuze op de markt zijn.' De bescherming van de consument moet op verscheidene manieren worden gewaarborgd: een polishouder heeft het recht op toepassing van het wettelijke systeem dat in zijn land geldt, ook al heeft hij een verzekering uit een andere lidstaat; er komen gemeenschappelijke regels voor het financiele draagvlak van verzekeringsmaatschappijen; een nationale overheid behoudt het recht tussen beide te komen wanneer een verzekeringsmaatschappij zich niet behoorlijk gedraagt op haar grondgebied.

De kern van het voorstel is de 'enkele licentie', net zoals die voor banken wordt ingevoed: wie in een lidstaat verzekeringen mag aanbieden, mag dat ook in andere doen. Daarbij zullen allerlei nationale regelingen, zoals een minimumhoogte van de premies, minimumvoorwaarden in het contract, of verplichte beleggingen, niet meer kunnen worden toegepast

In de eerste, uit 1973 daterende richtlijn over het verzekeringswezen waren de maatschappijen nog wel volledig onderworpen aan de nationale wetgeving.