Criquielion: 'Als hij deze Tour wint worden wij als debielenafgeschilderd'; LeMond goed maar niet superieur

LUZ-ARDIDEN, 18 juli Nog meer dan die van Greg LeMond zijn de krachten van Claudio Chiappucci wonderbaarlijk te noemen. Misschien put het gedrongen, onooglijke Italiaantje zijn energie uit de gele trui die hij sinds vorige week donderdag om zijn schouders draagt, misschien uit de aanwezigheid van zijn moeder die hem dezer dagen bezoekt en gisteren voor hem bad in de grot van Bernadette in Lourdes. Want bij geen ander volk kan de sterke moederbinding gepaard aan het geloof in bovennatuurlijke krachten zo stimulerend werken als bij Italianen.

In elk geval reed Chiappucci op de klim naar het nabij het bedevaartsoord gelegen Luz-Ardiden de wedstrijd van zijn leven. In de rol van een sportman die niets te verliezen heeft of van een verwend kind dat zijn speelgoed niet wil delen, verdedigde hij zijn gele trui in de zwaarste Pyreneeen-etappe. Chiappucci probeerde het hele arsenaal aan tactische vondsten aan te grijpen om zijn belagers LeMond, Breukink en Delgado van zich af te houden. Hij trok al op de eerste col (de Aspin) ten aanval, blufte en speelde de onschendbare pelotonleider. Overmoed werd de kleine man uit Varese in de beslissende fase echter fataal.

Niet gewend aan een hoge klassementspositie zette Chiappucci zich op de klim naar Luz-Ardiden tegen de regels van het spel aan de kop van het groepje favorieten. LeMond kon daardoor rustig aan zijn wiel meegaan, evenals de al sukkelende Delgado. Het tempo ging omlaag, waardoor Breukink zijn achterstand van anderhalve minuut kon terugbrengen naar ruim een minuut. Het was dan ook logisch dat de Italiaan niet kon reageren op de eerste de beste demarrage. De Colombiaan Parra versnelde en LeMond, Indurain en Lejarreta profiteerden dankbaar. Chiappucci mocht na afloop god (of zijn moeder) op zijn blote knieen danken dat hij vijf seconden van zijn voorsprong in het klassement op LeMond had overgehouden.

Laatste kans

Chiappucci kuste de rondemisses op het erepodium alsof het zijn laatste kans was. Ruiterlijk gaf de geletruidrager toe dat hij onverstandig had gehandeld. 'Maar ik voelde me sterk en was bang dat de anderen zouden terugkomen.'

De Italiaan ging ervan uit dat hij de Tourzege kan vergeten. 'Eigenlijk verloor ik zaterdag al de Tour. Ik had toen niet achter de groep met Pensec moeten aanrijden. Daar profiteerde LeMond later van. Want ik had te veel krachten verspeeld toen hij demarreerde. Zulke dingen kunnen gebeuren als je wordt aangevallen. Achteraf is het niet dom, maar gewoon jammer. Ik ben trots dat ik nog steeds in de gele trui sta.' Het wonderbaarlijke van LeMonds krachten schuilt in zijn onverwachte revival. Sommigen zetten daar vraagtekens bij, mensen als Merckx en Criquielion bekritiseren zijn aanpak. 'Als alle renners driekwart jaar vakantie houden en alleen de Tour rijden, gaat de wielersport kapot. Ik hoop niet dat LeMond de Tour wint. Dan worden wij als debielen afgeschilderd omdat we 's winters werken terwijl hij zit te vissen', meent Criquielion. Merckx vindt dat de Amerikaan zijn regenboogtrui als wereldkampioen besmeurt door er slechts een paar maanden in te fietsen.

Het zal LeMond worst zijn wat de Belgen over hem zeggen. Hij vindt Merckx een oude zeur, die zijn tijd niet mag vergelijken met de tegenwoordige. 'Merckx was destijds veruit de sterkste renner. Ik ben een van de velen die een Tour kan winnen.'

LeMond zegt dat hij hard heeft moeten werken om weer in topconditie te komen. 'In de Trump Tour in mei moest ik steeds afhaken. Ik heb door mijn conditie-achterstand in anderhalve maand twee ronden moeten rijden, de ronden van Italie en Zwitserland. Dat ik er nu sta vind ik een verdienste. Mensen overdrijven altijd. Ik zou zeven kilo te zwaar hebben gewogen toen ik met mijn training begon. Het waren er hooguit twee.'

Verzwakking

LeMond maakt de sterkste indruk van de Tour-favorieten. Maar superieur is hij niet. Zijn hoge klassering heeft de Amerikaan voor een groot deel te danken aan de verzwakking bij zijn tegenstanders, renners die ook Parijs-Nice in maart en de Giro of de Vuelta willen winnen. Delgado, nog derde in het klassement, is niet meer de gevaarlijke aanvaller van twee, drie jaar geleden. Hij is over zijn hoogtepunt heen. Fignon had evenals vorig jaar een bedreiging voor LeMond kunnen worden, maar de Fransman wilde de Giro rijden alvorens een gooi naar de Tour-zege te doen. De blessure die hij in Italie opliep bij een valpartij, werd hem in de Tour fataal.

Breukink kon LeMonds gevaarlijkste concurrent zijn, omdat hij mede door een infectie lang uit de roulatie is geweest en zich daardoor niet in zware ronden als de Giro of de ronde van Zwitserland hoefde in te spannen. Nummer vijf in het klassement achter Breukink, is Lejarreta, 33 al en dit jaar aan zijn derde grote ronde bezig. Nummer zes is Bugno, die in de Giro drie weken de leiderstrui droeg en niet in de Tour is vertrokken om te winnen. Zijn overwinning op Alpe d'Huez schonk hem al voldoende bevrediging. LeMonds enige concurrent is nog Chiappucci, maar de Italiaan dankt zijn hoge positie voornamelijk aan de uit de hand gelopen ontsnapping in de eerste etappe.

LeMond kiest zijn eigen weg. In Amerika wordt hij niet lastig gevallen door wielersportfanaten die van hem eisen dat hij elke wedstrijd rijdt. Hij kent zijn beperkingen, hij laat zich niet gek maken door records, hoeft niet zo nodig in een jaar zowel de Giro als de Tour te winnen. Dat kan hij waarschijnlijk niet meer op 29-jarige leeftijd. Een wereldkampioenschap, een eendagswedstrijd anderhalve maand na de Tour, kan hij wel aan.

Ontsteking

LeMond hoeft niet superieur te zijn om de Tour te winnen. De afgelopen weken kende hij maar een zwak moment, maar weinigen waren op de hoogte. Vooral tijdens de eerste tijdrit (in Epinal) werd hij gehinderd door een ontsteking in zijn kruis. Pas na een paar dagen meldde LeMond dat hij een blessure had gehad, maar dat deze intussen was genezen. 'Ik heb er niet echt last van gehad. Ik klaag niet. Ik wist dat mijn beste tijd nog zou komen. Dat is altijd de laatste week van de Tour.' Maar vader Bob LeMond: 'Hij heeft er nog steeds last van. Fignon had vorig jaar ook zoiets. Let maar op Greg als hij op het podium staat. Hij trekt voortdurend aan zijn broekspijpen. Omdat verder alles zo goed ging, heeft hij de pijn kunnen verwerken. Anders was hij vertrokken. Hij heeft nog steeds een rode plek van vier bij een centimeter.' Toch reed LeMond vooral in de klim naar Luz-Ardiden indrukwekkend. Hij verklaarde zijn aanval in de laatste vijf kilometer te hebben gepland. 'Ze hebben allemaal op mijn aanval gewacht. Daardoor ging ik wel even twijfelen. Want geloof me, ik ben een grote twijfelaar. Maar ik wil niet dat iemand het merkt. Ik was blij dat Parra het initiatief nam. Dat was mijn kans. Ik was niet super. Maar dat ben ik nooit. Slechts een keer was ik super, in 1986 toen ik op Super-Bagneres won. Maar zo goed word ik nooit meer.'