Literaire tijdschriften

We zijn niet zo exotisch

Een paar decennia geleden werd in Spanje de Nederlandse literatuur uit het Engels vertaald Jan de Hartog, Willy Corsari, bestsellerauteur Anne Frank. De Gids werkt het aardige idee om wat aan vertaalde Nederlandse letteren te doen af in twintig bladzijden. Behalve Spanje komen aan de orde: Amerika, Italie, Tsjechoslowakije en Polen. Een greep, dus. Vreemd genoeg werd aan de deskundige bij uitstek op dit gebied, de nu net in penibele omstandigheden verkerende Stichting voor Vertalingen niet gevraagd een bijdrage te leveren.

Veelzijdig vertaler Jean Schalekamp verzorgt een Spaanse editie van Couperus' roman De stille kracht. Vergeleken met de toch ook 'kleine' literaturen van Scandinavische landen speelt de onze internationaal geen enkele rol van betekenis, stelt Schalekamp vast. Zonder zich al te lang het hoofd te breken over de oorzaken daarvan somt hij op welke boeken er de afgelopen dertig jaar de moeite waard werden geacht voor het Spaanse lezerspubliek. Dat zijn er al met al heel wat: Huizinga, maar ook Phil Bosmans, Dick Bruna de kinderboeken doen het in het algemeen goed in vertaling Lampo, Vestdijk, Mulisch, Nooteboom, Boon, 't Hart, Claus, Reve en nog anderen. Vertaler F. Carrasquer ('een monument of toch ten minste een lintje') maakte bovendien enkele forse anthologieen met poezie 'merkwaardig genoeg zijn er waarschijnlijk nog maar weinig Nederlandse en Vlaamse dichters die niet in het Spaans vertaald zijn'.

Sinds een paar jaar is ook de Spaanse pers geinteresseerd, en verkoopcijfers van meer dan 5000 exemplaren komen geregeld voor.

Toen Nederland nog warm liep voor katholieke kwesties brachten de Italiaanse uitgevers gretig vertalingen uit van opzienbarende publikaties Schillebeeckx neemt wel een meter Italiaanse plankruimte in beslag, Huub Oosterhuis ook. Cultuurhistorische boeken blijven geliefd: Huizinga, Nolthenius, Schama, maar onze literatuur schijnt voor Italianen weinig aantrekkelijk te zijn. Nederland is 'niet zo exotisch' en wordt niet door gruwelijke problemen verscheurd, zo verklaart Maarten Weijtens droog. Als hij gelijk heeft moeten ook andere landen dat vinden. Niet onbelangrijk voor Italie is vermoedelijk de heersende preutsheid: de uitgever van Reves Il linquaggio dell'amore bij voorbeeld geeft geen tweede boek van hem uit, ook al lijken de passies van de schrijver heel goed bij Italie te passen, want hij is bang geetiketteerd te raken als uitgever van pornografie. Polen en Tsjechoslowakije zijn vooral interessant om wat ze in de nabije toekomst zullen gaan vertalen. Voorheen lazen de Tsjechoslowaken relatief veel Nederlands werk (de 'rasvertellers'), Slowaken liefst over de oorlog en collaboratie, Tsjechen over bezetting. De neerlandici in Polen, gedreven vertalers van literatuur, zien hun werk gefrustreerd door het ook in uitgeverskringen groeiende winstbesef. Wel kan iemand promoveren op de Poolse Multatuli-receptie, maar of alle op stapel staande vertalingen ook echt gepubliceerd zullen worden valt te betwijfelen. Vanzelfsprekend zeggen alle betrokkenen bezorgd te zijn over de dreigende ondergang van de Stichting voor Vertalingen.

Verder in De Gids: Abram de Swaan over de geschiedenis van de talen in Europa, Kamiel Vanhole op soldatenkerkhoven van '14-'18, Bert Wartena over Colijn, en Jaap Goedegebuure over de brieven van Van Gogh.

De Gids 153ste jrg. nr. 6. Meulenhoff, 80 blz. fl. 14,90

De tandeloze tijd duurt wat langer

Er zijn vrij veel literatuurliefhebbers die uitkijken naar een nieuw boek in de romanreeks De tandeloze tijd van A. F. Th. van der Heijden. Ze zullen geduld moeten hebben. De roman die ertussendoor gepland was, Advocaat van de hanen, wil nog altijd niet verschijnen. Dat is te meer jammer omdat de schrijver het boek baseert op de gebeurtenissen rond de dood van kraker Hans Kok, een affaire die al bijna vergeten is. In de Revisor staat weer een nieuw, sterk fragment ervan, 'Sneeuwnacht in september'. 'Revisorproza' is dit niet. De advocaat, Quispel, krijgt in een nacht bezoek van een stil overstuur meisje dat net verkracht ('versverkracht') is. Hij neemt aan dat ze toneel speelt 'Door haar manier van doen, die voor Quispel doorzichtig bleef, verried Zwanet erotische voorstellingen, verlangens, perversiteiten die hem, in zijn nog steeds door alcohol vergiftigde toestand, opwonden op een wijze die hem het brakke water in de mond gaf.' Niet erg gelukt is het verhaal 'Klaagzang' van Christien Kok. Het gegeven belooft veel: een honderdjarige rijke vrouw begraaft met slechts een handjevol familieleden haar vijftig jaar jongere homoseksuele echtgenoot. Een begrafenisondernemer slaat hen gade: 'Hij leerde ze kennen door hun gevolg. Kwelgeesten, dierbaren, vredig ingeslapenen, voor zijn geoefende blik doemde ze in de nabestaanden weer op. Deze mensen gaven niets prijs van hun dode.'

Kok geeft te veel 'En wie er ook werd weggebracht, de verstilde klaagzang was altijd een overlijden waard geweest' of te weinig prijs, aan het eind van het verhaal blijft de lezer met wat vage vermoedens en ontevredenheid zitten.

Er staan heel wat, en ook heel verschillende fragmenten in dit nummer, en alles bij elkaar is het een aardige dwarsdoorsnede van de hedendaagse Nederlandse prozaliteratuur Van der Heijden, Krol, Brakman, Hakman, Dirk Ayelt Kooiman, Nicolaas Matsier, Kreek Daey Ouwens en Barber van de Pol.

De Revisor 1990/3. Querido, 128 blz. fl. 15

Diep kusje

'Over gevoelens schrijven kan dikwijls heel mooi zijn maar af en toe ook iets anders en veel inzenders vergaten dat er ook ironie in de titel Mens en Gevoelens gelegd is.'

Het zomernummer van Margreet Dolmans Mens en Gevoelens is het vijftiende en laatste nummer in de bekende vorm. Het populaire cultureel-humoristische blad moet minder amateuristisch worden, er komt meer kunst in, meer journalistiek en meer strijdbaarheid. En advertenties en contactadvertenties.'Aanvaard mij!' Margreet Dolman blijft wel kanttekeningen plaatsen en adviezen geven op haar hoogsteigen toon: 'Koop 's een extra los nummer om aan iemand te geven. Op vakantie b.v. kun je ontzettend scoren met Mens en Gevoelens. Daar kunnen grote verhoudingen uit voortkomen. Of intense vriendschappen. Tot in september. Diep kusje van je Margreet.'

Misschien is Paul Haenen wel de enige die op deze manier leuk kan zijn.

In het zomernummer: gedichten en verhaaltjes van lezers op een wisselend niveau, een preekje van ds. Eppe Gremdaat en een essay van Anja Meulenbelt over pornoprikkels voor vrouwen en de blote-man-met-baby-rage in de reclame.

Mens en Gevoelens 15. 47 blz. fl. 4,50. Betty Asfalt Produkties, NZ Voorburgwal 282, Amsterdam, 020-204748.

Het nieuwe engagement

In het zomernummer van het kwartaaltijdschrift Helling van Groen Links zit een fors katern over literatuur en engagement. Het begint met een onwaarheid: 'Sinds de Muur omver ligt, staan in Oost-Europa de schrijvers middenin de maatschappij. Of ze willen of niet, ze worden gevierd als het geweten der natie. De honger naar literatuur is enorm in de wankele democratieen.' In werkelijkheid was de leeszucht in het Oostblok voor de grote hervormingen heviger en vooral veel breder aanwezig. Op soms schrijnende wijze worden auteurs van wie vroeger elk boek wegvloog geconfronteerd met hun dalend aanzien nu de vrijheid eenmaal daar is zijn er andere prioriteiten, van materiele aard. Helling ziet ook een 'nieuwe zucht naar engagement in het Nederlandse proza van de laatste jaren'. Twaalf schrijvers werden uitgekozen om het nieuwe, minder strenge engagement aan op te hangen, Chris Keulemans schreef een relativerende toelichting, Marianne van den Boomen een inleiding.

De twaalf: Renate Dorrestein, Willem van Toorn, Jill Stolk, Koos van Zomeren, J. Bernlef, A. F. Th. van der Heijden, Monika van Paemel, Bril en Van Weelden, Astrid Roemer, Pamela Koevoets, Jacq. F. Vogelaar ('Het plezier van het nutteloze'), en Lidy van Marissing.

De Helling, zomer 1990. Wetenschappelijk Instituut Groen Links, Postbus 700, Amsterdam, 020-267374, 47 blz. fl. 10.