Van hot naar her met ontvette bleekaarde

PIJNACKER, 16 juli Een bijna leeg potje pindakaas. De prikkelende pindalucht heeft plaatsgemaakt voor een muf-zoete geur die niet langer de eetlust opwekt. Zo ruikt het bij Van der Kooy Pijnacker in Pijnacker. Benedenwinds tenminste. Aan loef ruikt het zoals verderop in het Westland: naar reukloze tomaten en landbouwgif.

Van der Kooy is een uitkookbedrijf voor vette bleekaarde. Een van de twee uitkookbedrijven die Nederland kent, concurrent Vierhouten Ermelo zit in Ermelo.

Wat is bleekaarde en waarom kookt Van der Kooy die uit? Hoe lang al en hoe lang nog? Dat legt procuratiehouder J. P. Postma uit. De chemicus H. Janichen van TNO's CIVO-Technologie geeft telefonisch een nadere precisering.

Bleekaarde is een fijne kleisoort uit Zuid-Duitsland die door Sudchemie op de markt wordt gebracht. Sudchemie weet het chemisch te 'activeren' en daarna is het een geschikt hulpmiddel voor de raffinage van olie. Minerale olie, dierlijke of plantaardige olie dat maakt weinig uit, maar de belangrijkste afnemers raffineren plantaardige olien: sojaolie, raapolie en zonnebloemolie. Unimills, Van den Bergh en Jurgens, Loders Croklaan (alle drie Unilever), Cargill, ROMI, Gebroeders Smilde. Overigens importeert Kooy ook vette bleekaarde uit West-Duitsland, van Akzo in Emmerich bijvoorbeeld.

Geactiveerde bleekaarde heeft adsorberende eigenschappen die vergelijkbaar zijn met die van norit (actief kool). Ongeveer 0,25 tot 2,5 procent bleekaarde toegevoegd aan opgewarmde olie onttrekt daaraan ijzer- en kopersporen, fosforverbindingen, pigmenten en zeep-, bloed- en eiwitresten. Na de behandeling is de olie helder en licht van kleur: gebleekt. Het vuil trekt in de bleekaarde dat in grote bakken op het fabrieksterrein komt te staan tot het door de verwerker wordt opgehaald. Van tijd tot tijd vliegt zo'n bak in de brand want door oxydatie aan de lucht kan de temperatuur flink oplopen. Zwart wordt de vette aarde sowieso.

In Nederland wordt per jaar ongeveer 1,1 miljoen ton olie geraffineerd, de jaarproduktie vette bleekaarde kan daarmee op 11 tot 16 duizend ton geschat worden. Naast het vuil blijft in de bleekaarde ook 25 tot 30 procent olie achter, in totaal dus zo'n vierduizend ton. Vet noemt de vakman dat. Twaalf jaar geleden besloot Van der Kooy, tot dan vooral actief in afgewerkte (minerale) olie, dit vet terug te winnen.

Hij doet dat door de vette aarde aan te lengen met water, zout en soda en in een zestal stevige ketels flink op te stoken (overigens zonder dat het vet daarbij verzeept). Het vet komt na verloop van tijd vanzelf bovendrijven en wordt van de soep geschept. In een filterpers wordt het water uit het overblijvende bleekaardepapje geperst totdat dat steekvast is. Het water gaat terug de ketels in. (Extractie van de vette aarde met hexaan, technisch zeker zo goed, was duurder en gevaarlijker geweest)Het vet, een donkergeel tot bruin, goed smeerbaar maar nogal ranzig goedje gaat naar de veevoederindustrie. Hendrix Voeders in Boxmeer bijvoorbeeld. Mengvet, noemt Van der Kooy het gemakshalve, want hij zoekt niet uit welke olie domineerde. Aan chemische analyses begint men niet in Pijnacker, niet vooraf, niet achteraf. 'Twaalf jaar geleden was de reele vetprijs nog 85 cent per kilo,' sombert procuratiehouder Postma. 'Nu is die nog maar 45 cent.'

Dat is een van de problemen waarmee het verwerkingsbedrijf te kampen heeft. En de waarneming dat de klanten zelf steeds meer vet uit hun aarde blazen. 'Dan zit er voor ons niets meer in.'

Kooy is al blij als hij 22 procent vet uit de aarde haalt.

Ook hinderlijk trouwens zijn de hinderwetprocedures van de bewoners van de frisse nieuwbouwwijk die in de loop van de jaren rond de fabriek verrees. Een niet onbelangrijk ander probleem is verder dat de uitgewassen aarde steeds moeilijker is af te zetten. Per dag produceert Kooy ongeveer 70 tot 80 ton aarde, vijf containers vol. De uitgekookte en ontwaterde bleekaarde bevat nogal wat organische resten (ook pesticiden), verder natuurlijk soda en zout, soms wat norit en, pijnlijk genoeg, in sommige charges nogal wat nikkel. Dat laatste wordt als katalysator gebruikt bij het harden van de olie in de oliefabriek. Het nikkelgehalte van de bleekaarde is niet dramatisch, ongeveer 200 ppm (milligram per kilo), terwijl dat van klei al 70 ppm is, maar hoog genoeg om er gedonder mee te krijgen. Want het is niet gebonden zoals in klei, het is uitloogbaar. Rutte Recycling, die bij Halfweg zwarte grond maakt uit allerlei soorten afvalslib, weigert bleekaarde voor opwerking op te nemen.

Voorheen kwam nogal wat bleekaarde terecht in oude zandafgravingen op de Veluwe en ook Belgie liet willig steengroeven volstorten ('Dat was een leuke oplossing.') Maar opeens kregen de Belgen daar genoeg van en werd het afval tegengehouden. 'Politiek besluit geweest, zeker,' denkt Postma. Nu brengt de onderneming de aarde naar het stortterrein de Put van Weber in Nieuwegein, een uitzonderlijke ruil tussen de provincies Zuid-Holland en Utrecht want provincies zien niet graag bedrijfsafval hun grenzen passeren. Binnenkort komt ook daar een eind aan en zal het afval naar de deponie van VBM (Verwerking Bedrijfsafvallen Maasvlakte) op de Maasvlakte moeten.('Dat ligt in Engeland') Het stelt van der Kooy voor hogere transportkosten en ook hogere stortkosten: zeker 100 gulden per ton. Nu betaalt hij 90 gulden. 'Ik zit klem tussen een dalende vetprijs en stijgende stortprijzen,' zegt Postma. Voorlopig kan hij die laatste nog in rekening brengen bij zijn klanten die 100 gulden per ton voor verwijdering van het vuil betalen. Met angst in het hart ziet het uitkookbedrijf het moment naderen waarop het verbranden van de bleekaarde op een bedrijf in West-Duitsland aantrekkelijker wordt.

Duidelijk is dat ook de grote oliefabrieken van de bleekaarde afwillen. 't Wordt ook hen te duur en olieraffinage met bleekaarde bevalt ze toch al niet: het kost veel energie en gaat gepaard met veel verlies aan olie. De researchvereniging Renolvet van de verenigde oliefabrieken (VERNOF) en het produktschap voor margarine, vetten en olien heeft een onderzoeksvoorstel 'Bleken zonder afvalbleekaarde' opgesteld dat door CIVO Technologie in Zeist zal worden uitgevoerd. CIVO had al veel onderzoek gedaan naar nuttige toepassing van de uitgewassen aarde, maar dat had nooit iets blijvends opgeleverd. Nu moet men geheel nieuwe adsorbentia en adsorbtie-methoden zien op te sporen.