Tsjechen uit Havana, incident met Madrid

HAVANA/MADRID/PRAAG, 16 juli In de jongste ontwikkelingen rondom de crisis met Cubaanse asielzoekers in Europese ambassades in Havana hebben gisteren dertig Tsjechoslowaken diplomaten die zijn geaccrediteerd in Havana en hun gezinsleden de Cubaanse hoofdstad verlaten.

De regering van Cuba heeft dit weekeinde excuses aangeboden aan Spanje voor een incident vrijdagavond op het terrein van de Spaanse ambassade in Havanna, zo meldt onze correspondent in Madrid. Bij het incident achtervolgden vier politiemannen een asielzoeker tot binnen de hekken van de ambassade.

Na een korte schietpartij werd de vluchteling gearresteerd en meegenomen. Sinds vorige week herbergt de Spaanse ambassade drie asielzoekers, terwijl in de ambassade van Tsjechoslowakije en de woning van de handelsattache van dit land zich nog eens zeventien Cubanen bevinden.

Praag en Madrid hebben verklaard de vluchtelingen niet te zullen dwingen de diplomatieke gebouwen te verlaten, hoewel de Cubaanse leider Fidel Castro hierop heeft aangedrongen. Volgens Castro zal zijn regering de asielzoekers geen toestemming geven het land te verlaten.

De vrij omvangrijke Tsjechoslowaakse gemeenschap is begonnen met het evacueren van vrouwen en kinderen uit Havana met het oog op de snel verslechterende verstandhouding tussen beide regeringen. In Havana groeit bovendien de ontevredenheid over de wijze waarop de Tsjechoslowaakse ambassade in Washington de afdeling 'Cubaanse belangen' diplomatiek onderdak verleent.

Spanje zendt deze week een groep agenten van de anti-terreurbrigade GEO naar Havana om door middel van een verscherpte bewaking de toegang tot haar diplomatieke vertegenwoordiging te bemoeilijken.

In uitlatingen tegenover diplomaten en journalisten heeft de Cubaanse regeringsleider zaterdag de vluchtelingen 'a-sociale elementen' en 'proleten' genoemd, die niet door politieke motieven worden gedreven en ook niet aan vervolging bloot zouden staan.

Castro bracht zijn gehoor in herinnering dat Cuba 'sinds tien jaar al geen uitreisvergunning meer geeft aan mensen die in ambassades binnendringen'.

Met deze woorden refereerde hij kennelijk aan de 'operatie-Mariel', toen in april 1980 duizenden mensen toevlucht zochten tot de ambassade van Peru, waarna de Cubaanse autoriteiten een eenmalige toestemming aan meer dan honderdduizend Cubanen gaven om het eiland te verlaten. (Reuter, AP)