'Opsporing van illegalen geen taak van sociale dienst'

RIJSWIJK, 16 juli Het is niet de taak van ambtenaren bij de Sociale Dienst om illegale vreemdelingen op te sporen. Het gevaar dat zij dat toch gaan doen is levensgroot bij koppeling van geautomatiseerde bestanden van de belasting aan die van de sociale diensten door middel van het zogeheten Sofi-nummer (sociaal-fiscaal nummer) dat iedereen heeft. Dat stelt de Registratiekamer, het uitvoeringsorgaan van de Wet op de persoonsregistratie in een advies aan de staatssecretaris van sociale zaken en werkgelegenheid en de minister van justitie.

Om de privacy van de burger te beschermen moeten er bovendien waarborgen komen voordat het Sofi-nummer in de registraties van de gewestelijke arbeidsbureaus en de Kamers van Koophandel wordt opgenomen.

De Registratiekamer is verheugd over het feit dat reeds bestaande informatiestromen bij de gemeentelijke diensten wettelijk worden vastgelegd. Maar de Kamer is er tegen dat ook andere instanties de beschikking krijgen over dergelijke bestanden. Het doorsluizen van gegevens naar de Vreemdelingendienst bijvoorbeeld acht de Kamer oneigenlijk. 'Een dergelijke informatieplicht is wezensvreemd aan de invoering van de Algemene Bijstandswet. Dat zou ambtenaren immers verplichten om gericht activiteiten te ontplooien met betrekking tot opsporing van illegale vreemdelingen,' zo stelt de Kamer, die meent dat er geen argumenten zijn om met de huidige praktijk te breken.

Als Gewestelijke Arbeidsbureaus en Kamers van Koophandel de beschikking krijgen over Sofi-nummers door een 'gebruiksverplichting', dan moet dat met restricties worden omgeven, omdat bij dergelijke instanties het gevaar bestaat dat er vrij gemakkelijk persoongevoelige gegevens weglekken. Verder stelt het advies dat in de procedure bij het verlenen van bijstand de betrokkene actief behoort te worden ingelicht over de manier waarop zijn persoonlijke gegevens worden verzameld en gebruikt. Als dergelijke gegevens niet sporen met informatie die elders is verkregen moet de aanvrager daarover eerst worden gehoord voordat over de aanvraag wordt beslist, zo stelt de Kamer.