China en Japan praten over hun betrekkingen

PEKING, 16 juli De Japanse vice-minister van buitenlandse zaken, Hisashi Owada, is vandaag in de Chinese hoofdstad aangekomen voor overleg over de normalisering van de betrekkingen tussen beide landen. Het is het eerste bezoek van een Japanse bewindsman aan China sinds de militaire onderdrukking van de Chinese protestbeweging op 4 juni vorig jaar, die gevolgd werd door sancties van Westerse landen en Japan. Het officiele doel van het bezoek van Owada is om de Chinese regering op de hoogte te stellen van de beraadslagingen over China tijdens de top van de G-7, de groep van zeven grote industrielanden in Houston vorige week. De G-7 heeft besloten om de sancties te handhaven, maar tegelijkertijd een soepeler houding aangenomen tegenover een hervatting van Chinees-Japans contacten op top-niveau in verband met de speciale positie van Japan als buurland en als voormalige agressor.

Owada zal dan ook overleg voeren over hernieuwde bezoeken van Japanse bewindslieden aan China. Er wordt zelfs een staatsbezoek van keizer Akihito overwogen dat moet dienen als historische verzoening tussen de vroegere vijanden. Ook zal Owada inleidende besprekingen houden over een tijdsschema voor de beschikbaarstelling van het 'derde yen-krediet' van 810 miljard yen (11 miljard gulden) aan China.

De huidige doorbraak in de Chinees-Japanse betrekkingen is mogelijk gemaakt door de intrekking van het Amerikaanse veto. Japan was al kort na het bloedbad van Peking vorig jaar voornemens om zo snel mogelijk de normale betrekkingen met China te hervatten, maar liet zich leiden door de VS. Omdat Tokio al zo veel andere problemen met de Amerikanen had besloot het om in de kwestie China zijn loyaliteit aan Washington te tonen, althans dat was het standpunt van het Japanse ministerie van buitenlandse zaken. Het ministerie van handel en industrie (MITI) verzette zich echter steeds krachtiger hiertegen, aangezien China Japans vijfde grootste handelspartner is met een totaal handelsvolume in 1989 van 19,7 miljard dollar. China is een van de weinige landen waarmee Japan een handelstekort heeft 2,3 miljard dollar in 1989 en door de bevriezing in officiele contacten is dat verder toegenomen. Bovendien wil Japan na het herstel van de interregionale samenwerking tussen West- en Oost-Europa de banden met China niet eindeloos blijven beperken. China is zelf door de bocht gegaan in zijn bittere diplomatieke krachtmeting met het Westen door de opheffing van de staat van beleg in Peking en Tibet in januari en mei, de vrijlating van drie grote groepen politieke gevangenen van in totaal 881 personen en met name door het akkoord met de VS over het vertrek van de dissident Fang Lizhi en zijn vrouw naar Engeland op 25 juni.

Door al deze Chinese stappen is de positie van president Bush tegenover het zeer anti-Chinese Congres alsnog versterkt en heeft Bush zijn zegen aan de Japanners gegeven om hun eigen beleid te voeren. Niettemin besloot de top in Houston de sancties van de Westerse landen te handhaven en die afhankelijk van voortgaande verbeteringen van de rechten van de mens en herstel van het economisch hervormingsbeleid verder te versoepelen.