CRYSTAL PALACE Een Victoriaans Disneyland

Amsterdam treurt nog steeds om het verlies van het Paleis van Volksvlijt op het Frederiksplein, het gebouw van gietijzer en glas dat in 1929 in vlammen opging. Lange tijd herinnerde de galerij nog aan het paleis, totdat deze in 1961 werd gesloopt om plaats te maken voor het gebouw van de Nederlandsche Bank. Sindsdien is het of Nederlands grootste glaspaleis nooit heeft bestaan.

In 1936 overkwam Londen eenzelfde ramp, toen in de nacht van 30 november op 1 december het grootste glaspaleis ter wereld, Crystal Palace, afbrandde. De vuurzee was zelfs in Brightonwaarneembaar en van de goudvissen in de vijvers van het Crystal Palace Park bleef niets over: volgens The Times waren ze gekookt.

Hoewel het in 1851 gebouwde Londense glaspaleis dertien jaar eerder werd gebouwd dan het Amsterdamse, was het een radicaler ontwerp. Probeerde architect Outshoorn van het Paleis van Volksvlijt nog echte bouwkunst te maken, Crystal Palace was een eenvoudig, puur functioneel gebouw, praktisch zonder ornamenten. Dat had misschien te maken met het feit dat de ontwerper, Joseph Paxton, van huis uit geen architect was.

Joseph Paxton (1803-1865) begon zijn carriere als tuinman. Op 23-jarige leeftijd werd hij door de zesde hertog van Devonshire 'ontdekt' en aangesteld als hoofd van diens tuinen in Chatsworth. Paxton maakte van het landgoed een van de mooiste tuinen van Engeland en, wat belangrijker was voor het onstaan van Crystal Palace, hij kreeg van de hertog alle gelegenheid om te experimenteren met de bouw van glazen kassen. Hij ontwierp een ingenieus systeem van gootjes voor de afvoer van regenwater en condens, een berucht probleem bij de bouw van de negentiende-eeuwse kassen.

Door zijn succes in Chatsworth werd Paxton gevraagd om in heel Engeland tuinen en parken te ontwerpen. Al snel beperkte hij zich niet alleen tot tuinen en werd hij een succesvol ondernemer die in de jaren veertig een fortuin maakte in de spoorwegbouw. Ook was hij oprichter en korte tijd uitgever van de krant The Daily News. Maar het beroemdst is hij toch geworden door Crystal Palace.

Het ontstaan van Crystal Palace is een van de wonderlijkste verhalen uit de architectuurgeschiedenis. Toen het ontwerp voor het immense gebouw voor de eerste Wereldtentoonstelling in Hyde Park een mislukking dreigde te worden, bood Paxton zijn diensten aan. Het organisatiecomite van de industrie-tentoonstelling wilde wel met hem in zee gaan, maar dan moest hij wel binnen negen dagen een kant en klaar ontwerp inleveren. Een echt probleem voor Paxton was dit niet. Tijdens een saaie vergadering van de Midland Railroad Company tekende hij het gebouw op een vloeipapiertje. Nadat zijn ontwerp was uitgewerkt en aangenomen, moest het binnen negen maanden worden gerealiseerd, een absurd korte tijd voor een gebouw van meer dan 550 meter lang en 120 meter breed. Maar doordat Crystal Palace vrijwel geheel zou bestaan uit standaardelementen, was dit voor Paxton ruim voldoende.

Steigers waren bij de bouw niet nodig: de 5.000 geprefabriceerde ijzeren kolommen en balken, die het skelet vormden, hoefden alleen maar in elkaar te worden geschroefd. Voor het monteren vanhet glazen dak had Paxton een wagonnetje ontworpen dat hoog boven de grond op rails liep en waarin een paar arbeiders konden plaatsnemen die dan snel en efficient de 300.000 glasplaten konden leggen.

Het kladje op vloeipapier, dat nu in het bezit is van het Victoria en Albert Museum in Londen, is in het uiteindelijk gerealiseerde gebouw slechts op een punt gewijzigd. Die verandering was het gevolg van protesten van omwonenden tegen het kappen van een paar oude iepen voor de bouw van Crystal Palace. Paxtons werkwijze was zo flexibel dat hij snel een hoog dwarsschip met een rond dak ontwierp dat om de bomen heen werd gebouwd.

De reacties van de architectuurcritici op Paxtons schepping liepen uiteen. Augustus Pugin, een aanhanger van de neo-gotiek, noemde het 'Crystal Humbug' en 'het lelijkste ding dat ooit is ontworpen'.

John Ruskin, de grondlegger van de Arts and Crafts-beweging en tegenstander van industrieel vervaardigde produkten, zag er een bewijs in dat glas en staal nooit tot eeuwige schoonheid konden leiden. Maar andere critici voorspelden profetisch dat de scheiding tussen architect en ingenieur zou vervagen en dat het gebouw grote invloed zou uitoefenen op de 'nationale smaak'. Wat de critici ook van Crystal Palace vonden, de Londense bevolking was er dol op. Zelfs koningin Victoria vond het mooi. De dag na de opening van de Wereldtentoonstelling schreef ze in haar dagboek: 'Het zicht op het dwarsschip door de ijzeren poort en de wuivende palmen gaven ons een gevoel dat ik nooit zal vergeten en ik was diep ontroerd'.

Crystal Palace was zo'n succes dat na afloop van de Wereldtentoonstelling werd besloten hetals tijdelijk bedoelde gebouw elders weer op te bouwen. Paxton richtte de Crystal Palace Company op, kocht het terrein rond het huis Sydenham in het zuiden van Londen en liet daar op de top van een heuvel een nog grotere versie van Crystal Palace bouwen.

Was Crystal Palace in Hyde Park een paleis van de industrie, de 'Sydenham-versie' was een paleis van de vrije tijd, een soort Victoriaans Disneyland. Paxton bracht een grote wintertuin in het gebouw onder en er waren talloze opgezette dieren, schilderijen, beelden, architectuurfragmenten en gebouwtjes in allerlei stijlen te zien. Het gebouw bevatte ook theaters en een immense concertzaal met een orgel van 4500 pijpen, waar jaarlijks de beroemde massale Handel-concerten werden gehouden.

Echt rendabel is het Sydenham Crystal Palace nooit geweest, maar toch treurde heel Londen toen het afbrandde. Simul omnes collacrimabunt ('Iedereen barstte tegelijk in tranen uit'), besloot The Times het artikel over de brand.

Van Crystal Palace zelf is niets overgebleven, maar anders dan in Amsterdam herinnert nog veel in Londen aan het verdwenen glaspaleis. In het Crystal Palace Park staat een grote buste van Sir Joseph Paxton en leven nog altijd de stenen prehistorische monsters uit het pretpark. Verder is er een Crystal Palace Street, een Crystal Palace Road, een Crystal Palace Station en zelfs een voetbalclub met de naam Crystal Palace die in 1990 de finale van de FA-cup haalde. In het Museum of Londen is een aparte afdeling gewijd aan Crystal Palace en staat een schitterend model van het gebouw. En in een metrostation helaas kan ik me niet meer herinneren welk zijn kleine relieftegels gemetseld met de afbeelding van Crystal Palace.