'Aanpasbedrijf' lost probleem WAO'ers op

NIEUWKUIJK, 14 juli De inpassing van gehandicapte werknemers bij bedrijven levert niet overal moeilijkheden op. Bij het 'autoaanpasbedrijf' annex gehandicapten-rijschool 'De Langstraat' in het Brabantse Nieuwkuijk is 25 procent van het personeel (zeven personen) gedeeltelijk arbeidsongeschikt. Sinds kort krijgen zij allemaal het volledige loon dat hoort bij hun functies.

Het bedrijf, dat auto's aanpast aan de behoeften van gehandicapten, neemt nu de verminderde produktiviteit van de gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers voor eigen rekening. Maar op De Langstraat vinden ze dat dit eigenlijk via een sociale instelling vergoed moet worden. Dat zou de oplossing zijn voor het WAO-probleem.

Volgens de huidige wetgeving hoeft een bedrijf slechts de vergoeding voor het gedeelte dat iemand arbeidsgeschikt is uit te betalen. De gehandicapte werknemer krijgt dan op grond van de WAO (Wet Arbeids Ongeschiktheid) een aanvulling tot maximaal 70 procent van het laatst verdiende of tot het minimumloon. Bij De Langstraat is die aanvulling vervallen.

De eigenaar van de Brabantse onderneming is Jan Brekelmans. In 1985 richtte hij het aanpasbedrijf op met de steun van een werknemer. Inmiddels werken er 28 mensen. Het bedrijf heeft een explosieve groei doorgemaakt. De vraag naar autoaanpassingen is groter dan men op dit moment aan kan. Uitbreiding is noodzakelijk, waarvoor Brekelmans binnen twee jaar een nieuwe lokatie hoopt te vinden. De totale omzet van het bedrijf is 2 miljoen gulden en de winst bedraagt 10 procent.

De gelijkschakeling van lonen betekent voor De Langstraat een verliespost van gemiddeld 5.000 gulden per maand, op jaarbasis derft het bedrijf hierdoor zo'n 60.000 gulden winst. Het gemiddelde verlies aan arbeidsproduktiviteit is 25% per arbeidsongeschikte werknemer.

Brekelmans geeft toe dat een sociaal beleid als dat van De Langstraat in het huidige systeem financieel moeilijk is bol te werken. 'Maar wij zijn extra gemotiveerd omdat we door de aard van ons bedrijf heel dichtbij de gehandicapte staan. Voor ons speelt ook mee dat de onze klanten zich goed thuisvoelen, omdat hun verhaal beter begrepen wordt. We derven weliswaar winst, maar dat moet je als commercieel bedrijf kunnen hebben'.

Brekelmans onderstreept dat De Langstraat geen sociale werkplaats is. 'We zijn een commercieel bedrijf en dat willen we ook blijven. Bij ons behoren de gehandicapten te werken naar de capaciteit die ze hebben. Daar zijn ze zich zelf ook erg goed van bewust.' Een van de zeven WAO'ers die nu van het nieuw sociale beleid bij De Langstraat profiteren is Hans Lalkens. Door een ongeluk in militaire dienst zit hij vanaf zijn drieentwintigste in een rolstoel. Sinds een paar maanden is hij verantwoordelijk voor de verkoop en public relations. Lalkens vertelt waarom de nieuwe sociale strategie zo hard nodig was. 'We konden hier de stressachtige sfeer niet meer aan. Mensen raken gefrustreerd wanneer voor hetzelfde werk de een volledig krijgt uitbetaald terwijl de ander moet rondkomen van het sociale minimum omdat hij of zij een handicap heeft,' zegt hij. Door zelf een voorbeeld te stellen wil De Langstraat de wetgever duidelijk maken dat veranderingen broodnodig zijn.

De oplossingen die nu van alle kanten worden aangedragen in de WAO-discussie, stellen misschien wel enige verbetering maar geen gelijke behandeling in het vooruitzicht, menen Lalkens en Brekelmans. Er is volgens hen een nieuwe wet nodig, waarbij ieder bedrijf verplicht wordt arbeidsongeschikten het loon te geven dat hoort bij de functie die zij bekleden. Daar staat tegenover dat een eventuele restwaarde waarin de arbeidsongeschikte niet produktief is, aan het bedrijf moet worden vergoed.

Op die manier ondervinden bedrijven geen enkel financieel voor- of nadeel van het in dienst nemen van arbeidsongeschikten en kunnen gehandicapten zich als ieder ander bewegen op de arbeidsmarkt. Als ze geen baan kunnen vinden komen ze in de WW terecht. Brekelmans verwacht dat het voorstel van De Langstraat op de middellange termijn veel oplevert aan ingehouden WAO-uitkeringen. 'Het zal een enorme besparing voor de schatkist zijn.' De eigenaar van De Langstraat wil vooral de 'ethische kwestie' onderstrepen. 'We kennen in Nederland een anti-discriminatiewet, maar van gelijke behandeling van gehandicapten is nu in het geheel geen sprake. Het is voor niemand prettig te werken in een situatie waar mensen gefrustreerd zijn omdat ze voor dezelfde baan een ander loon krijgen. Zulke omstandigheden verlagen bovendien ook nog eens de arbeidsproduktiviteit. Dat verandert wanneer ons voorstel wordt uitgevoerd. Als er bedrijven zijn die dan nog steeds gehandicapten blijven afwijzen, terwijl die personen wel voldoende gekwalificeerd zijn voor de vacatures, zou hen overtreding van de anti-discriminatiewet ten laste moeten worden gelegd.' De Langstraat zal alles in het werk stellen om de politiek te overtuigen van de noodzaak de arbeidsongeschiktheidswetgeving te veranderen. Intussen wil het bedrijf zelf niet wachten met een sociaal beleid op basis van gelijkheid. 'Je kan zien dat het werkt, de werksfeer is hier optimaal.'

Over zichzelf zegt Brekelmans tenslotte: 'Ik ben geen sociale gek hoor, maar Hans is gewoon niks minder als ik.'