Regering in diskrediet door anti-Duitse en anti-Europeseuitlatingen; Aftreden Britse minister kwestie van tijd

LONDEN, 13 juli Het aftreden van Nicholas Ridley, de Britse minister van handel en industrie, lijkt slechts nog een kwestie van tijd na de anti-Duitse en anti-Europese opmerkingen die hij in een gisteren gepubliceerd interview heeft gemaakt.

Gisterenmiddag deed premier Thatcher in het Lagerhuis nog een poging hem te verdedigen, door te zeggen dat Ridley zich toch royaal geexcuseerd had voor zijn uitspraken dat bazige Duitsers, geholpen door Franse schoothondjes, bezig zijn Europa over te nemen en dat afstaan van souvereiniteit aan de Europese Commissie, 'aan dit stelletje', zijns inziens betekende dat je net zo goed soevereiniteit kon afstaan aan Adolf Hitler. Maar de premier zal in de loop van de dag te horen krijgen dat het niet voldoende is dat ze zich publiekelijk van Ridleys uitlatingen heeft gedistantieerd. Als ze weigert haar trouwste vriend in het kabinet de laan uit te sturen, is niet alleen de geloofwaardigheid van de regering in haar onderhandelingen met de rest van Europa in het geding, maar ook en opnieuw haar eigen positie als leider van de Conservatieve Partij. Ridleys val is daarmee onvermijdelijk geworden.

De Duitse premier Helmut Kohl liet via een woordvoerder zuur weten 'not amused' te zijn. Dat zal ook voor andere Europese regeringsleiders gelden, zeker voor diegenen die Thatcher altijd al verdacht hebben van heimelijk anti-Europeanisme. In het Europese parlement in Brussel gaan de Britse Conservatieven door het stof om maar duidelijk te maken dat zij in elk geval niet achter Ridleys borreltafelpraat staan, maar het kwaad is al geschied.

Ridley heeft, kennelijk, hardop gezegd wat elders in Conservatieve kring onder ons bediscussieerd wordt. Volgens de anti-EG-gestemde parlementarier Teddy Taylor zijn Ridleys ongetemde uitlatingen dan ook in zoverre een zegen dat die discussie nu naar buiten komt. In dat licht is het voor premier Thatcher onmogelijk Ridley te handhaven, wil zij niet nog meer dan nu het geval is de verdenking op zich laden dat ze het in haar hart met hem eens is.

De pro-Europeanen in het kabinet, zoals minister van buitenlandse zaken, Douglas Hurd en minister van financien John Major, zullen hun collega met graagte zien vertrekken. Ridley keert vandaag van een handelsmissie uit Hongarije terug en dient zich dan onmiddellijk op Downingstreet 10 te melden.

Er zit een zekere ironie in het feit dat premier Thatcher haar beste vriend in het kabinet moet verliezen door een engel der wrake in de gestalte van Dominic Lawson, sinds kort hoofdredacteur van The Spectator. Hij is de zoon van Nigel Lawson, de minister van financien die uiteindelijk opstapte omdat hij zich door Thatcher beknot en vernederd achtte. Lawson jr. zegt dat Ridley 'maar een glaasje wijn' had gedronken tijdens het interview en dat de minister ontspannen was en wist dat het interview op de band werd opgenomen. De gebruikelijke ontkenning van 'fout geciteerd' of 'niet goed begrepen' gaat dus dit keer niet op. Ridley, en ook mevrouw Thatcher, zijn bang voor een Vierde Rijk wanneer binnen een monetair en economisch geintegreerd Europa 'de Duitsers' de dienst gaan uitmaken.

Het is niet voor het eerst dat de Viscount Nicholas Ridley zich moeilijkheden op de hals haalt door zijn lompheid, al zal hij nu de prijs moeten betalen omdat hij in de ogen van de buitenwereld het hele kabinet in diskrediet gebracht heeft. Ondanks een geprivilegieerde opvoeding (eerst Eton, toen Oxford) is Ridley er niet in geslaagd zich te plooien naar de normen van gewenst gedrag. De man is een vurig aanhanger van het vrije-marktprincipe en borrelt van de ideeen, maar weet het grote publiek van zich te vervreemden door zijn abrupte voor-die-onzin-heb-ik-geen-tijd optreden wanneer hem gevraagd wordt zijn politieke daden te verantwoorden.

Vlak na de ramp met de veerboot in de haven van Zeebrugge kwalificeerde hij het optreden van een collega met de uitdrukking dat die tenminste zijn boegdeuren niet open had staan, een opmerking die hij later terugtrok. Als minister van milieu en huisvesting veroorzaakte hij commotie door toestemming te geven voor huizenbouw in een beschermd natuurgebied, maar tegelijkertijd een soortgelijk project op zijn eigen buitengoed in Gloucestershire te verhinderen. De milieubeweging noemde zijn botte optreden de beste reclame voor het groene ideaal maar zag hem niettemin met een zucht van opluchting vertrekken naar Handel en Industrie. Daar kwam hij onder scherpe kritiek wegens zijn beslissing geen vervolging in te stellen tegen de eigenaren van het warenhuis Harrods, de Egyptische broeders Al Fayed, die tijdens hun overname van het concern gezwendeld hadden. De kwestie heeft Engeland jarenlang bezig gehouden, er zijn felle campagnes over gevoerd, maar Ridley had in het Lagerhuis vijf minuten nodig om de zaak af te doen. Hij zag niet in dat met vervolging van de Al Fayeds enig publiek belang gediend was. Premier Thatcher steunde 'Nick' tot nu toe door dik en dun, maar zoals hij zichzelf gisteren in Hongarije al heeft laten ontvallen: 'Dit keer is de boot werkelijk aan'.