Proef met Aids-remmer in zestien ziekenhuizen

ROTTERDAM, 13 juli In zestien Nederlandse ziekenhuizen begint volgende maand een proef met het AIDS-remmende middel DDI (dideoxyinosine). Voor de proef zijn honderd patienten geselecteerd die het enige tot nu toegelaten anti-AIDS-middel zidovudine (AZT) niet meer verdragen. Het onderzoek wordt gecoordineerd vanuit het Academisch medisch Centrum in Amsterdam en is onderdeel van een groot Brits-Frans onderzoek.

Belangengroepen van AIDS-patienten hebben sterk aangedrongen op het beschikbaar komen van DDI in Nederland. De enige manier waarop dat kan is een klinisch onderzoek naar het effect van het middel, omdat het nog niet als geneesmiddel is geregistreerd. In de Verenigde Staten, waar DDI sinds september 1989 wordt getest, wordt DDI door fabrikant Bristol Myers Squibb ook gratis aan patienten verstrekt die niet meer aan de strenge toelatingsvoorwaarden voor een onderzoek voldoen. De FDA, de instantie die in de VS over de toelating van geneesmiddelen beslist, heeft daarvoor, gedwongen door mondige AIDS-patienten, een speciale vergunning afgegeven. In Nederland komt DDI niet beschikbaar voor AIDS-patienten die niet aan de voorwaarden voor het onderzoek voldoen. Over enige maanden begint wel een experiment met ruimere toelatingsvoorwaarden.

DDI remt net als zidovudine de groei van het AIDS-virus. Het middel onderdrukt de ziekte maar geneest niet. Deskundigen zijn het eens over de gunstige werking. Over de bijwerkingen lopen de meningen echter nog uiteen. De FDA vermoedt dat enkele Amerikaanse patienten na DDI-gebruik een ernstige alvleesklier-ontsteking hebben opgelopen.