Experts betwisten echtheid Redon op onduidelijke grond

Is Fleurs des Champs een authentieke Odilon Redon? Blijkt dat het geval te zijn, dan zal de Japanse kunsthandelaar die de pastel op 22 mei bij Christie's in Amsterdam verwierf de door hem geboden 1,1 miljoen gulden overmaken. Zo nee, dan menen de verkopers van het veldboeket, die anoniem willen blijven, toch een vordering op de Japanner te hebben, omdat de koop volgens de geldende veilingvoorwaarden niet meer ontbonden kan worden. Zij menen bovendien dat Christie's verantwoordelijk is voor de mogelijke schade die zij kunnen ondervinden. De pastel zou 'besmet' zijn, wat kan betekenen dat bij herveiling zelfs de 'richtprijs' van 2,5 a 3,5 ton niet eens gehaald wordt.

Wie wil weten of een Redon authentiek is komt onvermijdelijk uit bij de Wildenstein Foundation. Deze kunsthistorische branche van de gelijknamige internationale kunsthandel werkt sinds 1973 aan het samenstellen van een kritische beschrijving van Redons oeuvre, een zogeheten catalogue raisonne. Deze moet in 1992 verschijnen. Leider van het concern is de schatrijke kunsthistoricus en -handelaar Daniel Wildenstein (zijn persoonlijk vermogen zou meer dan een miljard gulden bedragen). Op het gebied van de impressionistische kunst bekleedt Wildenstein een dubbelfunctie: als 'marktleider' en als authoriteit. Van zijn hand zijn bij voorbeeld standaardwerken verschenen over het werk van Monet, Manet en Courbet. Ook voor Redon is Wildenstein maatgevend; opname in Wildensteins catalogue raisonne geldt in de kunsthandel als waarborg voor de echtheid van het betreffende werk, en daarmee voor de opbrengst. Dat Fleurs des Champs een bedrag van 1,1 miljoen gulden kon opbrengen was moeilijk voorstelbaar geweest als Christie's in de catalogus voor de veiling van 22 mei niet vermeld had dat de pastel wordt opgenomen in Wildensteins toekomstige beschrijving van het oeuvre van Odilon Redon. Volgens Christie's is die zinsnede afgedrukt op grond van correspondentie uit 1974 en 1975 tussen de eigenaar van Fleurs des Champs en het Parijse kantoor van Wildenstein. In een brief van 18 juni 1990 aan Christie's distantieert Wildenstein zich echter van deze toezegging, 'na foto's van het werk opnieuw bestudeerd te hebben'.

Christie's bracht vervolgens de koper van deze afwijzing op de hoogte, een handelwijze die de verkopers laken, omdat 'nooit enige twijfel heeft bestaan over de echtheid van de Redon, noch bij Wildenstein, noch bij Nederlandse kunstexperts.'

De verkopers voelen zich daarin gesterkt door de geschiedenis van het schilderij, dat reeds kort na Redons dood, in 1920, door de familie werd verworven. In die tijd bezat Redon nog geen wereldfaam en had 'niemand belang had bij een vervalsing'.

Monsieur

Crux van het conflict is de interpretatie van Wildensteins afwijzing; het staat namelijk niet vast dat die uitgelegd moet worden als een zuiver kunsthistorische diskwalificatie van deze Redon. Christie's was vanochtend niet bereid tot het geven van commentaar hierop. Ook Wildenstein wil bevestigen noch ontkennen dat de authenticiteit van de pastel in het geding is, omdat men het doek 'slechts van foto's' kent.

Een woordvoerster van Wildenstein bevestigde tegenover deze krant echter wel dat Christie's een procedurele vergissing heeft gemaakt door geen overleg te voeren over de zinsnede in de veilingcatalogus. 'Wij ontvingen de veilingcatalogus van Christie's pas toen de veiling al achter de rug was', zegt Marie-Christine Decroocq, werkzaam op het Parijse kantoor van Wildenstein, en betrokken bij de samenstelling van de Redon-catalogus. 'Monsieur heeft vervolgens besloten het doek niet op te nemen.' Vermeende twijfel aan de authenticiteit van werk van Redon is al eerder aanleiding geweest voor conflicten tussen Christie's, Wildenstein en Nederlandse eigenaren. Een Nederlands echtpaar, dat eveneens anoniem wil blijven, verwijt het Amsterdamse veilinghuis dat het zich in de periode 1979-1987 onvoldoende heeft ingezet voor de opname in Wildensteins catalogue raisonne van een olieverfschilderij van Redon. Het echtpaar trekt ook Wildensteins expertise in twijfel. Aanvankelijk liet Wildenstein schriftelijk weten de echtheid van het doek 'principieel in twijfel te trekken'.

Pas nadat de eigenaar op grond van eigen onderzoek onomstotelijk had weten vast te stellen dat het doek authentiek was, bleek Wildenstein bereid het doek op te nemen. Die toezegging kwam echter pas nadat het echtpaar het doek elders had laten verkopen en genoegen had moeten nemen met een lagere opbrengst. Over de werkelijke motieven voor Wildensteins afwijzing van Fleurs des Champs is slechts te speculeren. Een Nederlandse kunsthandelaar acht het bij voorbeeld mogelijk dat 'marktleider' Wildenstein door uitsluiting van de pastel het veilinghuis Christie's een waarschuwing wil geven. 'Dat kan hij zich permitteren.' Volgens hem bestaat er een natuurlijke animositeit tussen veilinghuizen die zich vaak beroepen op externe expertise en kunsthandelaars, die zelf expertise bezitten. 'Veilinghuizen stellen zich op als tussenpersoon en dragen niet de verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van het geveilde', aldus de kunsthandelaar.