'Duitse economie? Het is het Duitse volk'

Nicholas Ridley, de Britse minister van handel en industrie, sprak de noodlottige woorden die op zijn hoofd terugketsten uit te zijnen huize in Gloucestershire in een interview met de hoofdredacteur van The Spectator, Dominic Lawson. Dit gebeurde kort voor de aankomst in Engeland van de president van de Duitse Bundesbank, Karl Otto Pohl. Het Duitse bezoek was voor Dominic Lawson, zoon van de voormalige minister van financien, aanleiding diep in te gaan op Ridley's visie op de Europese monetaire politiek wat stuitte op een grove reactie van de minister.

'Dit berust allemaal op een Duits complot, beraamd om heel Europa over te nemen. Dat moet worden verijdeld. Deze overhaaste overname door de Duitsers, op onaantrekkelijke voorwaarden, met de Fransen die zich tegenover de Duitsers als poedels gedragen, is onaanvaardbaar.' Lawson vroeg vervolgens in hoeverre de voortgang naar de monetaire unie impliceert dat de Duitsers de leiders van Europa worden. 'De Deutschmark zal altijd de sterkste valuta zijn door het gedrag van de Duitsers,' was het antwoord. 'Het zijn de Duitsers'. Vervolgens richtte Ridley zijn pijlen op de Europese Gemeenschap als geheel. 'Als ik kijk naar de instituties waaraan men soevereiniteit wil geven, ben ik verbijsterd. Zeven niet gekozen, tweede-rangs politici, die niet aansprakelijk kunnen worden gesteld, die niet verantwoordelijk zijn voor het heffen van belastingen, alleen maar geld kunnen uitgeven, die slaafs worden gevolgd door een indolent parlement dat ook geen belastingen mag heffen, vertonen nu al een arrogante houding die mij de adem beneemt. Het idee dat iemand zegt: 'Akkoord, we geven dit stelletje onze soevereiniteit', vind ik onacceptabel. Ik ben niet principieel tegen het opgeven van soevereiniteit, maar wel als die aan dit stelletje wordt gegeven. Eerlijk gezegd kun je die dan net zo goed aan Adolf Hitler overdragen.'

Verbijsterd over dit antwoord zei Lawson dat kanselier Kohl zeker te prefereren was boven Hitler. Het antwoord: 'Ik weet niet zeker wat ik zou prefereren, de beschutting en de kans om terug te vechten, of gewoon door de economie te worden overgenomen. Binnenkort zal hij hier komen en ons zeggen hoe we onze bankzaken moeten regelen en hoe hoog onze belastingen moeten zijn. Ik bedoel maar, hij zal snel proberen de zaak volledig over te nemen.' Op de vraag of zijn visie was beinvloed door herinneringen aan de Tweede Wereldoorlog antwoordde Ridley dat dat inderdaad het geval was en 'maar goed ook, want het was tamelijk onaangenaam'. Gezien het feit dat Groot-Brittannie niet het land is dat het evenwicht in de Europese economie zal bewerkstelligen, vroeg Lawson zich af of dan de Duitse economie Europa zou domineren. 'De Duitse economie? Dat weet ik niet. Het is het Duitse volk. They'are already running most of the Community. Ik bedoel: de helft van de andere landen wordt al door Duitsland betaald. Ierland krijgt zo 6 procent van zijn bruto nationaal produkt. Wanneer protesteert Ierland tegen de Duitsers?

Ridley zei verder dat het leiden van de economie een zaak was van politieke verantwoordelijkheid die niet aan een ander land kan worden overgedragen, niet aan de Duitsers en in het bijzonder niet aan Pohl. En hij gaf een onheilspellende waarschuwing aan ieder die het wilde proberen. 'Er zou ook een bloedige revolutie kunnen ontstaan. Je kunt de Britten niet in hun voordeel veranderen door te zeggen. 'Meneer Pohl zegt dat je dat niet mag doen'.' In het licht van het tumult dat Ridley's verklaringen veroorzaakte, is zijn laatste opmerking pikant: 'Ik ben negen maal in het parlement gekozen. Ik ben veertien jaar in functie, ik zit nog steeds aan de politieke top en ben nog lang niet klaar.'