Mogelijk explosieven in resten van Brits vliegtuig in Amstelveen

AMSTELVEEN, 12 juli Het is niet uitgesloten dat zich explosieven bevinden tussen de wrakstukken van een in 1944 in Amstelveen neergestorte Britse bommenwerper.

Daarom moeten de bewoners van de wijk Waardhuizen er in verband met de eergisteren begonnen berging van het toestel rekening mee houden dat zij hun woningen tijdelijk moeten verlaten. Dit heeft de gemeente de bewoners laten weten.

Zodra medewerkers van de Explosieven Opruimingsdienst (EOD) op explosieven stuiten zullen in de buurt ongeveer 500 woningen moeten worden ontruimd. Bovendien zal de bewoners van ongeveer 500 andere huizen dan worden verzocht binnen te blijven totdat het ontploffingsgevaar is geweken.

De bommenwerper, een Handly Page Halifax B-1, stortte op 17 juni 1944 in de Bovenkerkerpolder neer. Tot voor kort werd, op grond van destijds opgemaakte processen-verbaal, aangenomen dat het toestel zijn bommenlast kort voor het neerstorten boven zee of het IJsselmeer had weten te lossen. Naar aanleiding van recente informatie van een Britse ooggetuige wordt er echter rekening mee gehouden dat de verbalen niet juist zijn. De ooggetuige meldde dat het toestel, op weg naar het Duitse Ruhrgebied, boven Apeldoorn zou zijn aangeschoten. Vervolgens zou de piloot tevergeefs hebben geprobeerd terug te keren naar Engeland en de lading boven water te lossen.

De standaardlading van de Halifax bestond uit vijftien bommen van 500 pond. Bij de berging, die dinsdag begon, heeft de EOD tot dusver een motor en een propeller aangetroffen. Ook werden stoffelijke resten van twee inzittenden geborgen. Van een van hen is ook het identiteitsplaatje gevonden.

Het toestel had zeven inzittenden aan boord. Bij een bergingspoging in 1944 werd een bemanningslid geborgen. Bij een tweede poging in 1953 werden de lichamen van twee andere inzittenden gevonden.

De gemeente Amstelveen zag tot voor kort geen directe aanleiding voor een nieuwe bergingspoging. Na de nieuwe informatie van de ooggetuige deed de leiding van het Yorkshire Air Museum, dat de geschiedenis van het 77ste squadron van de Royal Air Force documenteert, het verzoek een nieuwe bergingspoging te ondernemen. Het museum wilde niet alleen opheldering over het lot van de laatste vier nog vermiste militairen van het squadron, maar heeft ook belangstelling voor de reconstructie van een bommenwerper van het Halifax-type. De Amstelveense wrakstukken zouden daarbij van grote betekenis kunnen zijn.

De bergingsoperatie komt, behalve de inzet van brandweer en politie, voor rekening van het Rijk. Welk totaalbedrag ermee gemoeid is, kon de woordvoerder van de gemeente nog niet zeggen. Behalve de EOD zijn de Luchtmacht en de gravendienst van de Landmacht bij de berging betrokken. Er wordt rekening mee gehouden dat het niet zal lukken de berging voor het weekeinde af te ronden, wat aanvankelijk in de bedoeling lag.