Inname van Maaswater steeds vaker gestopt

ROTTERDAM, 12 juli Voor het Waterwinningsbedrijf Brabantse Biesbosch begint het tijdelijk stopzetten van de inname van water uit de Maas voor de drinkwatervoorziening langzamerhand een routine-klus te worden. In 1988 was het zes keer raak (in totaal 20 dagen), vorig jaar moest de inname vier keer worden gestaakt (19 dagen). Gisteren werden voor de eerste maal in het nieuwe groeiseizoen de pompen bij Drimmelen uitgeschakeld.

Een te hoge concentratie aan landbouwbestrijdingsmiddelen (atrazine en simazine), afkomstig van de vele maisakkers langs de Maas, maakt het Maaswater momenteel ongeschikt voor inname. Medewerker ir. J. M. J. Waals van de Brabantse Biesbosch verwacht dat het tot begin volgende week zal duren voordat de inname van Maaswater kan worden hervat. In de spaarbekkens van het bedrijf zit een voorraad voor enkele maanden, zodat de drinkwatervoorziening aan de ongeveer een miljoen consumenten die via dit waterwinbedrijf worden bediend niet in gevaar is.

Voor drinkwater geldt als norm dat er niet meer dan 0,1 microgram aan bestrijdingsmiddelen per liter kraanwater in mag zitten. Door inschakeling van actieve koolfilters kunnen de drinkwaterbedrijven deze norm halen als in het aangeleverde water niet meer dan 0,3 microgram aan bedrijdingsmiddelen per liter voorkomt. Als leverancier van de 'grondstof' moet het waterwinbedrijf er derhalve voor zorgen dat deze norm niet wordt overschreden.

Voordat het waterwinbedrijf Brabantse Biesbosch het Maaswater aan drinkwaterbedrijven levert, wordt het gedurende ongeveer een half jaar opgeslagen in spaarbekkens. In die periode zakt de concentratie aan bestrijdingsmiddelen met ruim zeventig procent. Om die reden staakt het waterwinbedrijf de inname van Maaswater zodra de concentratie aan landbouwgif boven 1 microgram per liter komt. Begin deze week diende zich zo'n piek aan. 'Zo'n piek scheren we er door het stopzetten van de inname af', zegt Waals. Op deze manier verweerde het bedrijf zich in het verleden ook tegen te hoge concentraties cadmium en kampfersulfonzuur, afkomstig van bedrijfslozingen.

In Nieuwegein, waar de Watertransportmaatschappij Rijn-Kennemerland voor Amsterdam en andere delen van Noord-Holland water aan de Rijn onttrekt, moest de inname in 1988 drie keer (20 dagen) en vorig jaar een keer (4 dagen) worden gestaakt. Bovendien werd de inname eind vorig jaar wegens een te hoge zoutvracht gedurende ruim zeven weken tot een derde van het gebruikeleijke niveau teruggebracht.