Afrikaanse top roept op tot democratisering

ADDIS ABEBA, 12 juli Een topconferentie van de Organisatie van Afrikaanse Eenheid (OAE) is gisteren in de Ethiopische hoofdstad Addis Abeba geeindigd met een oproep tot democratisering aangepast aan de binnenlandse situatie van elke lidstaat. In haar slotverklaring ontweek de OAE de gevoelige kwestie van een-partij- tegenover meer-partijenstelsel, die in verscheidene Afrikaanse landen tot demonstraties en ongeregeldheden heeft geleid. 'We herhalen onze plannen om onze maatschappijen verder te democratiseren en democratische instellingen in onze landen te consolideren', aldus de verklaring. 'We bevestigen opnieuw het recht van alle landen om hun democratische systemen vast te stellen op basis van hun eigen sociale en culturele waarden.' De Oegandese president Yoweni Museveni, die de Egyptische president Mubarak als OAE-voorzitter opvolgt, onderstreepte op een persconferentie na afloop van de top dat Afrika zijn eigen antwoord moet formuleren op de veranderingen in de wereld, met name met het oog op de hervormingen in Oost-Europa en Zuid-Afrika. 'Afrika moet zelf de vorm van zijn demcoratie bepalen', zei Museveni. 'Ik verwerp de oppervlakkige lessen die we uit sommige hoeken krijgen.'

Museveni verwoordde zo de vrees die de top heeft gedomineerd dat Westerse landen hun hulp aan Afrika afhankelijk stellen van democratische hervormingen. Talrijke deelnemers hebben tijdens de top kritiek geleverd op Westerse donors die politieke voorwaarden stellen en onderstreept dat Afrika geen lessen nodig heeft. Slechts enkele leiders, met name de Nigeriaanse president Babangida, hebben gewezen op Afrika's falen om een antwoord te vinden om de nieuwe werkelijkheid. 'Sinds we in de jaren zestig onafhankelijk werden, hebben we ons gedragen alsof de wereld ons moet onderhouden', zei Babangida. Hij stelde dat de veranderingen in de wereld Afrika als voorbeeld moeten dienen, en betreurde de vele conflicten op het continent. 'Terwijl we moeten bouwen, zijn we druk bezig te verwoesten', zei hij. (Reuter, AFP)