Studie G-7 van SU duurt jaar

HOUSTON, 11 juli De studie van de Sovjet-economie waartoe de economische top van de zeven rijke industrielanden in Houston heeft besloten zal volgens de Wereldbank een jaar in beslag nemen. Het IMF zal de studie uitvoeren in samenwerking met de Wereldbank, de OESO en de nieuw opgerichte Ontwikkelingsbank voor Oost-Europa.

Dit onderzoek gebeurt in overleg met de Europese Commissie, die vorige week op de EG-top in Dublin eveneens opdracht kreeg de economische toestand in de Sovjet-Unie te analyseren.

West-Duitsland heeft voorgesteld om de hulp te concentreren op energie, voedingsmiddelen, transport, macro-economisch advies en milieutechnologie. De Amerikaanse minister van financien Brady zei gisteravond dat de Westerse hulp bedoeld is om het hervormingsprogramma van Gorbatsjov te steunen.

De grondslag voor de compromissen in de slotverklaring vormde een bilateraal gesprek tussen president Bush en bondskanselier Kohl dat maandag plaatshad. Daarbij kwamen Kohl, met het succes van het WK-voetballen en de economische vereniging van Duitsland in zijn bagage, en Bush een uitruil van standpunten overeen.

Over het compromis in de landbouwkwestie werd de afgelopen nacht nog onderhandeld. Het gaat daarbij om de formulering van de slottekst waarop de Europese landen en de VS elkaar kunnen vinden. De Britse premier Thatcher had op instigatie van West-Duitsland een voorstel ingediend voor een maatstaf om de landbouwsteun progressief te verminderen. Maar voor de VS, die eergisteren een keiharde aanval lanceerden op het Europese landbouwbeleid, was dit onvoldoende en de Amerikanen dienden een tegenvoorstel in.

Met het besluit tot de aanpak van het zogeheten broeikaseffect werd de druk op de Verenigde Staten om limieten te stellen voor vermindering van de uitstoot van kooldioxide, dat vrijkomt bij de verbranding van fossiele brandstoffen, weggenomen. L. J. Brinkhorst, directeur-generaal milieu van de EG, zei in dit verband: 'Je kunt niet alles tegelijk van de Amerikanen vragen, daarom hebben we ons nu geconcentreerd op het tropische regenwoud.' Het nu geplande regenwoudproject zal worden uitgevoerd door de Wereldbank en de Europese Commissie. West-Duitsland heeft hiervoor al een bedrag van 250 miljoen D-mark beschikbaar gesteld en rekent op bijdragen van de overige industrielanden.

Gistermiddag werd in Houston een politieke verklaring voorgelezen, waarin steun aan de democratiseringsprocessen in Oost-Europa en de Derde Wereld werd uitgesproken. In de politieke verklaring werden de 'historische opmars van democratie' en 'het begin van een nieuw tijdperk in Europa' in het afgelopen jaar toegejuicht. 'Politieke en economische vrijheid zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden en kunnen niet bloeien in een intolerant klimaat', aldus de verklaring die werd gepresenteerd door de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken James Baker.

De G-7 landen beloven hulp aan landen die een politiek en economisch veranderingsproces doormaken. Deze hulp kan bestaan uit juridische bijstand om wetgeving op te zetten en mensenrechten te garanderen, advies bij de vorming van een onafhankelijke pers, trainingsprogramma's en persoonlijke contacten.

De top ging akkoord met een beperkte hervatting van Wereldbankleningen aan China. Onder druk van de Japanse premier Kaifu meldt de verklaring dat de situatie in China voortdurend opnieuw zal worden beoordeeld voor 'toekomstige aanpassingen' aan 'positieve ontwikkelingen in China'. Terwijl Frankrijk en Canada nadruk legden op de voortdurende schendingen van de mensenrechtenin China, beklemtoonde Japan dat de Volksrepubliek niet geisoleerd mag worden. Japan heeft vorig jaar na de neergeslagen studentenopstand in Peking, een handelskredietlijn van 5,2 miljard dollar voor China bevoren.

Omdat de Sovjet-Unie sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog nog steeds de Japanse Kurillen-eilanden bezet, weigert Japan in te stemmen met iedere vorm van financiele steun aan de Sovjet-Unie. Dit Japanse standpunt werd in de verklaring gehonoreerd.

De verklaring schenkt tevens aandacht aan de recente democratiseringsprocessen in Azie, Afrika en Latijns-Amerika. Voor Zuid-Afrika bepleit de G-7, geinspireerd door de recente rondreis van Nelson Mandela, een vreedzame overgang naar een niet-racistische democratie.

In de discussies van de regeringsleiders werd tevens aandacht besteed aan de oplossing van regionale conflicten in de wereld. Baker zei in zijn toelichting dat de deelnemers aan de top vastbesloten zijn om 'de veiligstelling van democratie in de hele wereld te bevorderen. We willen de hoop van vandaag vertalen in resultaten voor morgen.' In een afzonderlijke verklaring wordt ingegaan op terrorisme en het gevaar van verspreiding van nucleaire, chemische en biologische wapens. Ook wordt opgeroepen om de verspreiding van geavanceerde afvuurinstallaties tegen te gaan. Dit is een verwijzing naar het recente schandaal rondom de leveranties van onderdelen voor een superkanon aan Irak.

Deelnemers aan de top zijn de presidenten en regeringsleiders van de VS, Japan, West-Duitsland, Frankrijk, Groot-Brittannie, Italie, Canada en de Europese Gemeenschap.