Staatslening levert slechts 1,25 mld op

ROTTERDAM, 11 juli De zevende staatslening (rente 8,75 procent) van dit jaar kent een lage opbrengst. Op de uitgiftekoers van de tienjarige lening van 99,3 procent heeft minister Kok (financien) slechts 1,25 miljard gulden uit de markt gehaald. Handelaren hadden bij die uitgiftekoers gerekend op een opbrengst van ongeveer twee miljard gulden. Het effectieve rendement van de nieuwe lening bedraagt 8,86 procent. Kleine beleggers moesten over het aankoopbedrag van de nieuwe staatslening gisteren voor de eerste keer ongeveer een half procent kosten betalen. Bij handel in de nieuwe staatslening zijn de tarieven voortaan even hoog als bij andere beursorders.

Toch was gisteren sprake van een flinke vraag naar de staatslening. Na het bekendmaken van koers en uitgifte steeg de koers in de avondhandel tot 99,55, mede omdat op de uitgiftekoers van 99,3 slechts vijftig procent door de staat werd toegewezen.

Een woordvoerder van het ministerie van financien noemde de opbrengst van de lening 'redelijk'.

'Dit bedrag is gezien de dunne markt in de zomer heel normaal te noemen. De inschrijving was volgens verwachting.' Hij ontkende dat de staat is overgegaan tot een lage toewijzing, omdat al ruim 75 procent van de totale financieringsbehoefte voor 1990 is gedekt.

Op de openbare kapitaalmarkt heeft de staat nu 26,35 miljard gulden met staatsleningen binnengehaald. Via onderhandse leningen en de voorinschrijving van het ABP komt daar nog ongeveer 7,5 miljard gulden bij. De financieringsbehoefte voor heel 1990 raamt minister Kok op 41,3 miljard gulden.

Bij de gisteren toegewezen staatslening heeft de Nederlandse staat voor het eerst de vergoeding aan commissionairs en banken achterwege gelaten. Tot nu toe kregen bemiddelaars een bedrag, afhankelijk van de grootte van de staatslening. Het ministerie van financien heeft deze zogenoemde uitkering als bezuiniging geschrapt. De negentig miljoen gulden die dit oplevert moet de wegvallende staatsinkomsten wegens het schrappen van de beursbelasting compenseren. Vooral particuliere beleggers zullen hierdoor duurder uit zijn. Tot nu toe was de aankoop van nieuwe staatsleningen gratis omdat de kosten van de transactie door de staat werden vergoed. In de praktijk betekent dit dat de kleine belegger enkele tientjes per transactie moet betalen.

Weinig is veranderd voor de grote institutionele beleggers, die doorgaans circa negentig procent van de inschrijving op een nieuwe staatsobligatie voor hun rekening nemen. Voordat de staat de vergoeding afschafte sluisden banken en commissionairs die al door naar institutionele beleggers, die daardoor minder voor hun obligaties betaalden. De institutionele beleggers betalen nu de prijs die ook particulieren betalen, exclusief provisie.