President van Kosovo treedt uit protest af

PRISTINA, 10 juli President Hisen Kajdomcaj van Kosovo is gisteren met nog twee leden van het staatspresidium uit protest tegen het Servische ingrijpen afgetreden. Voor de tweede achtereenvolgende dag is vanochtend in de Joegoslavische provincie Kosovo een algemene een uur durende staking gehouden. Kajdomcaj zei dat hij zich niet kon verenigen met de 'drastische en ongrondwettige' wijze waarop de Serviers het bestuur in Kosovo hebben overgenomen.

Met automatische geweren gewapende politiemannen maakten vanochtend net als gisteren een einde aan de stille mars van tweeduizend stakers in Pristina. In de stad rijden voortdurend pantserwagens en blauwe politietanks. Tot ernstige ongeregeldheden is het nergens gekomen. Ter rechtvaardiging van de ontbinding van het parlement van Kosovo voerde de Servische minister Nikolic, die met de portefeuille-Kosovo is belast, gisteren aan dat op grote schaal sprake zou zijn van handel in drugs, zwart geld en gestolen goederen. Verder zou het illegaal bouwen een ontoelaatbare omvang hebben aangenomen.

'Ik weet niet hoe het in zwart Afrika is, maar wat hier gebeurt tart iedere beschrijving', zei Nikolic. Hij sloot niet uit dat ministers uit de voormalige regering van Kosovo gerechtelijk zullen worden vervolgd. Door de slechte arbeidsmoraal en het hoge ziekteverzuim is volgens de minister de economie volledig ontwricht. Daarom zijn ook Servische artsen gearriveerd die iedere ziekmelding moeten controleren. Iedereen die zonder geldige reden vijf dagen van zijn werk wegblijft, zal zonder pardon worden ontslagen. Volgens Nikolic zal de Albaneestalige krant Rilindja niet meer verschijnen. 'Wij zijn niet langer van plan onze opponenten te financieren en vrij spel te geven. Dat gebeurt nergens in de wereld, dus ook hier niet.'