Peinzen over de levensraadselen

DAMASCUS Telkens als ik hier kom en ronddool door de grote moskee en de spelonkachtige souks, voel ik me in een kronkel van de tijd verzeild. Ik ben niet meer in het hier en nu, maar in het hier en toen, duizend jaar geleden.

De handelswaar, de kleden uit Bochara, Basra, Iran, de stoffen uit steden langs de oude zijderoute, de gouden heerbaan naar Samarkand en verder ze zijn nog hetzelfde. De specerijen uit Java, China, India, de kooplieden, veelal met hun geborduurde Hadj-mutsjes op, de klanten, de van zonsopgang tot middernacht rondleurende venters, ze zijn nog hetzelfde als toen hun voorvaders vochten tegen de christelijke kruisvaarders, die voorgaven dat ze het Heilige Land kwamen 'redden' uit handen van de heidenen, maar hun intussen alles ontroofden.

Het enige dat anders is, is de vijand: die heeft zich verschanst in Israel, ginds over de heuvels, op de Hoogten van Golan, en weigert het land der Syriers te verlaten, land dat is veroverd in de oorlog van 1967. Geen Arabier, is me opgevallen, spreekt daarover als 'de Zesdaagse Oorlog'. De Israeliers en de Amerikanen wel. Voor de mensen hier is het gebruik van die term alsof je ze met het vuile eind van een stok onder de neus zwaait.

De kanonnen zwijgen op het ogenblik, maar de geruchten over een aanstaande oorlog zijn zo talrijk als ze destijds moeten zijn geweest, toen de kruisvaarders en Salah al-Din hun bergvestingen bouwden en over en weer afbraken. Helaas, ook ik heb een metamorfose moeten ondergaan eer ik dit begreep. Op school in Sri Lanka, in de koloniale tijd, leerden wij dat Salah al-Din ('Saladin'), de schurk was en Richard Leeuwenhart van Engeland de held. Maar je moet het plaatje onderste boven houden om de waarheid te zien.

Vredesproces

Overal waar ik kom, maar vooral hier in de Arabische wereld, wordt de onwrikbare waarheid dat alles over iets anders gaat me telkens opnieuw bevestigd. Geen wonder dat het 'vredesproces', dat iedereen zegt hoog te houden, maar nooit van A naar B wil komen zodat het verder kan naar C. Blijkbaar moet je eerst naar D en vervolgens naar A, voordat je ooit kunt hopen via B naar C te komen. Enzovoorts. Nog altijd heerst hetzelfde oude levensraadsel dat alleen de gevierde mullah Nasr al-Ddin kon oplossen.

Hij verklaarde het aldus aan zijn studenten: een mullah liep langs een straat waar een gebouw in aanbouw was. Een werkman viel van de steiger, boven op de mullah, en rolde de stoep op. De leerlingen van de mullah kwamen hem in het ziekenhuis opzoeken en vroegen: 'Wel, mullah, welke wijsheid hebt u door deze ervaring opgedaan?' De mullah dacht een poosje na en antwoordde: 'Hij viel van de steiger. Maar ik lig in het ziekenhuis.' Het is haast onmogelijk je te realiseren dat er hier in Eden geweld wordt gebruikt als je bij Syrische vrienden aan tafel zit. Ze gebruiken nooit scherpe woorden. Sarcasme en vijandige taal schijnen vreemd te zijn aan hun vocabulaire, zelfs als ze over Israel en Amerika spreken. Maar als je langs legerkampen rijdt en de lange rijen trucks ziet met wapens en voorraden voor het leger aan gene zijde van de Libanese grens, en als je de politieke toespraken leest waarin wordt verklaard dat de Hoogten van Golan nimmer zullen worden teruggegeven, dan besef je dat men diezelfde woorden over tweeduizend jaar nog steeds zal zeggen, als het zo lang duurt om dat barre stukje onroerend goed terug te krijgen.

RattenTerwijl ik zat te peinzen over deze levensraadselen, moest ik denken aan mijn vriend professor Jack Calhoun van de universiteit van Maryland, in de Verenigde Staten, wiens levenswerk het is het gedrag van ratten te bestuderen onder toenemende spanningen, veroorzaakt door oorzaken als droogte, honger en overbevolking.

Ik vroeg hem eens of wij mensen elkaar ook uit honger zouden gaan verslinden zoals de ratten deden in een toestand van extreme overbevolking. Hij dacht van niet. En toen veranderde hij op onnavolgbare wijze van onderwerp en zei: 'Maar ik zal je zeggen wat er wel gebeurt, niet later dan 2050. Dat glazen huis aan de East River in New York, dat bureaucratische paradijs, zal verdwijnen. In plaats daarvan zal er een wereld-communicatiecentrum staan, en wel tussen de Eufraat en de Tigris!' De toren van Babel, gebouwd voor zijn eigenlijke bestemming, de communicatie tussen mensen, in tegenstelling tot de spraakverwarring van de VN-bureaucratie, zal hier staan, ergens in Syrie of Irak.

Maar voor het zover is, zal er eerst vrede moeten zijn. Of komt die er pas als we elkaar hebben uitgemoord?

    • Tarzie Vittachi