Het gezicht van vijf eeuwen brilgeschiedenis

De oudste bril uit de verzameling van Kees Kortland (47) is een leren beugelbril uit Egypte. Het unieke exemplaar dateert uit het begin van de zestiende eeuw. Het aardige is dat hij er geen cent voor heeft betaald. Het was een cadeautje van een Parijse kennis, een handelaar in oude kunst die de bril aantrof tussen een lading Egyptische beeldjes uit het begin van onze jaartelling. In de ogen van de kunsthandelaar was het exemplaar niets waard: niet oud genoeg!O ud is echter betrekkelijk, zeker als men bedenkt dat de geschiedenis van de bril pas zevenhonderd jaar bestaat. De eerste verhalen en geschriften erover stammen uit het noorden van Italie. Tijdens een preek in de Florentijnse kerk Santa Maria Novella sprak pater Giordano di Rivalto (1306) de woorden: 'Het is pas twintig jaar geleden dat de kunst van het brillen maken werd uitgevonden. Ik heb zelf de man die ze heeft gemaakt gezien en gesproken.'

Ook de eerst bekende afbeelding van de bril komt uit Noord-Italie: een fresco van Tommaso da Modena (1352) in de kerk van Treviso. Het gebruik van glazen wordt echter al vermeld in een werk van Plinius (50 na Chr.), waarin hij beschrijft hoe keizer Nero door een smaragd naar de spelen keek: 'Nero princeps, Gladiatorum pungas spectabat smaragdo.' D e verzamelaar Kees Kortland is geobsedeerd door alles wat met brillen te maken heeft. Vreemd is dat niet, want hij is er bij wijze van spreken tussen grootgebracht. Zijn ouders waren allebei opticien en hadden een goedlopende winkel in Rotterdam.

In 1968 nam hij de zaak over. Het was tevens het jaar waarin hij met verzamelen begon. Zijn eerste exemplaar kocht hij op de laatste antiekbeurs in de oude Hallen in Parijs. Het was een eenvoudig knijpbrilletje, een pince-nez, uit de jaren dertig. Het begin van een prachtige collectie, maar ook van een rusteloos bestaan: altijd op zoek om zijn verzameling uit te breiden. Als hij in een catalogus las dat een antiquair in Londen, Parijs of Geneve een bijzondere bril te koop had, vloog hij op een dag heen en weer om het exemplaar te bemachtigen. Ook de vakanties stonden in het teken van zijn verzameling. Dan stroopte hij samen met zijn vrouw alle markten en beurzen in Europa af, het oog gericht op ontdekken. De sensatie om tussen allerlei rommel voor dertig francs een zilveren beugelbril uit de zeventiende eeuw op de kop te tikken is onbeschrijfelijk. Evenals de opwinding die hij ervoer toen hij voor driehonderd gulden eigenaar werd van een prachtig beschilderde ivoren kijkerwaaier, belegd met bladgoud. Een exemplaar dat nu zeker achtduizend gulden waard is. Momenten waar hij nog wel eens met weemoed aan terug denkt. Wat niet wil zeggen dat hij verzamelt om er later aan te verdienen. Integendeel, hij schenkt zijn collectie nog liever aan een museum dan dat hij haar zal verkopen.

D oor zijn drukke werkzaamheden heeft Kortland al jaren niet veel tijd meer voor het speurwerk. Hij wil echter niet romantiseren, want het grootste deel van zijn collectie heeft hij voor een behoorlijke prijs moeten kopen. Het is voor een verzamelaar dan ook van groot belang een netwerk van relaties op te bouwen, vooral de verstandhouding met antiquairs is belangrijk. Op die manier is hij in het bezit gekomen van een loupebril met wegdraaiende lenzen uit de achttiende eeuw. Een verovering waar hij trots op is. Want een dergelijk exemplaar ontbreekt zelfs in de beroemde collecties van het Science Museum in Londen en die van Zeiss in Oberkochen. Het is tot op heden de enige loupebril met wegdraaiende lenzen ter wereld.

D e meeste affiniteit heeft hij met brillen uit de achttiende eeuw. Er worden dan voor het eerst monturen met pootjes gemaakt. Het is tevens het begin van industrieel vervaardigde modellen.

Tegelijkertijd ontstaat er, vooral in Frankrijk, een stijl om brillen te camoufleren in waaiers, wandelstokken of parfumflesjes. Niet alleen om een oogafwijking te verbloemen, maar ook om de partner of ma^itresse te observeren.

O ngeveer tien jaar geleden stolde zijn verzamelaarsbloed. De collectie zo'n driehonderd bijzondere exemplaren was verzadigd. De geschiedenis van de bril was in alle stijlen in zijn verzameling zichtbaar. Om onthoudingsverschijnselen te voorkomen is Kortland toen zijn collectie gaan verbreden met optische instrumenten en boeken over brillen en oogziektes. Inmiddels heeft hij ten minste duizend banden, waaronder een prachtig boek van Descartes uit 1670. Ook verzamelt hij etsen waarop brillen voorkomen. Hij is de trotse bezitter van een licht beschadigde ets van Van Ostade en van een gesigneerde Toulouse-Lautrec, uiteraard met afbeeldingen van brillen.

Het oog wil ook wat, Museum De Dubbele Palmboom, Voorhaven 12, Rotterdam (Delfshaven), di. t/m zat. 10 - 17 u., zo. 13 - 17 u., t/m 2 september.