'Dit is het van binnenuit schillen van de appel'; Marinebenauwd voor inkrimping defensie

DEN HAAG, 9 juli 'Je spreekt met elkaar af wat wel en niet nodig is, welke taken moeten blijven en welke kunnen vervallen. Pas daarna wordt duidelijk welke consequenties dat heeft voor het personeel. Het stoort ons verschrikkelijk dat aan de bezuinigingen van Ter Beek geen enkel plan ten grondslag ligt.' F. J. Marcus, luitenant ter zee van administratie der tweede klasse oudste categorie en hoofd sectie georganiseerd overleg van de Koninklijke Vereniging van Marine-officieren, vindt manier waarop Ter Beek bij defensie wil bezuinigen 'stuitend'.

'Dit wordt ook wel eens omschreven als het van binnenuit schillen van een appel', vult S. C. Barends, officier van artillerie en luchtverdedigingsofficier aan boord van het geleidewapenfregat Hr.

Ms. Tromp aan. Barends: 'Om een voorbeeld te geven over het gebrek aan inzicht: in het Weens overleg wordt niet gesproken over reducties van wapens en manschappen bij de marine. Maar in de plannen gaat er een hele grove kaasschaaf over de drie krijgsmachtonderdelen. In Kola in het noorden van de Sovjet-Unie wordt harder aan duikboten gewerkt dan ooit tevoren. Eenmaal in de zes weken loopt er een van de helling', aldus Barends. 'Een akkoord in Wenen treft de marine dus niet, maar we moeten wel gewoon inkrimpen omdat de ontwikkelingen tussen Oost en West daartoe aanleiding geven.' Marcus: 'We hopen natuurlijk dat de Kamer deze plannen te wazig zal vinden. Je ontkomt niet aan de indruk dat dit een aktie is die sterk door partijpolitiek is bepaald. Een minister die zijn plannen ventileert in de Defensiekraint, zonder de zegening van het kabinet? Het lukt de PvdA niet om zich te profileren, begrijpen we van mevrouw Sint. En nu heb je dan toch ineens een PvdA-minister die het mes in de krijgsmacht zet. Dat is mooi scoren. Weer eens iets anders dan krantekoppen over milieu, werkloosheid of gezondheidszorg.' Marcus vervolgt: 'Maar of de Kamer er nog iets aan doet is de vraag. Het komt niet echt vaak voor dat een bewindsman z'n keutel intrekt als ze daar beginnen te loeien. 't Is ook perfect gepland. Die Kamerleden kunnen de komende twee maanden even flink uitrazen aan de Costa Brava en als ze terugkomen denken ze; wat was dat ook al weer met die Ter Beek.' Wat de inkrimpingen precies inhouden is de officieren geenszins duidelijk. 'Je weet het niet', merkt luitenant ter zee B. Fritzsche van de afdeling onderwijs van de directie personeel van de koninklijke marine op. 'Er gaan fregatten tegen de kant. Misschien wordt de marine-luchtvaartdienst helemaal 'uitgefaseerd'. Wat gezegd wordt is dat we met teveel mensen zitten. Nou, neem van mij aan dat we nooit ruim in ons jasje hebben gezeten. We kunnen het hele takenpakket nu al niet uitvoeren.'

'Gaan we op de Antillen inleveren? Waarschijnlijk wel, maar wat heeft dat met de verbeterde Oost-West-verhoudingen van doen?', zegt mr. C. A. Slagt-Kelly, luitenant ter zee en op het ministerie werkzaam bij de afdeling materieelsverwerving. 'Er komen nu al minder mensen binnen, al gaan de wervingsadvertenties gewoon door.' De grote vrees bij de officieren is dat het middenkader wegloopt. 'Ze verdwijnen 'krijgsmachtbreed' ', zegt Marcus. 'Dat is voor de minister cijfermatig natuurlijk wel leuk, maar voor de onderdelen is het een ramp. Die jongens kunnen makkelijk elders een baan krijgen. Vroeger was dat alleen een probleem met vliegers. Maar nu is het informatica, management, technische dienst, electronica, noem maar op. Mensen met een fantastische opleiding, die zeer stress-bestendig zijn en op hun 21ste al aan heel wat mensen leiding gaven.' De sfeer verslechtert voortdurend, weten de officieren. Op een groep van 1150 collega's is van vijftig bekend dat ze weggaan. 'Probleem is nu al dat er kennelijk iets niet helemaal goed bij je is als je blijft. Dat is de teneur in elk gesprek, een ramp voor de sfeer en de motivatie', zegt Barends.

Naast het verdwijnen van landmachtbrigades in de Noord-Duitse laagvlakte, wordt voor wat de marine betreft gevreesd dat de basis in Vlissingen versneld dicht gaat nadat de mijnenbestrijdingsflottielje al naar Den Helder was verplaatst. De luchtmacht moet vrezen voor de bases in Leeuwarden en Gilze Rijen. 'Je kunt het aantal velden wel reduceren, maar dan krijg je per vliegveld meer vliegbewegingen. Het is de vraag of de milieuwetgeving dat toestaat', zegt luitenant-ter-zee Fritzsche. Bij de Marine wordt gevreesd voor het lot van bijvoorbeeld de schepelingen, onderofficieren en manschappen die een dermate specifieke opleiding hebben dat ze nergens anders aan de slag kunnen. 'De minister zegt wel dat de trap van boven naar beneden wordt schoon geveegd. Maar daar hebben we onze twijfels over. Je kunt op de staf in Den Haag wel snoeien, maar dat levert niet zo heel veel op', zegt Marcus.

Volgens kapitein der mariniers D. Maessen wordt te licht gedacht over de ontwikkelingen tussen Oost en West. 'Daar staart men zich nogal blind op. Er is ook nog zoiets als Noord-Zuid. We zijn afhankelijk van grondstoffen uit die landen. Maar die landen krijgen steeds meer middelen om internationaal te opereren. Denk maar aan Pakistan. Natuurlijk, de NAVO is ontstaan uit het Oost-West-probleem. Maar nu zegt iedereen dat het leger op zoek is naar taken. Dat is onzin. Maar ik geef toe dat we te laat zijn met het wijzen op mogelijke spanningen in de verhoudingen tussen Noord en Zuid.' De militairen begrijpen dat de problematiek in Nederland nog overzichtelijk is. 'Moet je kijken wat er in Rusland gebeurt. Die krijgen alle manschappen terug uit de satellietstaten. Wat te denken van Duitsland met z'n Bundeswehr, nu Oost-Duitsland er bij komt. In de VS wordt alleen al het aantal mariniers van 196.000 naar 167.000 terug gebracht. Dat zijn gigantische operaties. Natuurlijk moet hier wat gebeuren. De vraag blijft alleen of de zaak mobilisabel blijft. Daar is een plan voor nodig, geen lijst met percentages.'