Miss Marple pleit voor de doodstraf

Er zijn inmiddels al twee biografieen verschenen over Jane Marple, Agatha Christie's superspeurneus, hetgeen des te opmerkelijker is omdat de oude dame immers nooit heeft bestaan.

Het zijn Anne Harts Miss Marple haar leven en werk (uitg. Luitingh-Sijthoff, 1990) en Irmela Brenders Uber Miss Marple (Fischer Taschenbuch Verlag, 1986).

Het boek van de laatstgenoemde opent met een scene waarin wij de kennismaking hernieuwen met Miss Marples vriendinnen Martha Price Ridley, Amanda Hartnell en Caroline Wetherby. Miss Marple is al enige tijd niet in St. Mary Mead, hun gezamenlijke plaats van inwoning, gesignaleerd. Nu verschijnt zij plotseling in de huiskamer van Mrs. Price Ridley via de zender BBC 1. 'Ik heb er geen woorden voor', zegt Mrs. Price Ridley. 'Het is ongelofelijk! Jane Marple op de televisie! Smakeloos!' 'Je hebt volkomen gelijk, lieve schat', zegt Miss Hartnell met dreunende bas. 'Zoiets doe je eenvoudig niet!' 'Wat zullen de mensen denken', steunt Miss Wetherby. 'En vinden jullie niet dat zij onherkenbaar is veranderd?' vraagt Mrs. Price Ridley. 'Zij was toch altijd teer en taai en preuts, en nu ziet zij eruit als een zwaarlijvige oude houwdegen van honderd kilo.'

'Nou, zwaarlijvig... robuust van gestalte', zegt Miss Hartnell, die honderd kilo weegt. 'Maar inderdaad Jane is klein en tenger. En ze heeft niet deze rare kin.' Allicht, want wat de dames zagen was niet de kin van Miss Marple, maar de kin van actrice Margaret Rutherford, die in de vroege jaren zestig een viertal films (Murder she said, Murder at the Gallop, Murder ahoy en Murder most foul) over haar maakte.

Het is een klassiek voorbeeld van een verkeerde casting. Ook Agatha Christie was in eerste instantie niet gelukkig met het feit dat de filmindustrie de speurster in een in tweed verpakte dragonder had veranderd, lees ik in Margaret Rutherfords biografie. Toen de dames elkander uiteindelijk op de set ontmoetten werden zij, de schrijfster en de actrice, de beste maatjes. Christie's thriller The mirror cracked from side to side zou zelfs aan 'my friend Margaret Rutherford' worden opgedragen en tot op heden adverteert de uitgever de nieuwste drukken via Rutherfords potvisachtige gestalte, zonder dat de schrijfster daar enig bezwaar tegen maakt. Zij schreef trouwens primair om het geld (en bovendien is zij al enige jaren dood).

'Je zult weg zijn van tante Jane', zegt haar neef Raymond tegen zijn vrouw. 'Zij is een volmaakt stuk antiek. Door en door Victoriaans. De poten van al haar toilettafels zijn in sitsen rokken gehuld. Zij woont in een dorp. Het soort dorp waar nooit iets gebeurt, net als in een poel stilstaand water.' In werkelijkheid is het desbetreffende dorp, St. Mary Mead, gedurende twaalf romans en twintig korte verhalen geteisterd door zestien moorden, vier pogingen tot moord, vijf inbraken, acht verduisteringen, twee pogingen tot chantage, enige gevallen van stroperij, benevens een indrukwekkend aantal anonieme lastercampagnes.

Gelukkig maar dat Jane Marple als onbezoldigd koddebeier fungeerde. Zij nipte van haar glaasje sleutelbloemwijn, zette haar gezond verstand op scherp en stuurde even later genadeloos de moordenaar naar de galg. Ook daarin was zij zo Victoriaans als koningin Victoria zelve. God heeft de standen gewild, het huispersoneel diende met twee woorden te spreken, de badmode was een bedreiging voor de openbare zedelijkheid, een hoestje werd bestreden met een ouderwets huismiddel als kamferolie, een bronchitis werd genezen door het oplossen van een sappige moord en de betrokken moordenaar hoorde te worden opgehangen.

'Ik vind het werkelijk erg jammer', sprak de oude dame, 'dat ze tegenwoordig de doodstraf hebben afgeschaft'. Zij had deze krachtdadige opvatting niet van een vreemde. Men leze de autobiografie van haar schepster, ook al zo'n allerliefste, beschaafde oude dame. Tot het over de zegeningen van de capital punishment gaat. Wat moet de maatschappij doen met een moordenaar? 'Je zou de misdadiger de keus kunnen geven tussen de gifbeker en het zich beschikbaar stellen voor experimenteel onderzoek, bijvoorbeeld.'

Maar in feite is elke vorm van medelijden respectievelijk elke poging tot resocialisatie uit den boze. Bungelen zal hij! 'Waarom zou hij niet ter dood gebracht mogen worden? Wij hebben in dit land de wolven uitgeroeid; wij hebben nooit geprobeerd de wolf te doen nederliggen met het lam en ik betwijfel ook ten zeerste of ons dat gelukt zou zijn. Wij hebben in de bergen op wilde beren gejaagd opdat zij niet naar beneden zouden komen om bij de beek spelende kinderen te verscheuren. Dat waren onze vijanden en wij hebben ze uitgeroeid.' Margaret Thatcher, de IJzeren Dame van het eigentijds conservatisme, had het niet beter kunnen zeggen.

Het maakt Agatha Christie's Miss Jane Marple alleen maar geloofwaardiger en authentieker. Zij is een monument bezuiden haar kanten mutsje, een monument met meer mensenkennis dan het complete rechercheursbestand van Scotland Yard. Temidden van al die andere vrouwelijke speurders staat zij tot op heden op eenzame hoogte. De misdaad is, generaliserend gesproken, een mannenzaak. Het geldt voor zowel de misdadiger als de misdaadbestrijder. De vrouw staat tussen de coulissen en draait decoratief met haar heupen. De schaarse keren dat zij actief participeert bedient zij zich van een geniepig moordmiddel als arsenicum. Een eerlijke oplawaai, met de bijl hetzij met de pook, is voorbehouden aan het zogenaamde sterke geslacht.

Een echte moordenares is een witte raaf en haar tegenvoetster aan gene zijde van de wet de vrouwelijke speurder heeft eveneens zeldzaamheidswaarde. Nora Van Snoop, Nurse Sarah Keate, Christy Opera, Miss Maud Silver, Hannah Van Doren, bijgenaamd Homocide Hannah, the Gorgeous Ghoul drie weken na hun geboorte waren zij al vergeten.

Nee, men kome mij niet aan boord met Modesty Blaise. Zij geniet onmiskenbaar een zekere populariteit, maar het valt te vermoeden dat de belangstelling van het lezerspubliek niet primair naar haar speurneus uitgaat. Waarom draagt zij haar Colt 32 niet, zoals elke fatsoenlijke speurder, in een schouderholster? 'Dat gaat niet als je borsten hebt, zoals ik', zegt zij. 'Dus draag ik een holster achterop mijn heup.' Jane Marple heeft haar borsten noch een Colt 32 nodig om een misdaad op te lossen. Zij bedient zich exclusief van haar kleine, grijze cellen. Waarom droeg mevrouw Simons haar nieuwe bontjas slechts eenmaal? Wat kon het eigenaardig gedrag van de bestelwagen van meneer Selkirk verklaren? Breiend beziet zij het lijk onder het penantkastje in de pastorie, net zoals haar Franse zusters tweehonderd jaar geleden bezijden de guillotine het een-recht-een-averecht bedreven.