Gerd Muller: 'Ach, ik stond er gewoon'

ROTTERDAM/MUNCHEN Op 7 juli 1974 maakte een Duits mannetje met heel kromme benen een einde aan de droom van vele Nederlandse voetbalfans. Gerd Muller, Bomber der Nation, schoot in de slotfase van de eerste helft van de WK-finale in Munchen de bal langs de verstarde Jan Jongbloed en Herman Kuiphof riep voor de televisie dat 'we er toch zijn ingetuind'.

Muller zegt zestien jaar later dat het gouden doelpunt nog in zijn geheugen ronddwarrelt. Het was ook de belangrijkste treffer uit zijn carriere. Gelegenheid om 'm te vergeten zou hij toch niet hebben, want de Duitse tv laat nog regelmatig de winnende actie uit '74 zien, vooral nu het WK loopt en de Mannschaft weer in de finale staat.

'Ik', zegt Muller, 'begrijp nog steeds niet waarom de drie Nederlanders, klassespelers toch, die in mijn buurt liepen allen de verkeerde kant opstapten.' Het is niet zijn bedoeling zout in de voor vele Nederlanders nog steeds open wond te strooien. Muller is zelfs zeer complimenteus over het oranjeteam van toen. Hij noemt de ploeg van Michels en Cruijff de beste van dat WK. 'Als we in de poule tegen Nederland hadden moeten spelen waren we kansloos geweest. Bij een finale spelen altijd andere zaken mee.'

Muller bekent dat hij voor de wedstrijd niet al te optimistisch was over het resultaat en hij heeft er ook geen moeite mee toe te geven dat de strafschop die scheidsrechter Taylor na de buiteling van Holzenbein aan de Duitsers gaf er geen was. 'Maar', aldus Muller, 'in de tweede helft was een actie wel een penalty waard.'

Franz Beckenbauer en Gerd Muller waren in '74 de sterren van de kampioensploeg. Het is nog nauwelijks voor te stellen dat de twee ploeggenoten waren. De rijzige Beckenbauer staat als teamchef van de huidige nationale ploeg nog steeds volop in de belangstelling. Muller, met bril en baard, bekijkt vanaf de bank in de woonkamer van zijn etagewoning in de Munchener wijk Solln samen met de buurman, een bijna bejaarde Beier, het wereldkampioenschap.

Gerd Muller, 44 jaar inmiddels, gedraagt zich niet als een vedette. Hij viel tijdens zijn voetballoopbaan al uit de toon bij zijn modieus geklede en welbespraakte collega's. Muller deed buiten het veld geen opmerkelijke uitspraken en was niet te betrappen op buitensporig gedrag. Hij bleef ook in zijn glorietijd altijd de bescheiden verhuizer van vroeger. Trainer heeft Muller nooit willen worden, omdat, zoals hij het uitdrukt, 'geen hartinfarct wil krijgen'.

Hij leeft teruggetrokken, heeft een doodgewone vriendenkring en zegt graag thuis te zijn. Hij wil het liefst met rust worden gelaten, maar is te aardig een verzoek om een gesprek te weigeren.

Muller behoort met zijn erelijst tot de groten uit voetballand. Hij werd met Duitsland niet alleen wereldkampioen, maar in '70 ook Europa's nummer een. Met Bayern Munchen won hij vier Europa Cups en vier landstitels. Muller scoorde altijd en overal. Men noemde hem de koning van de frommeldoelpunten. Volgens de Duitsers had hij Torinstinkt. Helmut Schon, de bondscoach van de WK-ploeg van '74, zei ooit dat er hoogstens maar een keer in de honderd jaar een klassespits als Muller geboren wordt. Der Bomber trof in 425 competitiewedstrijden 365 keer doel voor Bayern, maar zijn score voor de nationale ploeg is nog indrukwekkender, 68 doelpunten in 62 interlands. Muller heeft ook de meeste WK-treffers op zijn naam staan, veertien, gescoord in de eindronden van '70 en '74. De fameuze Pele is niet verder dan twaalf gekomen.

Het typeert Gerd Muller dat hij toch zijn drie seizoenen in het Amerikaanse voetbal bij Fort Lauderdale Strikers, waar hij een punt achter zijn carriere zette, als zijn mooiste tijd betitelt. 'We waren de helft van de tijd vrij en ik heb er meer verdiend dan in twaalf jaar bij Bayern.' Muller is nog steeds mede-eigenaar van een restaurant in Florida. Verder verdient hij nog wat bij als reclame-object en als speler in wedstrijden met oude sterren. Maar Muller tennist tegenwoordig liever. Dat doet hij bijna dagelijks. Waar zou hij naar kijken als de WK-eindstrijd met Duitsland en de Wimbledon-finale met Becker zouden samenvallen? 'Naar het voetbal, ach ja, natuurlijk.' Gevraagd naar zijn 'geheim' als Torjager haalt Muller zijn schouders op. 'Ach, ik stond er gewoon.'

Hij zegt dat de spelers van nu atletischer zijn dan vroeger, het spel sneller maar minder aantrekkelijk is. Muller is blij in de jaren zeventig te hebben gevoetbald. 'Met de huidige systemen had ik nu nooit zo veel kunnen scoren als toen.'

Muller vindt Franco Baresi en, toch, Diego Maradona de beste spelers van het WK. De spits van Italie, Schillaci, in vele kranten natuurlijk al met Muller vergeleken, noemt hij niet. 'Hij staat ook steeds op de goede plaats, ja', maar ik stond wel veel minder buitenspel dan hij.' Muller zegt dat het Duitse elftal hem in Italie aangenaam heeft verrast. Een vergelijking met het team van '74 kan en wil hij niet maken. 'Wij hadden meer bekende spelers in de ploeg.'

Muller is er van overtuigd dat West-Duitsland wereldkampioen wordt. Hij hoopt er vurig op. Muller is vol lof over zijn voormalige ploeggenoot Beckenbauer. Hij betwijfelt echter of de teamchef zo rustig is als Beckenbauer het zelf wil doen voorkomen. 'Als speler had hij ook al zo'n houding. Maar ik heb Franz Beckenbauer wekelijks in de kleedkamer meegemaakt. Ik weet dus wel beter.'

    • Hans Klippus