Zicht op nieuw gesprek over toekomst Ulster toch weervertroebeld

LONDEN, 6 juli Peter Brooke, de Britse minister voor Noord-Ierland, werd op het laatste moment van zijn glorie beroofd.

Tegen zijn stellige verwachting in kon hij het Lagerhuis gisteren, bij het ingaan van het jaarlijkse debat over Noord-Ierland, geen concrete vooruitzichten geven over nieuwe besprekingen tussen alle betrokken partijen over de politieke toekomst van Ulster.

De regering in Dublin hield op het laatste moment haar poot stijf: geen aankondiging van besprekingen zolang de Republiek geen keiharde garantie heeft dat ze daarbij van het begin af aan betrokken wordt. Koortsachtige onderhandelingen tot op het laatste moment konden niet verhinderen dat Brooke nu hele stukken weg moest laten uit een triomftoespraak die al eerder was verspreid.

De complicatie volgt op maandenlange 'besprekingen over besprekingen', geinitieerd door Brooke, die als uitkomst dienen te hebben dat de bij Noord-Ierland betrokken partijen hun verschillen van mening overbruggen en het bestuur over de provincie weer zelf in handen nemen. Dergelijke experimenten zijn tot nu toe altijd op een fiasco uitgelopen, maar Brooke is er op een haar na in geslaagd partijen tot een nieuwe poging te verleiden. De regering in Dublin, die via het Anglo-Ierse Akkoord van 1985 een zekere medezeggenschap heeft over het lot van de katholieke minderheid in Noord-Ierland, is in principe akkoord gegaan met een feitelijke opschorting van de werking van dat verdrag voor de duur van nieuwe besprekingen in Noord-Ierland.

Het bestaan van het akkoord is een doorn in het oog van de Unionisten, geleid door James Moleyneaux en ds Ian Paisley, die vinden dat de regering in Dublin daarmee een voet tussen de deur krijgt in een kwestie die alleen Londen en de protestantse meerderheid in Noord-Ierland aangaat. Door hun sabotage van het akkoord staan de Unionisten echter in feite al vier jaar buiten spel, omdat het uit Londen gedirigeerde Northern Ireland Office nu alleen met de merendeels katholieke SDLP van John Hume om tafel zit. De Unionisten hebben er belang bij aan die isolatie een einde te maken, zonder daarbij hun gezicht te verliezen.

Ondanks de tegenslag van gisteren toonde Brooke zich optimistisch over de uiteindelijke uitkomst van zijn pogingen. Dominee Paisley hielp niet erg door meteen de schuld voor de vertraging neer te leggen 'in de handen van een buitenlandse mogendheid' (i.e. de Republiek Ierland), terwijl James Molyeneaux niet kon nalaten met enig leedvermaak op te merken dat nu 'de luiken waren neergelaten over dit pad van vooruitgang', maar zowel SDLP-leider John Hume als de Ierse premier Charles Haughey steunden Brooke in zijn optimisme.

Dat de regering in Dublin desondanks een spaak in het wiel stak heeft alles te maken met een grondig wantrouwen tegenover de eigenlijke bedoelingen van de Unionisten. Minister Brooke stelt voor dat de partijen in Noord-Ierland eerst samen om de tafel gaan zitten en dat later de Ierse regering bij die besprekingen wordt betrokken. Dublin is bang dat de Unionisten alles in het werk zullen stellen om de Republiek buiten de besprekingen te houden (bijvoorbeeld door ze eindeloos te rekken en zo het Anglo-Ierse Akkoord buiten werking te stellen) en wil nu garanties over het moment dat ze bij de onderhandelingen wordt betrokken. In die eis wordt de Ierse regering gesteund door de SDLP.