Universiteiten keren 300 mln wachtgeld uit

ROTTERDAM, 6 juli Universiteiten en academische ziekenhuizen gebruiken ruim zeven procent van het geld dat ze voor hun personeelskosten krijgen van minister Ritzen (onderwijs) om wachtgeld te betalen. Dit jaar gaat het daarbij om een bedrag van bijna driehonderd miljoen gulden.

Dat blijkt uit een brief van Ritzen aan de universiteiten en academische ziekenhuizen. De Rijksuniversiteit van Utrecht, de Universiteit van Amsterdam en de Katholieke Universiteit Nijmegen besteden meer dan tien procent van hun personeelsbudget aan vertrokken werknemers. De hoge uitgaven zijn voor een belangrijk deel het uitvloeisel van de twee taakverdelingsoperaties die in de jaren tachtig aan de universiteiten zijn uitgevoerd.

In zijn brief geeft Ritzen aan hoe hij de universiteiten in het vervolg zelf verantwoordelijk wil maken voor de uitkering na ontslag. Daartoe verstrekt hij de instellingen voortaan een vast budget. Keren ze een hoger bedrag aan wachtgelden uit, dan moeten ze dat zelf betalen. Valt het bedrag lager uit, dan mogen ze het overschot aan andere zaken besteden. De universiteiten hebben tegen deze aanpak minder bezwaar dan tegen een eerder plan van de minister om hen ook nog te laten opdraaien voor een deel van de overschrijdingen bij de wachtgelden.

Ritzen verwacht zo deze uitgavenpost beter beheersbaar te maken. Tot voor kort betaalde de minister van financien de aanspraken op wachtgeld. Op dit moment zijn de verschillende ministers zelf verantwoordelijk voor de bewaking van het budget.

Bij de overdracht van deze verantwoordelijkheid bleken de uitgaven voor de wachtgelden bij het ministerie van onderwijs hoger dan tot dan toe was aangenomen. De overschrijding is echter geringer dan Ritzen half juni aan de Tweede Kamer schreef.