Oppositie laakt 'politieke list' van d'Ancona; Kamertorpedeert noodwetje

DEN HAAG, 6 juli Met name de fracties van VVD en D66 hadden gisteren tijdens het debat in de Tweede Kamer over zondagsreclame veel kritiek op de handelwijze van minister d'Ancona (WVC). Om uitbreiding van de reclame-zendtijd per 1 januari veilig te stellen van 5 procent van de totale zendtijd naar 6,5 procent had d'Ancona de discussie over reclame op zondag daarvan losgekoppeld door dit onderwerp in een apart wetsvoorstel onder te brengen. 'Het is bijna een juridisch monstrum', aldus het Tweede-Kamerlid Hermans (VVD). Hij sprak van 'uitholling van het recht van amendement'.

Toen de PvdA-fractie vorige week het amendement van VVD en D66 wilde steunen om het verbod op zondagsreclame uit de Mediawet te halen en het CDA als gevolg daarvan steun aan het wetsvoorstel over uitbreiding van de STER-reclame dreigde te onthouden, greep d'Ancona in. Door de stemming ruim een week uit te stellen, had de minister de gelegenheid een oplossing te bedenken waarmee de uitbreiding van de STER-reclame veiliggesteld zou kunnen worden. Dat was geen politieke list, zoals het Kamerlid Wolffensperger (D66) het omschreef, maar noodzaak om te voorkomen dat het wetsvoorstel voor uitbreiding van de STER-reclame zou sneuvelen, aldus de minister. Hermans sprak van een slechte vertoning. Vergeefs probeerde hij de PvdA-fractie alsnog over te halen voor het 'volstrekt duidelijke' VVD/D66-amendement te stemmen.

Hermans (VVD) noch Wolffensperger (D66) konden begrip opbrengen voor de plotseling ommezwaai van de PvdA-fractie, die nu voorstelde om zondagsreclame onder voorwaarden in te voeren. 'Wij vinden nu eenmaal dat dat nodig is', luidde het verweer van Van Nieuwenhoven (PvdA). Wolffensperger signaleerde 'een typisch Hollands probleem'.

Partijen waren volgens hem verdeeld over de wijze waarop zondagsreclame moest worden ingevoerd: op de liberale manier, de confessionele (de CDA-ministers zijn in tegenstelling tot de partijgenoten in de Kamer geen tegenstander) of de socialistische. De discussie over reclame op zondag diende volgens hem juist te worden gevoerd als de Kamer, later dit jaar, debatteert over het wetsvoorstel dat commerciele televisie regelt, aldus Wolffensperger. Dat is nu vrijwel onmogelijk geworden. Het Kamerlid Middelkoop (GPV) vond het 'ronduit beschamend dat er door deze wetgevende gang van zaken geen rustig en afgewogen debat over de zondagsreclame kon plaatsvinden'.