Minderheid Kamer behoedt zondag voor Ster-reclame

DEN HAAG, 6 juli In de lacherige sfeer die er altijd in de Tweede Kamer hangt als de zomervakantie aanbreekt, viel gisteravond even een geladen stilte. Het was tijdens de stemmingen over het wetje van minister d'Ancona van WVC over zondagsreclame. Toen Kamervoorzitter Deetman vroeg wie voor dit wetsvoorstel was, staken alleen de PvdA-Kamerleden hun handen op. Een meerderheid in de Tweede Kamer vindt dat de STER ook op die dag moet kunnen uitzenden, maar het CDA kreeg toch weer zijn zin.

Het wegstemmen van het zondagswetje was het eindresultaat van, zoals het Kamerlid Wolffensperger (D66) het omschreef, een typisch Hollandse oplossing voor een typisch Hollands probleem. Minister d'Ancona was woensdag overhaast met het aparte wetje gekomen om uitbreiding van de etherreclame op weekdagen mogelijk te maken en zo de publieke omroepen van extra inkomsten te voorzien. Daar was het debat over de tv-reclame tenslotte om begonnen.

De VVD had echter tweespalt in het regeringskamp CDA/PvdA weten te zaaien door het wetsvoorstel dat die uitbreiding moet regelen te willen aanvullen met een amendement over het opheffen van het verbod op zondagsreclame. De VVD'er Hermans kreeg het Kamerlid Van Nieuwenhoven (PvdA) zo ver zich daar positief over uit te spreken. Omdat ook D66 Hermans steunde, zag het CDA de zondagsrust verstoord. Prompt dreigde het Kamerlid Beinema (CDA) tegen het hele wetsvoorstel te stemmen, dat daardoor zou worden getorpedeerd.

Om uit de impasse te komen diende PvdA-minister d'Ancona zelf een apart voorstel over zondagsreclame in. Daarmee haalde ze de angel uit het andere wetsvoorstel en verzekerde ze zichzelf van uitbreiding van de STER-reclame op weekdagen. Wolffensperger noemde het haast-wetje een schoolvoorbeeld van de manier waarop de christendemocratische bewindslieden in het kabinet tegen etherreclame op zondag aankijken: uit principe geen reclame op die dag, tenzij blijkt dat de publieke omroepen het geld dat het opbrengt niet kunnen missen. De minister van WVC kan zelf beslissen wanneer dat moment van financiele nood is aangebroken, waardoor er voorlopig in de praktijk niets zou veranderen.

Het Kamerlid Hermans (VVD) ging dat niet ver genoeg. Hij speelde het politieke spel verder en bracht de PvdA in een moeilijk parket door ook bij dit zondagswetje het amendement in te dienen dat onmiddellijke opheffing van het verbod op zondagse etherreclame behelst. De PvdA had zich daar tenslotte voor uitgesproken en hoefde nu niet meer bang te zijn dat het CDA de andere wet zou dwarsbomen. Maar de PvdA durfde het CDA niet voor het hoofd te stoten.

Om niet voor het amendement-Hermans te hoeven stemmen, kwam van Nieuwenhoven gisteren met een apart amendement op het zondagswetje. Ook hierin herkende D66'er Wolffensperger de hand van de, dit keer sociaal-democratische, opstellers: in principe moet zondagsreclame mogelijk zijn, maar de overheid moet wel de mogelijkheid krijgen om daaraan strikte regels te verbinden.

Wolffensperger greep de gelegenheid om de politieke bedoeling achter dit amendement bloot te leggen toen het Kamerlid Van Nieuwenhoven omstandig aan het uitleggen was waarom zij in principe voor reclame op zondag is. 'Wat is erger?', vroeg Van Nieuwenhoven zich af. 'Zondagsreclame die ongevraagd in je brievenbus valt? Reclame die ongevraagd met veel lawaai boven je hoofd cirkelt of reclame die je met een simpele knop van je radio of televisie kunt voorkomen?' Wolffensperger noemde het 'een indrukwekkend pleidooi voor reclame op zondag', maar wilde van haar weten waarom ze dan niet opnieuw haar steun toezegde aan het amendement-Hermans en het nodig vond die zondagse etherreclame met regels in te snoeren. Ze kwam niet verder dan het korte: 'Omdat wij dat nodig vinden.' Toen moest er worden gestemd. VVD en D66 waren tegen het zondagswetje, omdat het niet ver genoeg ging, Groen Links uit weerzin tegen het 'consumentisme', de kleine christelijke partijen uit eerbied voor de zondagsrust. En het CDA? Dat had de PvdA toch kunnen steunen? Tenslotte diende d'Ancona het wetsvoorstel ook in namens haar christendemocratische collega's en bood de PvdA met haar amdendement de gelegenheid om voorwaarden te stellen aan de zondagse reclame-uitingen.

Maar CDA'er Beinema zei geen zin te hebben zich te verschuilen achter het 'nee, tenzij', waarmee het kabinet een pragmatische oplossing dacht gevonden te hebben. 'Wij zijn tegen elk wetsontwerp dat zondagsrecame beoogt.'

Op de vraag wie nu eigenlijk de mening van de CDA-achterban verkondigt, de bewindslieden of de fractie, antwoordde Beinema: 'Dat moeten de leden en de kiezers maar bepalen. Hoe dichter bij de koningin, hoe verder van de partij'.

    • Aukje van Roessel