Fins Kemira steekt 120 mln in milieu

ROTTERDAM, 6 juli Het Finse chemieconcern Kemira steekt de komende jaren 120 miljoen gulden in zijn kunstmestfabriek in Pernis. Dat heeft J. Straatman, technisch-directeur van Kemira Pernis, gisteren bekendgemaakt. Doel van de investering is vooral per 1 januari 1994 te kunnen voldoen aan alle normen in het kader van het nieuwe milieuplan van de overheid (NMP-plus). Volgens Straatman heeft 70 miljoen van de 120 miljoen gulden aan investeringen rechtstreeks betrekking op milieuverbeterende maatregelen. De rest wordt gebruikt voor verhoging van doelmatigheid en produktiviteit, 'nodig om de milieu-investering rendabel te maken'.

Een van de maatregelen moet de lozing van cadmium met tweederde terugbrengen tot 600 kilo per jaar in 1995, andere maatregelen beogen de emissie van zwaveldioxyde in die periode met 40 procent te verminderen, die van ammoniak met eenderde en die van fosfaten met bijna 50 procent. Kemira werd in 1988 eigenaar van de kunstmestfabriek in Pernis door deze over te nemen van DSM. Het Nederlandse chemieconcern kampte in Pernis al jaren met een minimaal renderende kunstmestfabriek, die zich bovendien geconfronteerd zag met omvangrijke toekomstige milieu-investeringen. Kemira bezit ook een fabriek in Rozenburg, dat het eind 1985 van Esso Chemie kocht. De gezamenlijke omzet van beide fabrieken bedraagt circa 550 miljoen gulden, het personeelsbestand plusminus 800 mensen. Kemira is een Fins staatsbedrijf dat de laatste jaren sterk expandeert in West-Europa. Het wil op de zwakke kunstmestmarkt door overnemingen een dominante positie innemen.