'Cruciale concessie aan Moskou'; Navo zegt dialoog over Duitsleger toe

LONDEN, 6 juli De landen van de NAVO verplichten zich tot onderhandelingen over de omvang van de strijdkrachten van het verenigde Duitsland. Die kunnen beginnen op het moment dat dit najaar in Wenen het eerste akkoord over vermindering van conventionele troepen in Europa (CFE) met de landen van het Warschaupact wordt ondertekend.

Dit staat in de verklaring die vanochtend in Londen is gepubliceerd na afloop van de topconferentie van de regeringsleiders van de zestien NAVO-landen. Op de vraag of deze toezegging een Duits NAVO-lidmaatschap aanvaardbaar maakt voor de Sovjet-Unie zei minister Van den Broek van buitenlandse zaken vanmorgen: 'Dit is cruciaal en zeer waarschijnlijk van doorslaggevend belang.'

Daarbij verwees de minister naar het overleg dat hij vorige week in Moskou voerde met zijn Sovjet-collega Sjevardnadze. Die had hem toen gewezen op het grote belang dat Moskou hechtte aan de uitkomsten van de NAVO-top in Londen. Aan de formulering van het communique hebben de ministers van buitenlandse zaken van de zestien onder voorzitterschap van minister Van den Broek tot twee uur afgelopen nacht gewerkt. Na CFE-I willen de NAVO-landen met hetzelfde mandaat en in dezelfde samenstelling, dus 'van blok tot blok' met de Warschaupact-landen verder onderhandelen over troepenvermindering in Europa. CFE-I heeft alleen betrekking op de Amerikaanse en Sovjet-troepen in Centraal-Europa, in CFE-II komt de sterkte van de strijdkrachten van de overige NAVO- en Warschaupact-landen aan de orde.

De regeringsleiders van de NAVO stellen de lidstaten van het Warschaupact voor een gemeenschappelijke verklaring op te stellen dat ze niet langer tegenstanders zijn en bevestigen dat ze afzien van het gebruik van geweld om conflicten op te lossen. Sovjet-president Gorbatsjov wordt uitgenodigd om aan een niet gespecificeerde NAVO-bijeenkomst deel te nemen, waarbij ook vertegenwoordigers van de overige Warschaupact-landen aanwezig zouden moeten zijn. Voorts worden de Warschaupact-landen uitgenodigd een diplomatieke liaison met de NAVO in te stellen. Over de details van dit laatste voorstel was vanochtend nog overleg tussen de regeringsleiders gaande.

Wat de militaire verdediging betreft schakelt de NAVO over naar kleinere en mobiele eenheden, de paraatheid wordt verminderd en de alliantie zal meer vertrouwen op de aanvoer van versterkingen in geval van crisis, aldus het communique.

Hoewel een 'gepaste mix' tussen kernwapens en conventionele wapens zal moeten worden gehandhaafd kan de afhankelijkheid van substrategische (nucleaire) wapensystemen worden verminderd. Mede daarom zullen de nucleaire ladingen voor de artillerie uit Europa worden teruggetrokken, als de Sovjet-Unie hetzelfde doet. De voorwaartse verdediging (het legeren van troepen vlak bij de grenzen met de landen van het Warschaupact) wordt als strategisch concept ingetrokken. Gegeven de verminderde afhankelijkheid van kernwapens worden deze wapens alleen bestemd 'voor het uiterste geval'.

Historisch keerpunt

De NAVO-landen beklemtonen dat de topconferentie van de Conferentie voor Europese Veiligheid en Samenwerking (CVSE) die dit najaar in Parijs zal worden gehouden, nog eens uitdrukkelijk democratische beginselen zoals het recht op vrije verkiezingen bevestigt. De top zou ook richtlijnen moeten opleveren voor grotere economische samenwerking 'gebaseerd op de ontwikkeling van een vrije en concurrerende markteconomie'.

Ook bieden de NAVO-landen samenwerking op het gebied van milieubescherming aan.

Met het oog op de CVSE-top komen de NAVO-regeringsleiders met een reeks 'aanbevelingen' een teken dat de top voorzichtig blijft bij de versterking van de CVSE als mechanisme om in Europa een nieuwe vredesordening tot stand te brengen. Zo wordt een programma van regelmatige conferenties, zowel op topniveau als dat van de ministers van buitenlandse zaken, voorgesteld, een tweejaarlijkse reviewconferentie, alsmede de vorming van een klein secretariaat voor de coordinatie. Andere aanbevelingen zijn de vorming van een mechanisme dat toezicht zou moeten uitoefenen op het verloop van verkiezingen en de oprichting van een centrum voor conflictpreventie. Ten slotte zou een 'Assemblee van Europa' in het leven kunnen worden geroepen, gebaseerd op de bestaande parlementaire assemblee van de Raad van Europa. Voor de vestiging van deze instelling dient een Oosteuropees land in aanmerking te komen.