Venetie wordt opnieuw geteisterd door algenplaag

TURIJN, 5 juli De Italiaanse stad Venetie heeft opnieuw te lijden onder een algenplaag. Door de grote hitte zijn duizenden dode algen gaan rotten, waardoor er een stank van rottende eieren over de stad hangt. De meeste Venetianen hebben sinds zondag, toen de stank voor het eerst merkbaar werd, met dichte ramen geslapen, ondanks de warmte. Een aantal mensen met ademhalingsmoeilijkheden is in het ziekenhuis opgenomen. Door de krachtige zwaveldamp die uit de ondiepe wateren van de lagune komt, is het koper en zilver in Venetie zwart uitgeslagen. In het water drijven tientallen dode vissen.

Nadat de stad vorige zomer vergelijkbare problemen had gehad, was een aantal maatregelen aangekondigd. Deze zijn slechts gedeeltelijk of niet uitgevoerd. Zo zou in november worden begonnen met het weghalen van de algen, om te voorkomen dat deze in het voorjaar zouden kunnen uitgroeien tot grote planten. Omdat de fondsen hiervoor laat werden vrijgegeven, is hiermee pas op 15 maart een begin gemaakt. Omdat er verder problemen waren met het contract hiervoor, is het werk maar in vier van de beoogde negen zones gedaan. De Italiaanse regering heeft nu besloten om extra schepen naar Venetie te sturen die kunnen helpen met het opruimen van de algen. Deze schepen worden normaal gebruikt om de micro-algen in het zeewater voor de Adriatische kust op te ruimen, maar in dat gebied zijn op dit moment geen grote problemen. Erminio Chiozzotto, de Venetiaanse wethouder voor milieuzaken, zei te vrezen dat de algenplaag in zijn stad nog zal verergeren.

Hij wees erop dat een heleboel aangekondigde maatregelen keer op keer worden uitgesteld. Zo is er nog steeds geen plan om de kanalen uit te diepen, om de watercirculatie te verbeteren. En een plan om de vervuiling van de lagune aan te pakken, ligt al drie jaar bij een speciale interministeriele commissie voor Venetie. Veel Venetianen, sceptisch geworden door de vertragingen in de plannen, vrezen nu dat op zonnige zomerdagen de stank van rottende eieren net zo bij hun stad gaat horen als de gondels.