Londen poogt schade van poll tax te beperken

LONDEN, 5 juli De regering-Thatcher heeft 2,5 miljard pond extra uitgetrokken om de schade van de zogenaamde poll tax, de belasting voor gemeentelijke uitgaven, voor volgend jaar te beperken. Om verdere impopulariteit in de aanloop tot algemene verkiezingen zoveel mogelijk te beperken ziet ze bovendien af van het invoeren van een nieuwe wet waarmee ze gemeentebesturen kan dwingen hun belasting laag te houden.

De beslissing is een overwinning voor minister Chris Patten, de man die de in Engeland vervloekte invoering van de poll tax heeft geerfd, terwijl hij zelf naar verluidt het onderliggende principe oneerlijk vindt. In april leidde invoering van het nieuwe systeem van belastingheffing per kiesgerechtigde inwoner, in plaats van per pand, tot grootscheepse onrust, rellen in Londen en een dieptepunt in de opiniepielingen voor de zittende regering.

Premier Thatcher voelde zich gesteund in haar mening dat de poll tax eerlijker is dan het inmiddels verlaten systeem van heffingen voor gemeentelijke uitgaven, toen de Conservatieve deelgemeenten met de laagste poll tax van heel Londen bij lokale verkiezingen winst behaalden. Sinds die tijd heeft de regering 21 door Labour gedomineerde deelgemeenten, die een te hoog tarief wilden toepassen, gekort in hun geplande uitgaven en daarmee in de hoogte van de belasting die ze hun bewoners wilden opleggen. De rechter heeft die gemeenten in hun protest voorlopig geen gelijk gegeven en dat is nu voor Patten voldoende reden geweest om zijn premier ervan te overtuigen dat striktere wetgeving om gemeentelijke autoriteiten te beperken in hun vermeende spilzucht niet noodzakelijk is.

De extra middelen uit de kas van de centrale overheid zijn bestemd om ervoor te zorgen dat de Conservatieve 'showgemeenten' van dit jaar hun tarief voor volgend jaar niet drastisch hoeven te verhogen. Ze zullen verder worden gebruikt om een overgangsregeling voor noodgevallen te financieren. Maar de vereniging van gemeenten houdt nog steeds vol dat de regering haar in een onmogelijke financiele positie plaatst door bij haar taxaties van gemeentelijke uitgaven geen rekening te houden met een inflatie van bijna tien procent en door haar anderzijds nieuwe, kostenverslindende taken toe te schuiven, zoals de zorg voor ouderen en zwakken buiten door de overheid gefinancierde instellingen voor bejaarden- en ziekenzorg.