Hubners microkosmos der muziek; 'Een compositie isfilosofisch betoog'

Peter Hubner (1940) was een jaar of zestien, toen het over hem kwam. Hij begreep van de ene op de andere dag de gehele muziektheorie. Hij zag de verbanden tussen akkoorden, kon noten lezen en schreef, zittend aan zijn bureau, opera's, symfonieen en concerten. 'De schellen vielen mij van de ogen en ik kon in de muzikale klankwereld rondkijken, zoals we hier deze ruimte kunnen zien', vertelt Hubner.

Hij schreef zich in als student aan de Musikhochschule in Keulen bij de beroemde componist Bernd Alois Zimmermann, maar werd vrijgesteld van onderwijs. Hij wist tenslotte alles al. De Duitse muziekwereld was verbluft, maar Hubner had geen zin om naar een verklaring te zoeken voor zijn uitzonderlijke gave. Hubner: 'In de eerste jaren dacht ik nog dat het normaal was. Zoals ik het ook vanzelfsprekend vond dat een componist aan de schrijftafel componeerde en een nauwkeurige voorstelling had van de gewenste klank. Maar op het conservatorium merkte ik dat de meeste compositiestudenten vreselijk zaten te ploeteren. Ze schreven met behulp van de piano muziek die ze zich niet met hun innerlijk gehoor konden voorstellen. Daarna was het wachten op een uitvoering, zodat ze eindelijk wisten hoe de compositie in werkelijkheid klonk.'

Opera

Aan het Keulse conservatorium bestudeerde Hubner de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van de twaalftoons- en de seriele muziek. Hij schreef een opera in die stijl en al tijdens de Berliner Festwochen van 1968 behoorde hij tot de gevestigde avant-garde van de Duitse muziek. Maar dat duurde slechts kort. Hubner ging twijfelen aan de theorieen van het moderne componeren en trok zich even snel uit het wereldje terug als hij erin was doorgedrongen. Sinds 1966 bestudeerde hij in zijn eigen elektronische studio de grondslagen van de muziek. Hij liet bij voorbeeld een snaar van een gitaar trillen en analyseerde het spectrum van boventonen en het ritme waarin ze na elkaar tot klinken kwamen. Deze 'familie van tonen die zich in een trilling aan het gehoor voorstelde', noemde Hubner de microkosmos der muziek. Die moest in composities, de macrokosmos, hoorbaar worden. Hubners muziek veranderde dramatisch. Hij schrijft nu rustige en zeer 'vol' klinkende elektronische muziek. Schijnbaar willekeurig voortkabbelende melodieen en akkoorden op onregelmatige ritmes, als golven in een bijna stilstaand water.

Hubner kwam tot de conclusie dat de moderne componisten ontspoord waren, dat de amusementsmuziek evenmin soelaas bood en dat uitvoerende musici in feite weinig begrepen van de werken van grote klassieke componisten.

Hubner: 'Dirigenten leggen te veel nadruk op de tonen. Die zijn echter slechts wegwijzers. De samenhang tussen de tonen maakt ze tot muziek. In die samenhang zijn de psychische, biologische en sociale structuren van de mens terug te vinden. Een compositie is in feite een filosofisch betoog, maar dan een betoog dat verstand en gevoel gelijktijdig kan aanspreken. Vandaar dat Beethoven zei dat muziek hoger is dan alle wijsheid en filosofie.' Zo wordt, volgens Hubner, het vrouwelijke en het mannelijke in de muziek weergegeven door piano en forte: 'Musici hebben dat idee van de klassieke componisten versimpeld tot zacht en hard. Alsof vrouwen alleen maar mogen fluisteren en mannen altijd auf die Pauke hauen.

In de muzikale structuur was de vrouw al geemancipeerd, maar onze patriarchale cultuur heeft dit verkeerd geinterpreteerd. Soms zijn het de toonkunstenaars zelf die met hun muziek een slechte maatschappelijke structuur weergeven. Bij voorbeeld door een muzikaal element kunstmatig over alle andere te laten domineren. Dat gebeurt in de popmuziek, waar het metrum overheerst. Dit is een dictatoriaal principe, zoals marsmuziek, met zijn strakke 1-2-3-4 niet toevallig de muziek van dictaturen is.' SpiegelbeeldDe belangrijkste ziekteveroorzaker is volgens Hubner ('dat is wetenschappelijk getest') het geluid. Wie door het oor ziek kan worden, kan ook door het oor genezen. De composities van Peter Hubner worden in Duitse, Israelische en Amerikaanse medische centra op hun werking onderzocht.

Hubner: 'Muziek is in staat om mensen beter te maken. Zij kan een spiegelbeeld zijn van de natuurlijke manier van functioneren van het organisme. Daarom schrijf ik harmonische muziek. Een gefixeerde tonaliteit en een gefixeerd metrum komen in mijn werken niet voor. Er zijn trefpunten, waar de stemmen samenkomen, maar daarbinnen zijn de musici vrij om zich te ontplooien, al moeten ze natuurlijk rekening met elkaar houden. Een compositie is op die manier een afspiegeling van een ideale maatschappij.'

Musici? Maar op de cd's met Hubners muziek klinken toch alleen elektronische geluiden?

'Ik schrijf in principe voor gewone muziekinstrumenten, maar ik boots de klanken na met de computer, omdat musici meestal niet kunnen spelen wat ik voorschrijf. Zij hebben niet geleerd in hun spel controle te krijgen over de boventonen, die een instrument juist zijn eigen karakter geeft.' Hubner heeft, na jaren in stilte gewerkt te hebben, besloten met zijn cd's de markt op te gaan. Zijn onderzoek kost veel geld en hij wil het zelf bekostigen. De platenindustrie toonde belangstelling, maar zij zouden niet blij zijn met Hubners conclusie, dat popmuziek en de avant-garde gevaarlijk is voor de mens ('net zo verslavend als alcohol en drugs, rockmuziek leidt tot hersenafwijkingen bij muizen'). En de farmaceutische industrie is evenmin de juiste sponsor. Zij zou muziek die slaaptabletten overbodig maakt niet op prijs stellen.

Peter Hubner: 'Muziek is in staat mensen beter te maken'Foto NRC Handelsblad/Vincent Mentzel