De Navo en de toekomst

IN DE NATIONALE en internationale discussie over de 'toekomstige politieke architectuur van Europa' wordt geregeld de vraag gesteld of als gevolg van de revolutionaire veranderingen in Midden- en Oost-Europa de NAVO nog wel van deze tijd is. De organisatie zelf, dat wil zeggen de raad van ministers van de zestien deelnemende landen, heeft die vraag enkele keren nadrukkelijk positief beantwoord. Ook de NAVO-topconferentie in Londen zal vandaag en morgen ongetwijfeld met een dergelijke uitspraak komen. De NAVO is inderdaad een buitengewoon effectief bondgenootschap gebleken, dat niet alleen vrede, veiligheid en vrijheid in West-Europa heeft weten te garanderen, maar dat ook in samenspel met de Europese Gemeenschap voormalige vijanden tot vrienden heeft aaneengesmeed. De Conferentie over Veiligheid en Samenwerking in Europa, de CVSE, die zowel vanuit Moskou als door progressieve groeperingen in onder andere Nederland naar voren wordt geschoven als kern van de nieuwe Europese veiligheidsstructuur, kan op dit moment werkelijk geen substituut zijn voor de NAVO; zij is slechts een rondtrekkende conferentie die weliswaar over veiligheid kan praten, maar haar niet kan afdwingen.

De uitspraak dat de NAVO een meer politieke organisatie zou moeten worden en minder een militair bondgenootschap, klinkt daarbij sympathiek en logisch, maar zij is nietszeggend. Wie de structuur van het Atlantisch bondgenootschap zoals dat vanaf 1949 is ontstaan, vergelijkt met eerdere en andere bondgenootschappen van soevereine landen komt tot de conclusie dat het meest politieke aan de NAVO juist haar militaire structuur is. Van naast elkaar zittende, gelijkwaardige generaals uit diverse landen gaat een zeer vredesbevorderende werking uit. Dat het conflict tussen Turkije en Griekenland verhoudingsgewijs nog beperkt is gebleven, is in sterke mate te danken aan hun beider NAVO-lidmaatschap. Het lidmaatschap van Spanje sinds 1982 heeft een aantoonbaar matigende werking gehad op commandanten uit de Franco-tijd, die vanaf dat moment werden geconfronteerd met collega's uit andere landen die het primaat van de politiek moeiteloos aanvaardden.

MET EEN TEGENOVER elkaar stelling van NAVO en Warschaupact, met als conclusie dat de eerste organisatie een succesvol bondgenootschap van soevereine landen en de tweede een onderdrukkingsapparaat in de handen van Moskou was, kan men nu niet meer volstaan. De situatie is anders: het Warschaupact wordt kunstmatig in leven gehouden, de Sovjet-Unie is haar scherpste tanden kwijt. Natuurlijk zou het buitengewoon onverstandig zijn een beproefde organisatie snel van de hand te doen en vanzelfsprekend moet men zich verzetten tegen de voorstelling van Moskou dat NAVO en Warschaupact tegen elkaar kunnen worden weggestreept. Minister Van den Broek en zijn collega's van de NAVO-landen wekken op dit moment echter de indruk dat zij tot in lengte van dagen het Noordatlantisch bondgenootschap willen laten voortbestaan, omdat elke andere structuur inferieur is. Het is waar en het is dagdromen tegelijk.

Er zit uiteraard veel politiek-psychologische afweer in de reacties tegenover de NAVO uit Moskou zich vooral uitend in verzet tegen de acceptatie van het verenigde Duitsland als volwaardig lid. Verklaringen van de NAVO-top waarin coordinatie en samenwerking wordt aangeboden, kunnen voor enige massage zorgen. Maar zij kunnen uiteindelijk ook niet voorkomen dat Moskou door een koste wat het kost vanuit het Westen doorzetten van deze NAVO-structuur als kern voor de nieuwe Europese architectuur zich toch aan de rand gedrongen blijft voelen. Het gaat tenslotte om de psyche van een supermacht. Als niet de bereidheid doorklinkt in de verklaringen van het Westen de NAVO langzaam te laten opgaan in een meer gezamenlijke structuur met de Sovjet-Unie blijft die geest gekrenkt. Politieke, mentale en psychologische marginalisatie van de Sovjet-Unie kan onmogelijk in het belang zijn van het behoud van stabiliteit in Europa.

VANZELFSPREKEND houdt de NAVO voorlopig een belangrijke functie als gesprekspartner in het wapenbeheersingsoverleg, als verzekeringspolis voor mogelijk woelige tijden binnen het Sovjet-imperium, als geruststellende factor voor Oosteuropese landen die hun angst voor de ideologische en militaire onderdrukking uit het Oosten nog niet kwijt zijn. Maar de NAVO hoeft geen doel op zichzelf te zijn.