Italiaanse renners laten zien hoe lonend aanval is

NANTES, 3 juli Uitgerekend het wielrennersras dat de reputatie heeft berekend en verdedigend te rijden, geeft dit seizoen aan hoe lonend de aanval kan zijn. Onder leiding van Moreno Argentin, Gianni Bugno en Marco Giovanetti bepalen de Italianen in 1990 het gezicht van de wielersport. Mede door de puntenformule hebben zij de schroom over de landsgrenzen te trekken van zich afgegooid en geven zij aan dat hun aanvankelijke scepsis ten aanzien van de zware Westeuropese wedstrijden ongegrond is geweest. Moreno Argentin moest tot zijn 29ste jaar wachten om te constateren dat hij te laat interesse kreeg voor de Tour de France. Gisteren behaalde de campionissimo uit Zaramella bij Venetie in zijn eerste Tour te Nantes zijn eerste overwinning in Frankrijk. Na een succesvolle solo van 50 kilometer riep hij zijn fietsende landgenoten op in de toekomst massaal naar de Franse ronde te komen. 'De Giro is de middelbare school en de Tour is de universiteit'. De Italiaan is een van de weinige profwielrenners die weet wat hij wil, die zijn seizoen op een paar wedstrijden kan afstemmen en ze dan ook wint. Na een zwakke periode in 1989, waarin hij sukkelde met zijn gezondheid, zette de wereldkampioen van 1986 zijn zinnen op een overwinning in een niet-Italiaanse topklassieker, een Tour-etappe en het wereldkampioenschap. De Ronde van Italie besloot hij aan zich voorbij te laten gaan om zich volledig op zijn programma te kunnen richten. Tot nu toe houdt Argentin zich keurig aan zijn afspraken. Hij won de Ronde van Vlaanderen, vervolgens de Waalse Pijl, werd zesde in Luik-Bastenaken-Luik en triomfeerde, in de aanloop naar de Tour de France, na een solo van 100 kilometer in een etappe in de Ronde van Zwitserland.

Doel

Zijn volgende doel is het wereldkampioenschap eind augustus in Japan. Als Argentin zich op een wedstrijd kan voorbereiden, is het op een mondiale titelstrijd. In 1986 verbleef hij ter voorbereiding op het kampioenschap in Colorado Springs in de Rocky Mountains om vervolgens op de grote dag superieur te triomferen. In 1987 werd hij op het WK in Giavera del Montello in Italie derde achter Zoetemelk en LeMond en in 1988 eindigde hij in Villach (Oostenrijk) als tweede achter Roche. Argentin is niet de enige die meent dat de Tour de beste voorbereiding op het wereldkampioenschap is, maar als gevolg van sponsorbelangen moet hij daarvoor in de plaats vaak de Giro rijden of bleef hij uit angst voor het onbekende Tour-avontuur thuis.

Als gevolg van een slepend conflict met zijn werkgever, Bianchi-baas Trapletti, had Argentin vorig jaar een van zijn slechtste seizoenen. De ploegleiding wilde het virus dat hij in de wintermaanden opliep niet serieus nemen en dwong hem zoveel mogelijk wedstrijden te rijden om zijn contractuele verplichtingen na te komen. Een van zijn weinige overwinningen was niettemin het Italiaanse kampioenschap. Afgelopen winter stapte Argentin over naar Ariostea, maar pas nadat hij in zijn contract had laten vastleggen dat hij slechts een beperkt aantal grote wedstrijden hoefde te rijden. Dat was geen probleem voor ploegleider Ferretti, die met supersprinter Baffi en met Sorensen al over voldoende sterke renners beschikt.

Argentin hekelt voortdurend de in het peloton ingeburgerde passieve rijwijze. 'Renners zijn rekenaars geworden. Zij denken aan punten en seconden, maar begrijpen niet dat je de meeste winst kunt boeken door aan te vallen'.

'Argentin is een onberekenbare renner', zei Steven Rooks na de recente Waalse klassiekers. 'Je ziet niet aan hem of hij slecht of goed rijdt. Maar als hij vooraan rijdt, weet je dat hij gevaarlijk is. Hij rijdt erg explosief. Maar hij doet dat altijd op het goeie moment. Hij is slim, je weet dat hij zal aanvallen, maar nooit wanneer'.

Ontladen

Zelf zegt Argentin: 'Ik rijd alleen een wedstrijd als ik weet dat ik honderd procent fit ben. Voel ik in een wedstrijd dat ik niet in vorm ben, dan stop ik en onderneem geen pogingen meer. In mijn eerste profjaren verspeelde ik teveel energie door tegen beter weten in door te rijden. Ik heb rustperioden nodig om me te kunnen ontladen. Ik rijd de grote wedstrijden om te winnen en niet om te verliezen'. De Italiaan is naar de Tour gekomen om ten minste een etappe te winnen en als de kansen zich na de eerste bergritten voordoen een greep te doen naar het puntenklassement, de groene trui. Hoe de komende dagen voor hem zullen uitvallen is onzeker. Twintig kilometer voor de aankomst in Nantes kwam hij tijdens zijn solo in een natte bocht ten val en blesseerde daarbij een heup.

Dertig kilometer eerder had hij het sein tot de aanval gegeven. 'Ik had de indruk dat er weinig zou gebeuren in deze etappe. Ik profiteerde van een rustig moment en hoopte dat een of twee renners zouden meespringen om een vlucht te ondernemen. Toen zich niemand meldde, wist ik dat ik door moest gaan. Iedereen kijkt naar elkaar in het peloton en niemand doet wat. Dat is de tendens'. Voor het geld hoeft Argentin niet meer te fietsen. Officieel is hij inwoner van Monaco, maar daar verblijft hij zelden. Zijn vrouw en zoontje zijn meestal thuis in Zaramella. Wielrenner is zijn hoofdberoep. Daarnaast is hij mede-eigenaar van een houtfirma die handel drijft met Afrika en Zuid-Amerika. Hij bezit vier renpaarden. 'Maar het gevoel dat ik moet slagen, heb ik alleen als ik met wielrennen bezig ben. Dan telt geld niet. Dan wil ik winnen'.

    • Guus van Holland