Alternatief voorstel voor bezuinigingen Theaterschool

AMSTERDAM, 3 juli De directie en de studieleiders van zeven afdelingen van de Amsterdamse Theaterschool zijn een 'afkoelingsperiode' overeengekomen. De studieleiding zal die periode, tot 25 augustus, gebruiken om een alternatief bezuinigingsplan op te stellen. Het bestuur van de Hogeschool voor de Kunsten, waarvan de Theaterschool deel uitmaakt, zal over de oude plannen van de directie en de nieuwe van de studieleiding bindend advies uitbrengen.

Het voorstel waarmee beide partijen nu akkoord zijn gegaan is geformuleerd door de zaakwaarnemer van het Bestuur van de Hogeschool, Auke Mulder. Bemiddeling tussen directie en studieleiding van de Theaterschool was noodzakelijk geworden, nadat vorige week een conflict over de saneringsvoorstellen van de directie in volle hevigheid was losgebarsten. De studieleiding eiste het vertrek van de directie, gevormd door Ben Hurkmans en Wim Warmer, omdat die per 1 januari 1991 25 arbeidsplaatsen wilde schrappen. In 1989 gingen al 26 arbeidsplaatsen verloren. De sanering is volgens de directie nodig om faillissement te voorkomen. Naar aanleiding van een door de studieleiding ingediende motie van wantrouwen eiste de directie, dat de studieleiders, op straffe van ontslag, een loyaliteitsverklaring tekenden.

De alternatieve plannen worden opgesteld door de studieleiders van alle afdelingen, inclusief die van de Nationale Ballet Academie en van de afdeling Docent Klassieke Dans, die het beleid van de directie wel ondersteunden.

Volgens woordvoerder Guus Baas zal blijken dat veel arbeidsplaatsen gespaard kunnen worden, omdat de plannen niet, zoals die van de directie, zullen voorzien in een nieuw op te richten en kostbare afdeling Theatertechniek en Vormgeving. Bovendien zal het Centrale Apparaat van de Theaterschool, anders dan in de directieplannen, niet ontzien worden.