SCHILLACI HEEFT HONGER NAAR ALLES

Voor Toto Schillaci is het allemaal nog een droom. 'Ik ben bang om te ontwaken. Maak me alsjeblieft niet wakker, het is te mooi', zei hij zaterdagnacht na de wedstrijd van Italie tegen de Ieren. Dertien maanden geleden speelde de 25-jarige Siciliaan nog in de Serie B en kenden maar weinig mensen buiten zijn eigen eiland hem. Nu is hij de meest-geprezen, meest-achtervolgde en meest-geliefde voetballer van het Italiaanse team en in Italie is al een campagne begonnen om hem uit te roepen tot de beste speler van dit wereldkampioenschap voetbal.

Zaterdag schreef de bescheiden spits, die er altijd uitziet alsof hij zich een dag niet heeft geschoren, een nieuw hoofdstuk in zijn sprookje. Tegen Ierland was hij opnieuw de grote uitblinker. Hij maakte na 37 minuten het enige doelpunt, zag een goal vlak voor tijd ten onrechte worden afgekeurd wegens buitenspel en loste ook een keihard schot waaruit de bal via de onderkant van de lat en de doellijn weer terug het veld in kwam. Dat Italie uitstekende papieren heeft voor de finale is voor een groot deel te danken aan de vaart en de gretigheid die hij in de ploeg heeft gebracht. 'Ik had ze goed te grazen, de reuzen, 'zei de kleine Schillaci na afloop tevreden over zijn optreden tegen de Ieren, die allemaal een kop groter waren dan hij en met hun simpele voetbal Italie in grote problemen hadden gebracht. Maar daarna won de bescheidenheid het weer: 'In dit team wordt alles gemakkelijk, je voelt je op je gemak, een doelpunt maken is bovendien een normale zaak voor een aanvaller. Ik heb het geluk dat ik in het sterkste team van de wereld speel.'

Razendsnel

Al zit het Italiaanse team vol sterren, de nummer negentien is de ontdekking van deze WK. Twee doelpunten met het hoofd, een goal met de rechtervoet, een goal met de linkervoet. Razendsnel, intuitief altijd op de goede plaats, keihard werkend en incasserend als dat moet om even later de rekening te vereffenen (Schillaci liep na de wedstrijd met een zak ijs tegen zijn hoofd, nadat hij in een duel een mep van de Ierse verdediger McCarthy had gekregen). 'Schillacissimo' kopte de Gazzetta dello Sport gisteren, zonder dat nadere toelichting nodig was. In alle lofredes op het nieuwe fenomeen heeft de ex-Azzurro Giorgio Chinaglia de essentie van de spits het beste omschreven: 'Je kan zien dat Schillaci iemand is die honger heeft. Honger naar alles: roem, doelpunten, succes. Hij is nooit verzadigd en in het veld ontlaadt hij deze ongelooflijke bezetenheid, een beslissende drijfveer voor wie voetbalt.'

De beste technicus van het Italiaanse team is Schillaci zeker niet, maar hij lijkt het scoren in het bloed te hebben. De 'bomber', zoals een spits in Italie wordt genoemd, wordt het meest vergeleken met de legendarisch Paolo Rossi, die op de WK in 1982 met zes doelpunten maakte en zo de belangrijkste architect van de Italiaanse wereldtitel was.

Jongensboek

Het verhaal van Schillaci leest als een spannend jongensboek. Een jaar geleden speelde hij nog bij Messina en toen voorzitter Boniperti van Juventus hem naar Turijn haalde waren er veel opgetrokken wenkbrauwen. Wat moest die deftige club met die wat obscure Siciliaan? Maar hij vestigde de aandacht op zich met zijn doelpunten en als laatste werd hij opgenomen in de nationale 22. Iedere wedstrijd is het nu feest in Palermo, waar zijn ouders zijn blijven wonen in een volkswijk. Duizenden mensen zijn ook zaterdagnacht weer de straat op te gaan om te vieren dat een van hen nu de onbetwiste nummer een is van Italie. Schillaci heeft zelfs Franco Baresi van eerste plaats op de lijst van geliefde voetballers verdreven. Zijn reactie op dit nieuws was typisch Siciliaans: 'Mij interesseert het alleen dat mijn vrouw van mij houdt en vooral dat mijn vrouw alleen van mij houdt.'

Het verhaal van Schillaci is ook een sprookje, dat van de arme, bescheiden zuiderling die de prins uit het noorden van zijn standbeeld stoot, dat van de romantische voetballer die zijn instinct in plaats stelt van de kille berekening. Voor het WK begon zei hij nog dat hij blij was dat hij op de bank mocht zitten. Maar nu is het de grote Gianluca Vialli die op de bank zit. Schillaci heeft hem uit het Italiaanse team gespeeld, al wordt voor morgenavond gespeculeerd op een terugkeer van Vialli op de plaats van Baggio, die tegen de Ieren tegenviel.

Garibaldi

Vialli heeft zijn (tijdelijke?) nederlaag voorbeeldig geslikt. Wie kan er niet voor Schillaci zijn? De Siciliaan van Juventus heeft noord en zuid verenigd, en wordt vergeleken met Garibaldi, de wat rauwe legeraanvoerder die vorige eeuw zo'n beetje eigenhandig de eenheid van Italie tot stand bracht. Bovendien wordt iedereen ontwapend door zijn ogen. 'De ogen van Schillaci zijn het mooiste beeld van Italia '90, 'schreef de Corriere della Sera vanmorgen. Wijd-opengesperd kijken ze de WK-wereld in, vol verbazing over het onverwachte succes en met de gretigheid van iemand die de onderkant van de samenleving uit eigen ervaring kent en nu volledig wil genieten van zijn nieuwe positie als de held van Italie. Met zijn grote ogen lijkt hij af en toe in trance, high van het succes. Schillaci is duivel en verlosser tegelijkertijd. Met zijn vulkanische uitbarstingen staat hij steeds op de goede plaats, als een onvoorspelbare duvel uit een doosje. Misschien dat na zijn WK-doelpunten zijn eigenlijke voornaam, Salvatore (de verlosser) weer in zwang komt. Schillaci wordt in de wandeling Toto genoemd, omdat hij zo op deze Napolitaanse komiek lijkt. Maar ook de Ieren hebben zaterdagavond gemerkt dat Schillaci niet iemand is om mee te spotten. Trainer Jack Charlton zei na afloop dat Schillaci te sterk was gebleken voor zijn team, dat Italie de moeilijkste wedstrijd van deze WK heeft bezorgd. 'Misschien dat sommige mensen nog een keer extra nadenken voordat ze ons soort spel verwerpen, 'zei Charlton, 'teleurgesteld maar trots'. De Ierse spelers en supporters bleven na afloop hangen in het stadion, wetend dat de schijnwerpers voor het laatst op hen gericht waren. Voor hen is het WK voorbij, al kregen vooral de supporters luid applaus voor de feestelijke sfeer die ze hadden geschapen. Maar Schillaci droomt nog even verder.