Levendigheid en charme beslissend bij titelstrijddressuur

HAAKSBERGEN, 2 juli Zelden waren deelnemers zo aan elkaar gewaagd als de paarden en ruiters die zich het afgelopen weekeinde in de strijd mengden om het Nederlands kampioenschap dressuur. Het is moeilijk te zeggen wat uiteindelijk doorslaggevend is in deze moeilijke, maar nog steeds in populariteit groeiende discipline van de paardesport, een discipline die weleens met ballet of turnen wordt vergeleken. Gaat het uiteindelijk om de kwaliteit van het paard, is het de handigheid van zijn ruiter, legt de technische perfectie van de gevraagde oefeningen misschien het meeste gewicht in de schaal, of is het dat niet onder woorden te brengen glansje van schoonheid en harmonie, de eenheid tussen mens en dier, dat uiteindelijk een titel brengt?

In Haaksbergen konden vele kampioenen worden aangewezen. De 22-jarige nieuwkomer Roswitha van de Velde is met haar paard Olympic Chevalier feitelijk de kampioene van de schuchterheid: beide zijn veelbelovend en talentvol, maar presenteren zich nog met een hartveroverende bescheidenheid en een soort verbazing over eigen kunnen. Bert Rutten is met Zirkoon het omgekeerde: zij zijn de kampioenen van het zelfvertrouwen. Na een rugoperatie van Zirkoon, waardoor de hengst tijdenlang geen zadel kon velen, bracht Rutten dit paard drie weken voor het kampioenschap weer in training omdat hij de boot naar de Wereldspelen in Stockholm niet wilde missen. Dat is pas in eigen kunnen geloven. Om een figurantenrol te spelen, zadelt Rutten echt zijn paarden niet. Tineke Bartels kan met haar paard Olympic Courage getypeerd worden als de kampioene van het geduld, maar ook van de wisselvalligheid. Momenten van absolute wereldklasse wisselt zij af met fouten en disharmonie.

Ten slotte zijn Anky van Grunsven en Prisco het beste te omschrijven als de kampioenen van de levendigheid en de jonge, onbevangen charme. Nu stond er in Haaksbergen maar een dressuurtitel op het spel: de Nederlandse. En deze keer gaf de elegante lichtvoetigheid de doorslag. Het kampioenschap was dus voor Anky van Grunsven, trouwens ook de meest constant presterende Nederlandse dressuuramazone van het afgelopen halfjaar.

Compensatie

Tineke Bartels moest daarbij de grootste teleurstelling incasseren. Na de eerste proef om het kampioenschap, de Grand Prix op zaterdag, nestelde zij zich met ruime voorsprong aan de kop van het klassement. Tineke Bartels: 'Courage is tijdens zijn africhting zo moeilijk geweest, dat het voor mij wel een groot risico was in hem te blijven geloven en er zoveel tijd in te blijven steken. Hij viel voortdurend terug in zijn oude fouten: spanningsmomenten en angst. Ook nu was dat bij tijden weer even het geval.

Gelukkig is het een plezierige kant van de dressuursport dat je je best een fout kunt permitteren. Wanneer je er in het springparcours een balk afgooit, kun je de volgende hindernissen zo hoog springen als je wilt, die fout blijft staan. Maar in een dressuurproef kun je na een fout je paard weer even tot de orde roepen, proberen het vertrouwen te herstellen en daarna een fantastische oefening voor een acht of een negen laten zien. Dan is alles weer gecompenseerd.'

Anky van Grunsven, die op de warme zaterdag een wat mat paard presenteerde, maar op zondag tijdens een enorme regenbui niet alleen glom van het water maar ook van een inspirerende frisheid, heeft aan die eigenschap van de dressuursport in elk geval haar titel te danken.