Een terugkeer naar het communisme is onmogelijk

Het is gemakkelijker de vrijheid te heroveren dan om een democratie op te bouwen. Polen zou nu de economische en politieke situatie moeten aanpakken met de gedachte hoe een democratische Europese maatschappij op te bouwen. Wij dachten dat het opbouwen van een burgermaatschappij betekende dat we de maatschappelijke apathie moesten doorbreken en ervoor zorgen dat de burgers zich betrokken voelden bij het openbare leven. Dit wakker schudden van mannen en vrouwen, dit doorbreken van apathie en aanpassing, was nu juist de bedoeling van de veranderingen die voorafgingen aan de revolutie in ons land.

We probeerden vrije en onafhankelijke instellingen op te zetten, te beginnen met een arbeidersbeweging van waaruit vrije en onafhankelijke vakbonden moesten worden opgericht. En onze inspanning om in Polen, met de zogenaamde 'vliegende universiteit', een vrije verspreiding van ideeen en informatie en een vrij onderwijssysteem op te zetten, betekende niet allen het begin van een onafhankelijke en vrije culturele instelling, maar ook het begin van de terugkeer naar de vrijheid. De vorming van politieke verenigingen, onafhankelijke en prive-groeperingen en ten slotte dan de oprichting van vrije en onafhankelijke vakbonden in Midden-Europa in de jaren zeventig en tachtig, betekenden het werkelijke einde van het totalitaire regime.

De opkomst van Solidariteit in 1980 bewees dat we met succes een maatschappelijke beweging tot stand hadden gebracht die de gewelddadige revolutie verwierp en zocht naar een vreedzame methode voor politieke verandering, gebaseerd op een hoogontwikkelde filosofie voor een nationaal, dat wil zeggen, gemeenschappelijk programma en belang.

Wij vonden dat de enige kans voor ons land niet alleen lag in het verwerven van maatschappelijke steun voor de nationale en maatschappelijke zaak, maar ook in het entameren van een politieke dialoog met de regeerders van dat moment, door hen te wijzen op het gemeenschappelijke belang aan beide kanten van de politieke en ideologische barrieres. En ten slotte stelden we een programma van gemengde economie voor, ofwel de introductie van de hulpmiddelen van de markteconomie in de staatseconomie.

Men zou kunnen zeggen dat het een vergissing van ons is geweest dit programma van gemengde economie voor te stellen, aangezien het er niet om ging om de economische situatie te verbeteren, maar om het economische systeem te veranderen. Maar terwijl we zo bezig waren een politieke dialoog van de grond te krijgen, leerden we tevens de economische en politieke belangen van de hele maatschappij te formuleren.

Van begin af aan was het grote dilemma: wat doen we met de voormalige regeerders? In de drie landen Hongarije, Tsjechoslowakije en Polen werd een geweldloze oplossing gevonden. Dat wil zeggen dat we de voorwaarden voor een dialoog met de communistische partij trachtten te scheppen, waarbij echter de aanvaarding van de ineenstorting van het communisme als ideologie en als politieke bestuursmethode tot belangrijkste voorwaarden voor een dialoog werd bestempeld.

Ruggegraat

De consolidering van democratie in Polen is nog steeds een zeer moeilijke kwestie. Men kan zeggen dat een programma van politiek pluralisme de voorwaarde sine qua non is voor een democratische organisatie van het politieke leven. Maar hoe moeten we de publieke opinie en de maatschappij als geheel ervan overtuigen dat politieke partijvorming niet langer het monopolie van een partij is, dat het woord 'partij' geen ongunstige betekenis heeft? In ons land vormt de politieke partijvorming nog steeds niet de ruggegraat van het democratische leven. Die bestaat nog steeds uit bewegingen die geen coalities van politieke partijen zijn, maar vrij merkwaardige organisaties, waarin morele waarden, de identiteit van programma's en ideeen en voor alles de eensgezindheid van het antitotalitaire gevoel zwaar wegen. In het verkiezingsproces moeten we normen en ideeen ten aanzien van politieke democratie invoeren. Maar we moeten niet alleen de instellingen van een democratische samenleving zien te krijgen, maar ook een democratische mentaliteit en een democratische politieke cultuur. In die zin kan men denken dat onze landen op weg naar democratie zijn, en dat dat een onomkeerbaar proces is.

Een terugkeer naar het communisme is onmogelijk in onze landen. Maar de weg naar de democratie ligt nog voor ons. We moeten zelfs het machtsapparaat zelf veranderen. In het totalitaire regime waren de diverse segmenten van het machtsapparaat verschillend, en eigenaardig, te beginnen met het partijapparaat, waar zich het besluitvormingsproces op alle terreinen van het leven voltrok, en met het legerapparaat, het apparaat van de politieke politie en het bestuursapparaat. Een van de grootste problemen op de agenda van ons land is: hoe bouwen we de democratie op lokaal niveau op? De lokale democratie is geen traditie in de Middeneuropese landen. Een voorbeeld voor ons is de moderne traditie van de Angelsaksische landen waar de lokale democratie zo sterk in het openbare leven verankerd is. We willen die terugkeer naar de lokale democratie, omdat we denken dat dat de beste manier is om de nalatenschap van een totalitair regime te vernietigen. Het betekent dat je het besluitvormingsproces in handen van kleine gemeenschappen legt. Het totalitaire gevaar ligt nog steeds op de loer voor de posttotalitaire landen. En die totalitaire verleiding is sterker in posttotalitaire landen dan in andere gebieden van Europa.

Men kan zeggen dat de toekomst van de democratie in de Middeneuropese landen afhangt van wat wij bereiken met de nationale economie, met de omvorming ervan. In die zin is de hulp van het Westen van doorslaggevend belang voor onze toekomst. Ik vind dat Europa die situatie werkelijk zou moeten begrijpen. Maar tegelijkertijd heb ik het gevoel dat het beslissende kapitaal in onze landen wordt gevormd door de maatschappelijke steun voor de nieuwe regeringen, door maatschappelijk zelfvertrouwen.

In een land als Polen gingen de netto lonen de eerste vier maanden van dit jaar een derde omlaag, meer dan 35 procent, maar tot voor kort was er geen staking, geen arbeidsonrust, en dat alleen omdat deze regering voor het eerst sinds de jongste oorlog een nationale regering is, die maatschappelijke steun heeft en de doelstellingen van alle politieke geledingen weerspiegelt. Daaruit bestaat het werkelijke kapitaal voor de verandering.

Twee soorten logica

Ik heb de indruk dat het politieke leven in Polen, Hongarije en Tsjechoslowakije gedurende de overgangsperiode door twee soorten logica lijkt te worden bepaald. De eerste is de logica van de vernietiging van het communistische systeem en de nalatenschap daarvan. De tweede is de logica die de opbouw van een burgermaatschappij en van democratische instituties meebrengt. Die twee soorten logica zijn al die laatste jaren van strijd tegen het regime samengegaan. Maar ze vullen elkaar niet aan. Ze kunnen zelfs als tegenstrijdig worden beschouwd.

De vernietiging van het communistische systeem vereist een sterk gemeenschappelijk front van alle antitotalitaire krachten. We konden het regime niet langer aanvaarden en onze houding werd bepaald door onze verhouding tot dat regime. Maar hoe moet men in een dergelijke situatie een antipluralistische tendens vermijden? Hoe moet men in de strijd voor een pluralistische maatschappij dit gemeenschappelijke, antipluralistische front van de anticommunistische strijd vermijden? Er kwam een sterk besef van nationaal belang en nationale eenheid tot uiting in de verdediging van mensen die het totalitaire regime bestreden. En uit dit totalitaire regime ontstond een andere 'isme', dat in de Middeneuropese landen op weg naar vrijheid en democratie als gevaarlijk beschouwd kan worden. Nationalisme groeit uit tot een zaak van het grootste belang gedurende de overgangsperiode naar democratie. Er bestaat een reeel gevaar dat er in postcommunistische samenlevingen een nationalisme loskomt dat, zoals gezegd, antipluralistisch van aard is en de vorming van een open samenleving in de weg staat. Men denke aan de situatie in Bulgarije met de Turken, in Tsjechoslowakije met de zigeuners, in Roemenie met de Hongaren.

Ik geloof dat de enige manier om Midden-Europa van dit gevaar te vrijwaren en tevens de Europese Gemeenschap van de terugkeer naar nationalistische strijd, de Europese oplossing is. Ik denk dat de aanwezigheid van onze landen in de Europese instellingen een van de manieren is om de ontplooiing van onze landen te vrijwaren van dit zeer ernstige gevaar.

Boodschap

Toen we in de jaren zestig en zeventig al onze illusies over een herziening van het oude regime verloren, toen we de illusie van het communisme met een menselijk gezicht verloren, moesten we bedenken hoe we onze maatschappij moesten veranderen en omvormen. We probeerden lering te trekken uit de ervaringen van Spanje na de dictatuur van Franco, van Portugal en van Griekenland. Maar nu is ook deze Middeneuropese ervaring een les voor iedereen. Wij Polen, Tsjechen, Slowaken en Hongaren willen graag als Middeneuropeanen worden omschreven. Laat ik eindigen met te zeggen dat we er ook trots op zijn dat we Oosteuropeanen zijn. Onze ervaring is immers een ervaring voor iedereen, en volgens mij had Thucydides geen gelijk toen hij zei dat een deel van de wereld in verband moet worden gebracht met een eigenaardig machtsmodel.

Vrijheid is universeel. De boodschap van de Middeneuropese vrijheid kan nu een boodschap voor alle Oosteuropese landen worden. Ik denk dat die boodschap in het belang van Europa is, en bepalend voor de toekomst van de wereld.