De Calypso-cricketer Nolan Clarke

Nolan Clarke is een Westindier, geboren en getogen op het exotische Barbados. Toch is hij van grote waarde voor het cricketteam van Nederland waarin hij volgens de internationale regels mag uitkomen. Clarke slaat doorgaans een groot aantal runs bij elkaar. Maar soms gaat het mis. Afgelopen donderdag bleef Clarke op nul steken en kwam Nederland meteen 21 runs tekort tegen Canada in de strijd om het B-wereldkampioenschap. Het probleem met Nolan Clarke is dat hij altijd grote risico's neemt. Het is bij hem het hout, het bat dus, of uit, zeggen decricketers. Clarke vindt het verspilling als een bal niet wordt geslagen. Positief cricketen, noemt hij dat zelf. Natuurlijk hebben coaches en aanvoerders hem door de jaren heen op vriendelijke wijze verzocht af en toe iets verdedigender te spelen. Veel heeft het niet geholpen. Volgens captain Dick Vierling van zijn club, het Haagse Quick, luistert hij wel naar wijze raad, maar eenmaal in het veld trekt hij toch zijn eigen plan.

Vierling noemt Nolan Clarke een calypso-cricketer. 'Wat hij kan, kan een wit mens niet', zegt hij. 'Het gaat bij Clarke allemaal zo ontzettend soepel. Het is vrolijk om te zien.'

Vierling zegt het genoegen te hebben gehad een tijdje samen met de man uit Barbados aan bat te hebben gestaan tijdens de laatste competitiewedstrijd voor het B-WK tegen Bloemendaal. In die wedstrijd verbeterde Clarke een 35 jaar oud record in Nederland door 265 runs te maken.

Bij het vermaarde Quick heeft Clarke door dat indrukwekkende resultaat het clubrecord verbeterd. Hij is aan zijn zesde seizoen in Den Haag bezig, maar staat al op een totaal van 5159 runs. Het is derhalve niet vreemd dat Nolan Clarke de schrik van de hoofdklasse wordt genoemd. Bij Quick hebben ze een trui voor hem laten maken waarop onder het clubembleem het woord The King staat. Vierling vertelt dat de ballen die de Westindier tijdens de wedstrijden over de bomen slaat regelmatig niet meer teruggevonden worden. 'Nolan kan een aanval vermoorden', zegt Vierling. 'Hij wint in zijn eentje drie wedstrijden per seizoen voor Quick.' 'Maar', voegt hij eraan toe, 'het kan dus ook weleens helemaal misgaan.'

Uitdaging

Toch denkt Vierling er niet over om Clarke wegens diens risicovolle manier van batten later in te laten gaan tijdens de wedstrijden. Bij Quick is de veteraan openingsbatsman. Dat stelt Nolan Clarke zelf uitermate op prijs. De tegenstanders zijn dan nameljk nog fris en de bal nieuw. 'En hoe groter de uitdaging hoe sterker ik speel', zegt hij.

Nolan Clarke is net zo 'cricketgek' als er in Nederland mensen 'voetbalgek' zijn. Het liefst speelt hij het spel elke dag. Op wedstrijddagen staat Clarke al voor zes uur op, doet oefeningen en bereidt zich mentaal voor. Zijn medespelers noemen hem ondanks de gevorderde leeftijd, 42 jaar, superfit. De liefde voor het cricket heeft Clarke van zijn grootvader en vader overgenomen die op Barbados op hoog niveau speelden. In '76 kwam hij voor het eerst naar Nederland, speelde voor UD uit Deventer, verdween daarna weer een aantal jaren, keerde terug en was actief voor Hercules en Quick, zijn huidige vereniging.

Zijn bezetenheid voor het cricket is misschien nog het beste weer te geven met een vrij recent voorval. Clarke werkte tot voor kort als leraar in de Haagse cricketschool van Unibind, de sponsor van het WK. Toen hij dit jaar met het nationale team ter voorbereiding op het wereldtoernooi een trip naar Dubai moest maken, verbood directeur en cricketfanaat Pieter Brouwer hem te gaan. Zijn aanwezigheid op school was gewenst. Clarke weigerde thuis te blijven en werd ontslagen. Hij had, vertelt Quick-captain Dick Vierling, bij de sponsor onder andere 'een BMW onder zijn kont'.

Die heeft hij moeten inleveren. 'Maar dat kan hem niet schelen. Cricket gaat bij Nolan altijd voor.'

Nukkig

Het is niet vreemd dat de fanatieke Clarke soms moeite heeft met de instelling van de Nederlandse cricketers. Dat ongenoegen verbergt hij niet. Hij is derhalve vaak nukkig. Tegenstanders die hem sarren met korte aangooien of met opmerkingen slaat hij het liefst de ballen om de oren. Jan Wilts, hoofdklassescheidsrechter en toernooidirecteur bij het WK, noemt Clarke 'een verdomd lastige vent' in het veld. 'Maar hij zeurt nooit tegen de umpires.' Clarke voelt zich in elk team waarin hij zijn gang mag gaan thuis. Hij speelde negen jaar lang voor het nationale team van Barbados. Nu komt hij met plezier voor Nederland uit. Nolan Clarke en de drie andere 'buitenlanders' van Oranje begrijpen de kritiek van sommige mensen op hun selecteren niet. Ze wijzen op de regels die het toestaan dat ze in het Nederlands elftal spelen. In andere landen doen ze het ook. Dus waarom wij dan niet? En zegt Rupert Gomes, een van de vier, in het Cricket Magazine van deze maand: 'I am as Dutch as a Dutchman can be.'