Abortus probleem voor Duitse eenheid

BONN, 9 juni De kwestie houdt zeker meer dan de helft van de kiezers in beide Duitse staten hevig bezig. Zij is emotioneel en ethisch zwaar beladen en ook nog juridisch ingewikkeld. Haar politieke moeilijkheidsgraad heeft iets van de kwadratuur van de cirkel. En toch is zij de afgelopen maanden voor de politici en de media goeddeels verborgen gebleven achter grote internationaal-politieke en financiele gebeurtenissen op de weg naar de Duitse eenheid. Achter 'het nieuws voor mannen' dus, zullen vele vrouwen zeker in dit geval zeggen.

Het probleem betreft de toekomstige wettelijke regeling van abortus provocatus in het verenigde Duitsland. Volgende week zaterdag willen merendeels vrouwelijke politici en organisaties van vrouwen en artsen uit beide Duitse staten proberen met een demonstratie in Bonn meer aandacht te krijgen voor hun dilemma. En, zoals hun milieuvriendelijke stencil zegt, voor hun motto: 'Nu! Voor het onbeperkte recht op zelfbeschikking van de vrouw in plaats van gedwongen moederschap en een vaste rolverdeling!' De geldende regelingen in de DDR en de Bondsrepubliek staan zo ongeveer haaks op elkaar en overeenkomstig staan de strijdende partijen vierkant tegenover elkaar. Het gaat inmiddels om een groot conflict tussen het zal geen verbazing wekken christen-democraten en de kerken enerzijds en sociaal-democraten, liberalen en veel artsen- en vrouwenorganisaties anderzijds.

De DDR kent sinds 1972 een wettelijk vastgelegd recht van de vrouw op abortus in de eerste drie maanden van de zwangerschap (de 'Fristenregelung'). Daarentegen is in de Bondsrepubliek onderbreking van zwangerschap strafbaar volgens artikel 218 van de strafwet, zowel voor de vrouw als de arts die de ingreep verricht. Slechts bij uitzondering is in West-Duitsland abortus toegestaan, namelijk op strikte medische en/ of sociale indicatie, waarbij raadpleging van twee artsen en een wachttijd zijn voorgeschreven.

Bovendien heeft het Westduitse constitutionele hof de DDR-regeling in 1975 strijdig met de grondwet geoordeeld, wat met zich meebrengt dat Westduitse vrouwen ook strafbaar zijn als zij, zoals nu bij de open grenzen veel gemakkelijker is, hun zwangerschap in de DDR laten onderbreken. En wat bovendien onverbiddelijk maakt dat de DDR op slag ook de Westduitse abortuswetgeving heeft overgenomen als zij zich straks, zoals de bedoeling is, uitspreekt voor toetreding tot de Bondsrepubliek volgens artikel 23 van die grondwet.

Pag.4: Vervolg Deze ontwikkeling zou vooraf alleen kunnen worden voorkomen door een afwijkende overeenkomst in een tweede, aanvullend staatsverdrag. Of, achteraf, via een wetswijziging die straks, na de totstandkoming van de Duitse eenheid, door het nieuwe gemeenschappelijke Duitse parlement zou moeten worden aangebracht. Maar gezien de politieke verhoudingen is de kans daarop niet groot.

Een akelige complicatie in West-Duitsland is dat over de medische of sociale indicatiestelling in de praktijk vooral in rooms-katholieke deelstaten als Baden-Wurttemberg en Beieren anders wordt gedacht dan elders. Wegens enkele rechterlijke uitspraken in het Beierse Memmingen die daarvan blijk gaven, spreken voorstanders van abortusvrijheid voor de vrouw dan ook al jaren van de 'heksenjacht van Memmingen'.

En de Bondsrepubliek kent zodoende een zeker 'abortustoerisme' van zuid naar noord.

De Keulse kardinaal Joachim Meisner heeft zich nu in de luider wordende discussie gemengd met een uitspraak die geen ruimte laat voor enig misverstand: 'Voor de eenheid van Duitsland mogen geen ongeboren kinderen sterven'.

Meisner, eertijds bisschop van Berlijn, heeft de Oostduitse bisschoppen ook opgeroepen om 'de trom te roeren'.

De klemmende oproep van de kardinaal heeft vermoedelijk ook te maken met het feit dat de Ost-CDU van DDR-premier Lothar de Maiziere onder druk van de Ost-SPD in zijn regeerakkoord heeft laten opnemen dat er niet aan de geldende abortusvrijheid mag worden getornd (zeker niet zolang de DDR bestaat). Anderhalve maand geleden zweeg De Maiziere over deze afspraak in zijn op de televisie uitgezonden regeringsverklaring.

Dat de Ost-CDU en zelfs de Ost-SPD aan die afspraak willen of kunnen volhouden is inmiddels al onzekerder geworden. Begin deze week bleek op een bijeenkomst in Bonn van vooral vrouwelijke christen-democratische parlementariers uit beide Duitse staten dat zij in meerderheid de geldende Oostduitse abortuswetgeving als 'ethisch onverantwoordelijk' afwijzen. 'De consequentie daarvan is zo meldden de aanwezige Volkskammerleden dat vrouwen tot vier keer per jaar abortus laten verrichten', heette het in een verklaring. Dat het politiek menens aan het worden is bleek ook daaruit dat de verklaring wetgeving betreft waarvoor de geestverwante DDR-minister Christa Schmidt verantwoordelijk is.

Na een vergelijkbare Duits-Duitse bijeenkomst van sociaal-democratische parlementariers, op dezelfde dinsdag, werd vastlegging van de abortusvrijheid van de vrouw naar Oostduits model in een tweede staatsverdrag geeist. Op de vraag of haar partij bereid zou zijn om CDU-druk in de DDR te weerstaan en er desnoods een kabinetscrisis voor te riskeren, antwoordde de Oostduitse sociaal-democrate Angelika Barbe echter een opvallend ontwijkend. Sterker, zij kondigde weliswaar aan 'in elk geval persoonlijk' aan de DDR-abortusregeling te willen vasthouden maar zei erbij dat 'er maar 21 vrouwen zijn' in de 80-koppige Volkskammerfractie van de Ost-SPD.