Terug naar de modelfabriek Uzina 23 August; Vuile lucht enonvindbare partijbonzen

Korte samenvatting van het voorafgaande.

De 'Fabriek van de 23ste Augustus' in Boekarest, een modelfabriek in de ogen van de geexecuteerde dictator Ceausescu, is in werkelijkheid een Potemkin-facade met daarachter een oerwoud van hallen vol verstikkende chemicalien en niet geventileerde lucht.

De Fabriek heeft een 'nephal', met een heus theaterdecor als produktielijn waarmee Ceausescu zijn buitenlandse gasten wilde imponeren. Dat lukte meestal ook, maar niet bij Sovjet-leider Gorbatsjov. Die had in de gaten dat er een toneelstuk voor hem werd opgevoerd en dat hij de echte fabriek niet te zien kreeg.

De Fabriek produceert staal in alle vormen en maten, vooral voor locomotieven en compressoren - volgens de officiele opgave. Maar ergens in een verre hal wordt gewerkt aan het belangrijkste exportartikel: tanks en beplating voor pantservoertuigen, de meeste bestemd voor Libie.

De Fabriek beleefde op de dag van ons eerste bezoek, eind januari, de allereerste staking in haar geschiedenis. In de gieterij van Sector III legden arbeiders het werk neer toen zij hoorden dat vijf procent van hun loon zou worden ingehouden terwijl hun kort na de revolutie uitbetaling van het volle pond was beloofd. Onder Ceausescu hadden zij jarenlang slechts driekwart van het salaris gekregen omdat de Fabriek, zoals de meeste bedrijven, 'het plan niet haalde'. De Uzina 23 August, de Fabriek van de 23ste Augustus, vijf maanden later. Het verschil in temperatuur bedraagt ruim 30 graden, zo'n 25 graden boven nul dit keer. Het verschil in klimaat is moeilijker in een cijfer te vatten maar er is veel veranderd, al is het met het blote oog moeilijk te zien.

De poorten bij de hoofdingang aan de Boulevard van de Arbeiders zijn nog versierd met de communistische symbolen, hamer en sikkel tegen de achtergrond van een rijzende zon. Maar de burgerwachten zijn weg, mannen in te krappe halflange groene jassen, een geweer met kromme loop op de rug om te waken tegen contrarevolutionairen.

In het kantoortje bij de hoofdpoort, snikheet, zit een vrouw achter een bureau om de telefoon op te nemen die nooit gaat. De rest van de tijd vult ze met sigaretten roken en roeren in koude koffie. Aan een tafel zitten twee mannen en een vrouw sigaretten te roken. De vrouw en een man zijn verwikkeld in een Duits gesprek. Hij komt uit Karl Marxstadt, heeft gebouwd aan een nieuwe produktielijn in Sector III, zij is als tolk in dienst van de fabriek maar buitenlands bezoek loopt de deur bepaald niet plat.

Directeur Paul Bleier laat zich verontschuldigen dit keer. Bleiers adjunct Ovidiu Musetescu is wel beschikbaar. Samen met een goeiig kijkende man in blauwe overall die zich voorstelt als voorzitter van de vakbond in de gieterij betreedt Musetescu het portiershok waar de Oostduitse gasten zojuist afscheid hebben genomen. (' Volgende keer komen we in een BMW, haha!') Musetescu wordt meteen gefeliciteerd door de twee vrouwen: hij is gekozen in het nieuwe parlement, als afgevaardigde namens het Front van Nationale Redding.

Musetescu en de vakbondsman gaan zitten en steken een sigaret op. Er is heel veel veranderd, zegt de adjunct-directeur. En er gaat nog veel veranderen. ' Over twee jaar zal de lucht in de fabriekshallen net zo schoon zijn als in dit kantoortje', voorspelt hij monter. De aanwezigen inhaleren nog eens diep en blazen verwachtingsvol nieuwe wolken uit.

In de Uzina 23 August werken 25.000 mensen. Tot de revolutie werkten ze zes dagen per week en van voorjaar tot najaar, als de toevoer van stroom en olie minder een probleem was, zeven dagen per week. Het recht op vijftien dagen vakantie per jaar was moeilijk op te eisen.

Vijf dagen telt de werkweek nu en iedereen mag ten minste 28 dagen vakantie nemen. Wie zwaar en/of ongezond werk doet krijgt bovendien drie tot acht dagen extra vrij per jaar.

De lonen zijn sinds 1 februari verbeterd en niet zo zuinig ook, met gemiddeld 15 procent. En vermaledijde trucs als het inhouden van loon omdat de produktie achterbleef bij de door bureaucraten verzonnen streefcijfers behoren tot het verleden. De uitkeringen bij ziekte zijn fors gestegen: tot voor kort 65 procent van het salaris, nu wordt 100 procent uitbetaald. Arbeidsongeschikt na een bedrijfsongeval: was 85 procent, nu 100 procent.

Elfhonderd arbeiders die in de ongezondste hallen van het bedrijf werken krijgen sinds 1 februari een liter melk per dag uitgereikt in de hoop dat het gif zich in het melkvet nestelt. Onder Ceausescu telde de Uzina 23 August slechts driehonderd werknemers met het melk-privilege. De elfhonderd bevoorrechten van nu kunnen bovendien dagelijks twee ons spek en een half pond brood in de bedrijfswinkel ophalen.

Stevige schoenen

Adjunct-directeur Ovidiu Musetescu, grote snor en dito bril, somt het niet zonder trots op en de telefoniste, de werkeloze tolk en de vakbondsman knikken bij elk woord dat hij zegt met een blik van ' hoor 'ns wat prachtig'. Maar dan gaat de adjunct een stapje te ver. ' De arbeiders hebben alles gekregen wat ze eisten, maar ze beantwoorden dat nog onvoldoende met extra inzet', waagt de fabrieksdirecteur te bespiegelen. De vakbondsman spant zijn hangende wangzakken en sputtert tegen dat niet alle verlangens van de arbeiders zijn ingewilligd. Nog steeds hebben ze geen behoorlijke bedrijfskleding, nog steeds geen stevige, veilige schoenen en - de belangrijkste eis - nog steeds is er geen luchtzuivering in de hallen. Bovendien zouden de arbeiders, brengt hun vakbondsman in, beslist hogere prestaties hebben geleverd wanneer de toevoer van grondstoffen niet met grote regelmaat zou stagneren.

Musetescu bindt in. Hij erkent dat de leverantie van grondstoffen sinds de revolutie alleen maar is verslechterd nu de centrale economische planning min of meer in duigen is gevallen. De produktie van Uzina 23 August is vooral daardoor met ongeveer 10 procent gedaald ten opzichte van de eerste vier maanden van vorig jaar. En wat de andere eisen van de arbeiders betreft, vraagt het directielid geduld: ' Het is vijftien jaar lang verboden geweest de ventilatiesystemen te gebruiken. Ze zijn kapot of gesloopt omdat de onderdelen voor andere kapotte machines moesten worden gebruikt.' Salami

Tegenstanders van het Roemeense Front van Nationale Redding menen dat het Front de gunst van de arbeiders en boeren heeft 'gekocht' met de materiele vooruitgang zoals die de afgelopen vijf maanden in Uzina 23 August is geboekt. De revolutie is verkwanseld voor een stuk salami, zo luidt een gevleugelde kreet onder de demonstranten die al vijf weken lang het Plein van de Universiteit in Boekarest bezet houden. Het simpele volk is in intellectuele ogen slechts een worst voorgehouden, waardoor de onbekwame, corrupte kaders van het oude regime konden blijven zitten waar ze zaten.

Valt die stelling te bewijzen in Uzina 23 August, ooit bolwerk van 'ceausisme'? Is directielid ir. Ovidiu Musetescu, econoom en versgekozen parlementarier, een man uit de oude stal en verkneukelt hij zich met al z'n vrienden omdat ze de revolutie zo geruisloos hebben kunnen stelen? Ook als die vraag iets vriendelijker wordt geformuleerd dan hierboven, treft de lading doel. De telefoniste drukt geirriteerd een nog niet half opgerookte sigaret uit en neemt het ongevraagd op voor haar directeur. ' Meneer Musetescu was tot voor kort gewoon econoom in dit bedrijf en hij is nooit partijlid geweest. Hij staat net als wij urenlang in de rij voor z'n dagelijkse boodschappen en ook in zijn huis is het 'swinters nooit warmer geweest dan acht graden. Wanneer stopt dat nou 'ns, dat wroeten in iemands verleden?' Musetescu dankt de vorige spreekster met een minzaam glimlachje en verstrekt - econoom - enkele cijfers. Sinds de revolutie zijn drie van de zes directieleden vervangen. Hijzelf is een van de drie nieuwe. Van de zeshonderd chefs en souschefs zijn er 360 uit hun functie gezet. En alle 250 partijbanen in de fabriek, van secretaris tot cursusleider en chef ideologie, zijn opgeheven. Ongeveer de helft van alle betrokkenen bij deze orkaan is met pensioen gestuurd. De andere helft heeft gewoon weer zijn oude baan: de elektricien is weer elektricien, de staalgieter weer staalgieter.' We hebben mensen beoordeeld op hun capaciteiten, niet op hun verleden', zegt Musetescu. ' Je kunt niet de hele oude garde doodschieten, velen van hen heb je nodig omdat ze kennis van zaken hebben.' Maar kennis van zaken en een besmet verleden hoeven elkaar niet uit te sluiten, en dat is wat de oppositie zo achterdochtig maakt. Musetescu: ' Ik heb ook mijn bedenkingen over heel wat ontwikkelingen, maar ik ga ze niet op een plein staan uitschreeuwen'.

Over die bedenkingen wil hij verder niets kwijt, maar wel zegt hij: ' Wat de oppositie wil, radicaal breken met het verleden, leidt in onze ogen tot rampen. Neem dit bedrijf. Onze orderportefeuille is tot ver in 1992 gevuld met binnenlandse vraag. We kunnen wel zeggen: bekijk het maar, wij gaan alleen produceren voor de internationale markt en lekker veel harde valuta verdienen. Maar het probleem is dat wij door de staatsplanning monopolist zijn voor de produktie van tientallen machines en onderdelen. Als wij ze niet produceren, verlammen we vitale onderdelen van de economie. En omgekeerd zouden wij zwaar worden getroffen wanneer andere bedrijven in Roemenie hun orders niet uitvoeren. Met honderdduizenden werklozen als gevolg. Wij moeten een economisch systeem reorganiseren, het land is geen tabakswinkel waar je even een nieuwe toonbank in zet, zoals de oppositie het voorstelt'. Musetescu zal het wel redden, straks in het parlement.

Wandeling

De adjunct-directeur heeft meer te doen, neemt afscheid en leent de vakbondsman als gids uit om dezelfde wandeling te maken die ons in januari onverwachts (en voor de directie onbedoeld) in de hal van de wilde stakers bracht en in de hal met de tanks voor Libie. Waar toen vuistdikke plakken ijs lagen, staan nu afrikaantjes te verpieteren in uitgedroogde plantsoenen. De bedrijfsomroep zendt weer uit, via luidsprekers aan alle gebouwen op het vijf vierkante kilometer grote fabrieksterrein. Er worden platen gedraaid voor jarigen, 'Lambada' is nog steeds een hit.

De vakbondsman, Petre Stoican, elektricien, is een man van weinig woorden. De meerderheid van de arbeiders is voor het Front, schat hij. De meerderheid vindt de nieuwe directie een verademing, vult hij aan. Er moet nog veel gebeuren, dat wel. ' De mensen moeten de tijd krijgen om aan de nieuwe omstandigheden te wennen. Een campagne voor co-interessering van de arbeiders is van groot belang', zegt de elektricien en men kan zich erover verbazen waar hij de terminologie zo snel vandaan haalt.

We vragen de chef metallurgie, Mihai Sofronie, te spreken, de man die ons in januari zo minzaam maar beheerst wanhopig volgde op de excursie door de krochten van Uzina 23 August. Sofronie wordt ergens uit een kantoor opgediept. Hij schudt langdurig handen. Zegt blij te zijn dat hij zijn gieterij nu onder normale omstandigheden kan tonen.

Normaal, wat heet normaal. In januari werd er niet gewerkt maar gestaakt. De gieterij is nu volop in bedrijf. Het is er heet, laaghangende stofwolken trekken amper weg door de deuren die aan alle kanten open staan. Sofronie neemt een lik rood gruis van de grond op z'n vinger. ' Een bindmiddel voor de zandvormen', zegt Sofronie. ' Zwaar gif.'

Niemand draagt maskers of kapjes. Die zijn er niet. Het probleem van de ventilatie hadden we al eerder besproken. De arbeiders in de hal kennen het woord silicose, de longziekte die duizenden van hun collega's het ziekenhuisbed en de dood heeft ingejaagd. Een bak vol vloeibaar staal, 1.200 graden celsius, zweeft aan een takel door de hal. Sofronie trekt ons meters uit de buurt. ' Gevaarlijk', zegt hij. Een arbeider houdt de bak vast om 'm in de richting van de gietvorm te sturen. Gebeuren er vaak ongelukken? Sofronie: ' Dat is al maanden geleden'.

Geen verbrandingen? De vakbondsman: ' Mensen branden zich dagelijks, dat noemen we geen ongeluk'. We maken aanstalten om de hal van de militaire produktie weer op te zoeken. Sofronie is te vriendelijk om nee te zeggen maar bezweert dat er echt niks bijzonders is te zien. ' De produktie is er met driekwart ingekrompen, we produceren alleen nog voor de binnenlandse vraag', verzekert de gastheer.

De wandeling door de hal verloopt schuifelend. Arbeiders worden voorgesteld die stuk voor stuk hun tevredenheid uitspreken over wat al is bereikt - en ze koesteren allemaal goede hoop over wat nog zal worden bereikt. Gaat de vooruitgang snel genoeg? ' Die mag niet te snel gaan, dan worden we werkloos', klinkt het vaker dan eens. De verkiezingscampagne van het Front is blijven hangen.

De hal met de tanks blijkt onbereikbaar. Het verzoek een teruggeplaatste partijbons te spreken te krijgen kan helaas niet worden ingewilligd. Sofroni en de vakbondsman zeggen ' rond te kijken' maar ze kunnen ' niemand vinden'. Wel bereiken we de 'nephal' waar sinds november vorig jaar niet meer is geacteerd en waar binnenkort een echte produktielijn wordt gebouwd. Sofroni klopt voordat hij de deur van de hal opendoet. Een staalarbeider en een staalarbeidster zitten met rode hoofden naast elkaar op een lopende band de vruchten van de revolutie te plukken.