Mitterrand gaat ongelijkheid te lijf

PARIJS, 31 mei De Franse president Mitterrand heeft de strijd aangebonden met de sociale ongelijkheid in Frankrijk. Deze week fulmineerde hij tegen lage salarissen en speculatiewinsten in onroerend goed. Mitterrand sprak in Auxerre, de stad van zijn niet-socialistische minister van arbeid, Jean-Pierre Soisson, bij de opening van een congres over werkgelegenheid.

Al eerder deze maand had de Franse president, die als een soort geweten boven de natie hangt maar het formuleren van concrete voorstellen overlaat aan de regering-Rocard, de voorzitter van de werkgevers gezegd dat deze 'het beloningssysteem van de laagstbetaalden moest herzien'. Volgens Mitterrand 'worden in 134 van de 164 beroepssectoren salarissen onder het wettelijke minimum betaald'.

Hij nodigde de sociale partners uit per branche onderhandelingen te beginnen over loonsverhogingen. 'Mochten de onderhandelingen mislukken, dan moet de regering ingrijpen', zo vervolgde Mitterrand zijn kruistocht vanuit Auxerre.

De regerende Franse socialisten zitten de laatste tijd in het nauw. De populariteit van hun politieke leiders, Mitterrand en premier Rocard, is danig geslonken, vooral door de amnestie voor corrupte politici, onder wie socialisten. Het pleidooi van Mitterrand voor een grotere sociale gelijkheid kan worden gezien als een terugkeer naar de bronnen van het socialisme, naar de ware politieke inspiratie. Mitterrand refereerde aan de jaren 1981-1983, onder premier Pierre Mauroy, waarin 'de socialisten hebben aangetoond dat sociale rechtvaardigheid economische voorspoed mogelijk maakt. Nu moet het economische succes meer sociale rechtvaardigheid toestaan'. Aldus de president in een welluidende frase, maar hij zegt niet dat de jaren onder Mauroy vooral een economische ramp voor Frankrijk betekenden.

Mitterrand sprak ook over betere huisvesting, scholen die geen machines voor selectie mochten zijn en de trieste werkloosheid. Opvallend in deze toespraak, waarin de uitgangspunten van het socialisme werden opgepoetst, was zijn aanval op de onrechtvaardigheid van verrijking zonder tegenprestatie. Al eerder is Mitterrand uitgevallen tegen 'het geld dat corrumpeert'.

Nu zei hij: 'Tegenwoordig kan men slapend rijk worden. Speculatiewinsten mogen niet de belangrijkste bron van comfortabele inkomsten zijn. Deze vorm van ondernemen moet bemoeilijkt worden.' Mitterrand doelde vooral op de enorme speculatiewinsten in het Parijse onroerend goed. Bij koop en verkoop van het gebouw van Shell konden de makelaars vorig jaar in een paar dagen een winst van 1 miljard franc bijschrijven. Met een verkoopprijs van 140.000 franc per vierkante meter (bijna 50.000 gulden) voor zijn hoofdkwartier versloeg de bank Paribas onlangs het record van Philips, dat op 110.000 franc per vierkante meter stond. Op het ministerie van financien studeert men op een wet om deze superwinsten in onroerend goed zwaarder te belasten. Voor dit begrotingsjaar heeft de regering al de vennootschapsbelasting verlaagd en de belasting op waardestijgingen van onroerdend goed verhoogd. Deze trend zal volgend jaar worden doorgetrokken.