Franstalig Afrika zit in een draaikolk van stakingen enrebellie

PARIJS/BRUSSEL, 31 mei Franstalig Afrika is terechtgekomen in een draaikolk van stakingen, demonstraties en opstanden. De leiders van Ivoorkust, Gabon en Zaire die vorig jaar juli in Parijs nog naast president Mitterrand stonden om het 200-jarig bestaan van de Franse revolutie te vieren, hebben dezer dagen de revolutie voor de deur staan. Met hard politie-optreden, en politieke beloftes proberen de presidenten Felix Houphouet-Boigny van Ivoorkust, Omar Bongo van Gabon en Mobutu Sese Seko van Zaire 'omwentelingen naar Oosteuropees model' te verhinderen.

De leiders uit Franstalig Afrika zoeken daarvoor steun bij Frankrijk hun bondgenoot in bange dagen dat in veel Afrikaanse landen 'de macht achter de schermen' is. In Abidjan, de hoofdstad van Ivoorkust, wordt elke minister bijgestaan door ten minste drie Franse adviseurs en vrijwel de hele staf van Houphouet-Boigny bestaat uit Franse ambtenaren. Daarnaast heeft Parijs na de onafhankelijkheid van Franstalig Afrika in het begin van de jaren zestig een netwerk van 'militaire pacten' gesloten met de jonge staten. Zo zijn in Ivoorkust, Gabon en Senegal Franse eenheden gestationeerd die direct kunnen ingrijpen om 'het zittende regime in het zadel te houden'.

West-Afrika is voor Frankrijk een achtertuin die het voormalige moederland een status van 'regionale mogendheid' geeft. De Afrika-politiek is daarom het werkterrein van de president in het Elysee die de Afrikaanse leiders regelmatig in Parijs bijeenroept voor een informeel overleg en een symbolische foto: Mitterrand omringd door een heel gezelschap zwarte ambtsgenoten.

Frankrijk maakte zich echter zorgen over Afrika na de val van de regimes in Oost-Europa. In Ivoorkust deden zich eind vorig jaar de eerste rellen voor die met geweld werden neergeslagen. Frankrijk besefte dat concessies noodzakelijk waren om de val te voorkomen van Houphouet-Boigny die in de jaren vijftig nog samen met Mitterrand minister was in de Franse regering. Het Elysee wist Houphouet-Boigny de stokoude president verblijft de meeste tijd van het jaar in Parijs te overreden om een meer-partijenstelsel in het vooruitzicht te stellen. De leider van Ivoorkust had geen andere keus dan in te stemmen met de Franse voorstellen. Zijn land verkeert in een economische crisis omdat de wereldmarktprijs van het belangrijkste exportprodukt, de cacao, tot een zeer laag niveau is gedaald wegens overproduktie. Frankrijk bood de helpende hand: het heeft een groot deel van de overtollige cacao-oogst opgekocht.

In de Westafrikaanse oliestaat Gabon gebeurde praktisch hetzelfde. Gabon heeft te kampen met enorme begrotingstekorten wegens lage olieprijzen en eerder dit jaar deden zich in de hoofdstad Libreville de eerste rellen voor. Onder druk van Frankrijk deed president Bongo daarop de belofte een stelsel met diverse partijen in te voeren. Maar dit weekeinde sloeg de vlam opnieuw in de pan toen de oppositieleider Josepf Rendjambe werd vermoord. Franse eenheden werden ingezet om 'de orde te herstellen' en veel medewerkers van het Franse oliebedrijf Elf-Aquitaine werden geevacueerd. Elf heeft de olieproduktie in Gabon stop gezet, tot grote woede van Bongo die heeft gedreigd de belangen van Elf over te doen aan de Shell de concurrerende oliemaatschappij als het Franse oliebedrijf de produktie niet direct hervat: de staatskas van Gabon is immers leeg.

Ook de Zairese leider Mobutu Sese Seko heeft zijn plannen voor invoering van een meer-partijenstelsel onder Franse druk doorgezet. Zaire is een vroegere kolonie van Belgie, maar Mobutu doet doorgaans een beroep op Parijs zodra zijn positie in gevaar komt: Frankrijk heeft de militaire middelen om te intervenieren. Mobutu, die zich al decennia laat vieren als de 'vader van de Zairese natie', raakte in paniek toen zijn vriend Nicolai Ceausescu eind vorig jaar ten val kwam. Het onaantastbare leiderschap en de autarkische economie van Ceausescu waren een voorbeeld voor Mobutu die Roemenie geregeld bezocht. Twee weken na de executie van Ceausescu besloot Mobutu de consultations populaires te houden. Hij reisde door het land en luisterde naar de lithanie van klachten die de Zairezen zonder vrees naar voren brachten. De toespraak waarin Mobutu op 24 april in Kinshasa huilend en hevig geemotioneerd aankondigde de alleenheerschappij van de regerende Beweging voor de Revolutie (MPR) te beeindigen, was volgens Afrika-experts in Parijs opgesteld door drie afgezanten van Mitterrand. Het 'hervormingsproces' in Zaire is echter al volledig uit de hand gelopen toen speciale eenheden van Mobutu, de Divisions Speciales Presidentielles (DSP), vorige week ruim honderd demonstrerende studenten in Lubumbashi om het leven brachten.

De DSP opgeleid door Israelische militairen en gerecruiteerd uit Mobutu's stam, de Ngbandis is als het ware de 'Securitate' van de Zairese leider. De DSP is bezig met het ontwapenen van dienstplichtige soldaten, die al in maanden geen soldij meer hebben gezien, en heeft vrijwel alle pantservoertuigen in eigen beheer genomen. Mobutu vreest dat het multipartisme in Zaire zal uitmonden in etnische en regionale conflicten, vooral in de zuidelijke koperprovincie Shaba, het voormalige Katanga waar zich in de jaren zeventig grote opstanden voordeden. Hij blijft daarom de vorming van een verenigde oppositie tegenwerken, en laat nep-partijen oprichten door zijn handlangers, meestal voormalige ministers. De Zairese oppositie spreekt daarom al van een multimobutisme.

Het bloedbad in Shaba's universiteitsstad Lubumbashi heeft Mobutu in een volledig isolement gebracht. De VS hebben alle kredieten stopgezet en Belgie wil een internationale onderzoekscommissie naar Zaire zenden, een verzoek dat Mobutu reeds heeft afgewezen. De wonden van het Zairees-Belgische conflict, dat begin dit jaar werd bijgelegd, zijn daarmee weer open gehaald. En ook Frankrijk heeft zijn afkeuren laten blijken. De voorbereidingen voor de top van de Francophonie een organisatie van Franstalige landen die het volgend jaar in Kinshasa zou plaatshebben, zijn opgeschort.

Afrika, waar Frankrijk als regionale politie-agent pleegt op te treden, is bezig een last te worden voor Parijs. De Franse particuliere bedrijven willende voormalige kolonies zo snel mogelijk verlaten omdat er geen winst meer kan worden behaald, en de doorgaans eenzijdige exportsector is ingezakt. De staatskassen van de Franstalige landen kampen met enorme tekorten, ambtenaren kunnen niet meer worden betaald. Parijs moet financieel bijspringen met ontwikkelingssteun. Maar bij het Elysee kloppen ook andere regeringsleiders op de deur, uit Polen, Roemenie en Hongarije, die tevens om kredieten vragen. Net als Afrika doet ook Oost-Europa een beroep 'op historische banden' met Frankrijk. Parijs kan het zich echter niet permiteren om Franstalig Afrika te laten vallen: het is er monetair mee verbonden. De Franse frank is in een vaste verhouding een op vijftig gekoppeld aan de frank CFA (de Communaute Financiere Africaine), het betaalmiddel in veel Franstalige landen van Afrika. De frank CFA zou met oog op de economische malaise in Franstalig Afrika moeten devalueren, maar dan moet de Franse frank mee. En daar zal Parijs niets voor voelen in tijden van Duitse eenwording die de D-mark tot veruit de sterkste Europese munt maakt.