'Theunisse moet niet aan schandpaal'

AMSTERDAM, 30 mei De Rotterdamse hartspecialist Jos Roelandt zegt er in 'sommige, goed begeleide gevallen' geen moeite mee te hebben dat een topsporter met behulp van spierversterkende hormonen snel probeert terug te komen na een blessure of ziekte. 'Waarom zou je Ruud Gullit niet in heel korte tijd gereed proberen te stomen voor het WK?', aldus de arts. Hij is tevens van mening dat de meeste (betrapte) sporters volkomen te goeder trouw zijn. 'Het zijn geen middelen die je bij de drogist koopt. Zo'n Gert-Jan Theunisse moet niet aan de schandpaal.' Roelandt, opgeleid in het Belgische Leuven en al tien jaar verbonden aan de Erasmus-universiteit, heeft gisteren bij zijn inleiding op het internationale sportmedische congres in Amsterdam gepleit voor een regelmatig inspanningsonderzoek met hartfilmpje voor sportlieden onder de 35 jaar. Door de verfijning van meetmethoden als de echocardiografie (omvang en massa van de hartspier) en de Doppler-techniek (stroomsnelheid bloed, vulling linkerkamer) kan daardoor volgens de specialist wellicht een aantal gevallen van plotselinge dood gerelateerd aan sportbeoefening kunnen worden voorkomen.

Sinds Nederland de laatste anderhalf jaar met zo'n grote regelmaat wordt opgeschrikt door het plotseling overlijden van jonge topsporters, vooral wielrenners, dat er steeds openlijker wordt getwijfeld aan een statistische toevalstreffer, is de roep om beter onderzoek versterkt. Dat zou volgens de experts zo'n anderhalf tot twee miljoen gulden kosten. En dan nog bestaat er natuurlijk geen zekerheid dat de plotse dood van sportbeoefenaars tot het verleden zal behoren. De medische wetenschap is tegenwoordig volgens Roelandt wel zover dat kan worden gezegd wat een normaal hart is en wat een abnormaal, maar veel atleten zitten in de tussenliggende grijze zone. Een 'normale' arts zal misschien zeggen: 'een afwijking, stoppen'.

Zijn minder verontruste sportcollega concludeert echter: 'het hart heeft zich normaal aangepast aan training, ga rustig door'.

Een oplossing zou zijn de sporter af te laten trainen tot het punt van aanvang. 'Dat zou misschien kunnen bij Erwin Nijboer, die een paar maanden is uitgeschakeld, maar niet bij een renner die aan de Tour mee gaat doen', aldus Roelandt.

Hij noemde als probleem de grote belangen die bij de profs meespelen. 'Niemand stapt uit de Tour met een klein griepje. Maar een virale hartspierontsteking kan levensgevaarlijk zijn. Ik vermoed zoiets bij die Ethiopische marathonloper, die laatst in Rotterdam moest worden opgenomen in het ziekenhuis.'

Vervelende incidenten ('een acute hartstilstand is niet verbazingwekkend, maar wel een zeldzaamheid en zal dat blijven') zijn volgens Roelandt niet geheel uit te sluiten. Geen enkele medische test is perfect, dus zullen zowel verkeerd positieve als verkeerd negatieve adviezen voor sportbeoefening blijven worden gegeven.

Vergroot hart

Roelandt: 'Ik heb onderzoek gedaan onder 53 marathonlopers, niet de elite, maar amateurs die 80 tot 160 kilometer trainden per week om na te gaan wat de effecten zijn. Ze beweerden geen anabolica te nemen. Ze waren mager en hadden een vergroot hart, maar gewoon een fysiologische verdikking van de hartspier en niet een pathologische. Wanneer bij goed getrainde wielrenners, in wie toch veel wordt geinvesteerd, geen afwijkingen worden geconstateerd, dan moeten ze beter worden onderzocht dan door bloeddruk meten en een fietstestje.'

'En dan nog zullen er (on)gevallen blijven. Stimulantia, anabolica: krijg het bewijs maar eens in handen. Ik durf wel te beweren, dat er nog steeds druk wordt geexperimenteerd en flink geslikt. Er is per slot van rekening altijd interesse geweest sportprestaties te verbeteren. Ga maar eens met oude wielrenners praten. Ze willen liever niet in het eigen nest schijten, zoals ze in Belgie zeggen, maar dan nog hoor je veelzeggende verhalen. Het zal niet te bewijzen zijn, maar er is en wordt natuurlijk enorm gedrogeerd.' Overigens lopen oud-wielrenners volgens Roelandt ook nog om andere redenen dan een afwijking of doping gevaar aan een hartkwaal te bezwijken. 'Velen stoppen zo met trainen en gaan na hun carriere achter de tap staan, eten slecht, roken stevig, worden dik. Ze waren altijd al gewend voor een wedstrijd om zes uur in de ochtend nog afgezien van de koolhydraten grote biefstukken, eieren en spek en dus enorme hoeveelheden cholesterol naar binnen te stouwen. Die lopen een goede kans na hun 35ste neer te vallen.'