'Onderwijs en arbeidsmarkt beter koppelen'

DEN HAAG, 30 mei De inschrijvingsduur in het hoger onderwijs zal worden teruggebracht van zes naar vijf jaar. In het beroepsonderwijs en het wetenschappelijk onderwijs dienen met het bedrijfsleven 'leer-arbeidsovereenkomsten' te worden afgesloten.

Dat zijn enkele van de aanbevelingen van een commissie onder leiding van Philips-topman mr. ir. F. Rauwenhoff die heeft onderzocht hoe de aansluiting van onderwijs en arbeidsmarkt kan worden verbeterd. Het rapport van de commissie, waarvan vorige week al delen bekend werden, werd vandaag aangeboden aan minister Ritzen (onderwijs). Voor het wetenschappelijk onderwijs zou een 'leer-arbeidsovereenkomst' bijvoorbeeld betekenen dat een student geschiedenis een overeenkomst sluit met een bibliotheek of onderzoeksinstituut om daar enkele maanden te werken. De overeenkomst moet deel uitmaken van de diploma-eisen.

Ritzen sprak in een eerste reactie van 'onconventionele voorstellen waarvan ik sommige al kan verwerken in de onderwijsbegroting van 1991'.

Welke concrete voorstellen dat zijn wilde Ritzen niet zeggen. Het kabinet gaf in het regeerakkoord opdracht om de commissie in te stellen, omdat het onderwijs te veel gediplomeerden aflevert voor wie geen werk is of wier opleiding niet goed aansluit op het beroep dat ze gaan uitoefenen. Ook breken veel leerlingen hun opleiding voortijdig af.

De commissie wil dat overheid en bedrijfsleven een gezamenlijke inspanning leveren om de positie van voortijdige schoolverlaters op de arbeidsmarkt te verbeteren. Deze vinden vaak een baan in voornamelijk het midden- en kleinbedrijf om die na enkele jaren weer kwijt te raken.

Deze ongeschoolde werkloze jongeren zou op kosten van de overheid alsnog een opleiding geboden moeten worden tot het niveau van aankomend vakman (kort middelbaar beroepsonderwijs). Bedrijven die laaggeschoolde jongeren in dienst hebben, moeten hun werknemers de gelegenheid geven dat niveau, een 'startkwalificatie', alsnog te halen. Voor bedrijven die weigeren kunnen sancties volgen. Welke is nog niet duidelijk. De aanbeveling om deze ondernemingen te beboeten, zoals vorige week werd gemeld, is op het laatste moment geschrapt onder druk van de vertegenwoordigers van het bedrijfsleven in de commissie.

De commissie acht voorts het diploma van het lager beroepsonderwijs van onvoldoende niveau om enige kans op de arbeidsmarkt te hebben. LBO maar ook MAVO worden in de voorstellen afgeschaft. Na de driejarige basisvorming staat de leerling alleen nog de weg open naar hetzij HAVO/VWO, hetzij een beroepsopleiding tot het niveau van de 'startkwalificatie'.